My darling, what if you fly?

Het is bijna zo ver….. Volgende week rond deze tijd hangen ze in de lucht en overbruggen de 7769 lange kms naar de nieuwe spannende thuisbasis. Schoondochter telt de seconden af, zoon is afwachtend en benieuwd.

Een vriend die bij de Nasa werkt, leerde me iets moois. Als ze een raket afschieten, wordt die van de grond afgestuurd tot op zekere hoogte, daarna vliegt de raket op zichzelf. Dan zeggen ze ‘guidance is eternal’. Zo is het ook bij de opvoeding. Je begeleidt en leidt de kinderen, steunt en stimuleert, leert hen nadenken en steeds meer zelf de leiding nemen over hun leven. En op een dag moet en kan je – en mogen zij- erop vertrouwen dat de inwendige gids gevormd is. Dat is vrijheid : weten dat je op je eigen kompas kan vertrouwen‘.

Het zijn niet mijn woorden, maar van Caroline Pauwels, ex-rector van de VUBrussel. Onlangs op 58-jarige leeftijd verloor ze de hevige strijd tegen maag- en slokdarmkanker. Een vrouw met charisma, met levensenergie, met verbindende ideeën en vooral veel positiviteit én possibiliteit, une grande dame met tonnen levenswijsheid.

In het leven is er altijd wel een tegenwind die opsteekt. Soms zit dat in grote dingen, soms in kleine. Je hebt vaak het gevoel dat je gaat vallen. Dan vind ik deze zin uit een gedicht van de jonge Australische Erin Hanson zo mooi : ‘What if you fall? Oh but my darling, what if you fly?’. Waarom zou je je laten verlammen door angst? Als je denkt dat je zal vallen, is de kans groter dat je valt. Maar als je gelooft dat je misschien zal vliegen….?

Zij springen dus binnenkort in the jump of life. De laatste restjes aanvaarding ben ik nog volop aan het oefenen. Maar oefening blijft kunst baren.

Een laatste familiefeestje in het teken van Canada (Vancouver), onder (te)veel bomenschaduw en met een gezellig gedekte buitentafel vol lekkers is genieten. Genieten met gemengde gevoelens. Een laatste keer…..voor lang toch…..het glas heffen…..wachten op de speech…..die niet komt……babbelen over het onbekende nieuwe leven……over missen en gemist worden….over onzekerheden en beslissingen.

Onder de vlag van Canada wordt getoost op al wat goed was én is.

Alpen beleven

Zonet kwam een felicitatie binnen omdat ik reeds zes jaar blog. Wat vliegt de tijd. Hoewel minder frequent hoop ik nog jaren vol te houden, ook al herlees ik zelf zelden een eigen schrijven. Maar er is een verbinding ontstaan met mijn lezers. De meesten ontmoette ik nog niet in levende lijve en toch lijkt het alsof ik hen goed en beter ken via de geschreven taal. Schijven en lezen voelt aan als een mooie verrijking. Ieder doet het op zijn manier, met eigen interesses en persoonlijke schrijfstijl. Het voelt aan als pure vrijheid.

By the way werd een vaag idee een must do. Als kind en jongere mama ven drie was Oostenrijk vaak onze reisbestemming. Bergwandelingen op slippers, ik hoor mijn moeder nog roepen hoe onverantwoord ik bezig was, maar ik was heerlijk jong en onbezonnen. Ik moest en zou die top bereiken. Eens doorzetter, altijd doorzetter. Later hield ik mijn hart vast als de eigen kinderen op de flank liepen naast een flinke ravijn in de diepte. Telkens weer opnieuw waren daar de prachtige vergezichten als beloning voor gedane inspanningen. “Ik wil graag nog eens de bergen zien vooraleer….”. Het klinkt dramatisch, maar met die woorden overtuigde ik manlief om nog eens de verre afstand te overbruggen. We klonken erop en legden de reis vast, of was het net omgekeerd?

In twee dagen reden we er heen. Losjes op ’t gemak. Dan konden we nog even Heppenheim in Duistland met een oergezellige oude dorpskern en mooie bloemenstraatjes meepikken. Het was er snikheet. Zalig hij of zij die airco in de auto heeft uitgevonden.

Begrijp je nu waarom ik zo graag hierheen wilde’, vraag ik manlief bij het binnenkomen van onze nieuwe tijdelijke woonst. Het uitzicht op de Zugspitze vanuit het hotel is ronduit schitterend. In de zon, in de regen, omgeven met schapenwolkjes of met dreigende wolken, in de mist wordt alles wazig.
Het hotel is één groot modern vierkant, geen typisch Oostenrijkse stijl, waarbij de kamers rond de vier verdiepingen hoge loungebar liggen. Wat aanvankelijk een doolhof lijkt, zit eigenlijk heel goed en comfortabel in elkaar. Om onze kamer te bereiken stappen we 200 meter via de vele schuine wegen die naar de etages leiden. Gemiddeld doen we het vijf keer per dag, je kan je niet voorstellen hoe snel een mens iets op de kamer vergeet!, op en telkens ook af, reken alvast op 2 volle kms binnenin ‘My Tirol’. Klik.
Ontbijt en avondmaal (telkens in een ander thema) zijn super met een heel ruime keuze aan groenten en fruit. We eten ons daar (te) dik.

Het blauwe-wegen-hotel

En de geleende Nordic Walking stokken hijsen me de hoogte in. Ik overtref mezelf, nooit verwacht want de spieren zijn niet altijd mijn beste vriendjes. Glooiende alpenweides met rinkelende koeien, ruige rotspartijen, eeuwig (?) stromende watervallen, vele felgroene meren waar je kan in zwemmen, voor mij te koud uiteraard. Klein- en schoondochter wagen zich aan ingewikkelde canyonbeproevingen en raftings. Ze komen heelhuids en fier thuis. De 13-jarige kleindochter waagt zich aan sprongen 10 meter de diepte in, hangt met touwen aan rotsen en lacht met de minder galante, maar heel moedige moedersprongen. Ze doen het toch maar, onder begeleiding van de gids.

Raad van de zoon is nooit te versmaden. Hij overtuigt ons een mountainbike met batterij en goede helm te huren. Aanvankelijk fiets ik een beetje onwennig, vreemd stuur, speciaal zadel en hulpjes moeten worden uitgetest. Maar het wordt een 45-km-tocht vanuit Lermoos naar Bergwald en verder. De fietsen hebben een krachtige motor, totaal anders dan mijn eigen simpele e-bike en ik krijg de smaak heel erg te pakken. Angsten worden overwonnen, ik ben de baas over de fiets die me vele hoogtemeters helpt stijgen en met stevige remmen ook helpt afdalen. Een unieke ervaring. Bergen overwinnen op de fiets! Oma en kleinzoon aan de top. Zoon fietst zonder ondersteuning, laat ik het maar op de leeftijd steken.

Wiebelend wandelen we de meest spectaculaire wandelhangbrug van de Alpen over. De Highline 179 (klik) verbindt de beide kastelen met zijn totale lengte van 406 meter en op 113 meter boven het dal. Spannend, maar de moeite waard. Het uitzicht is prachtig en de brug gelukkig stevig. Dat laatste maakten we onszelf voortdurend wijs. Wankelend probeert zoon met de hond te stappen, die het algauw voor bekeken houdt en als een dronkenmanhond snel terug veiliger oorden kiest.

In een stevig onweer schuilen we in de open hut. Hond kruipt snel onder de balken, de knallen maken hem zichtbaar bang. Het is niet koud en heerlijk om de bui vanuit ons rustplekje op een gestalde tractor te zien en horen voorbij trekken. Onvoorwaardelijk verbonden, onweer en bergen!

En ja, ik heb mezelf overtroffen. Ik zei het al. Verloren lopen, zoonlief was er niet bij voor de goede oriëntatie en de smartphone liet ons zomaar in de steek, die durft!, te steile wegjes niet wagen en onduidelijke wegwijzers zorgen voor bijna 17 km in de vermoeide benen. Maar we houden dapper vol, enkel een helikopter kan een oplossing bieden, maar zover laten we het niet komen. Nat van het zweet en met loodzware benen worden we in de watten gelegd door de familie, of bleef dit bij wishful thinking? We deden ruimschoots onder voor de zoon die een col buiten categorie had overwonnen op zijn koersfiets….. Laat ik het maar terug op de leeftijd steken.

De stokken houden me overeind……

Rijn. Uitzicht op. In Bad Breisig doen we na eindeloze files (Duitsland is een krak in wegenwerken) een laatste overnachting met zicht op de machtige stroom. De volgende dag staat nog een bezoek aan de abdij van Maria Laach in het vulkaanlandschap van de Eifel op het programma. Gewoonweg prachtig, zowel omgeving met tof smeedwerk in de tuin als de kerk. Op het terras genieten we voor de allerlaatste keer de lekkere Kaiserscharrm mit Apfelmus.

Een massa foto’s heb ik genomen, ik bespaar je ze graag, dus beperk ik me tot twee.
Verbind alle zwart-gedrukte hoofdletters van de vorige paragrafen en zo ontdek je het dorpje waar we logeerden. Veel puzzelplezier.

(te)Veel musea

We houden ons graag aan de traditie sinds vele jaren en trekken erop uit met onze kleinkinderen. Het voelt toch net even anders dan vroeger met de tienerkleinzoon en puberkleindochter. Ze hebben duidelijk een eigen mening waar mee rekening dient te worden gehouden. Ze zonder meer op sleeptouw nemen is niet langer een optie. Het maakt het daarom niet minder boeiend.

Zoals vaak trekken we weer richting Nederland, terwijl België ook veel prachtige plekken heeft. Misschien voelt het buitenland meer aan als echt op reis? Wij plannen de dagen vol, te vol, maar die wijsheid komt maar met de uren.

Na een rustige rit, de smartphone doet ondertussen volop zijn intrede en zorgt voor het nodige vertier tijdens te lange autoritten, belanden we vlot in Den Haag. We lunchen in Dudok, waar mooie herinneringen aan fijne babbels met blogster Riet blijven hangen. De hoge industriële ruimte ademt een statige sfeer, het eten is er lekker, de bediening heel vriendelijk en de taarten super in keuze én vooral in smaak. Zelfs de kleinkinderen, geen echte zoetebekken, vinden er vlot hun gading.

Het binnenplein staat nog steeds in de stelling. Het Mauritshuis viert zijn 200-jaar bestaan en de voorgevel staat letterlijk in bloei. “Het onmogelijke boeket” aan de gevel, 16 meter hoog, toont een kleurrijk spektakel aan imitatiebloemen, die simpelweg niet in eenzelfde seizoen tot bloei kunnen komen.
Er zijn ook 10 000 voorjaarsbollen verwerkt, de bloembakken werden gemaakt door een 3D scanner uit 100% gerecycled huishoudafval zoals shampoodopjes. We nemen de tijd voor fleurige foto’s, kleinkinderen moeten spontaan poseren, niet altijd even opgewekt, maar dat ontdek ik pas als ik de foto’s grondiger bekijk.

De middeleeuwse Gevangenpoort is een spannende plek, waar de kinderen geboeid kijken naar hoe het vroeger was, en nu nog in sommige landen, hoe verschrikkelijke tijden zich daar hebben afgespeeld en hoe er een onderscheid werd gemaakt tussen rijke en arme gevangenen. Hoewel er echte marteltuigen staan, is dit museum heel leerrijk en niet sensatiegericht. Zeker de moeite.

Na enige discussie, de tiener had er geen zin meer in en de puber telde af, besluiten we toch nog even binnen te ‘springen’ bij Escher. Zelf vind ik zijn werken fascinerend. De kinderen minder, ergens onderweg hoor ik het woord ‘saai’ en ‘wanneer zijn we buiten?” vallen. Toch nog wat te jong? Het valt dubbeldik tegen als blijkt dat we nu tijd hebben gespendeerd die eigenlijk voor het binnenzwembad van het hotel bedoeld was. De kinderen blijven droog…. Jammer, maar helaas….

De volgende dag komen Anne Frank en een bezoekje aan Amsterdam aan de beurt. De overvolle sprinter brengt ons tot in het station. We geven schandalig veel geld uit aan de schommels, Europe’s Highest Swing. Wat een geluk voor onze portemonnee dat de mannen bang zijn en liever vaste grond onder de voeten houden. Het uitzicht over de stad is schitterend op het dak van Amsterdam. Het schommelen heeft een heerlijk magisch effect op onze magen, maar die twee minuten zijn veel te kort en prijzig. En ja, daar hangen de vrouwen, de voeten over de rand, de adrenaline stroomt door onze aders. Samen lachen we de angst uit ons lijf. Dappere vrouwen, we zorgen zelf voor de pluimen op onze hoed.

Amsterdamtoren, 100 meter hoog, en bovenop de schommels

Anne Frank kennen de kinderen van de film en van het dagboek. De audiotour is boeiend, een must hear and sea! Heel beklijvend, ook de kinderen worden er stil van. Een stuk geschiedenis waartegenover de vroegere Coronabeperkingen enkel maar in het niet vallen. Jaren geleden bezocht ik het al, met de oortjes is het nog meer indrukwekkend. Puur respect voor de mensen die het gezin in huis namen en voor de moed en schrijfkunsten van Anne! Twee volle jaren….

Uit een kleine evaluatie achteraf bleken de kinderen toch best tevreden, de moppersessies waren maar tijdelijk.

Ik sta niet langer met de mond vol tanden….

Eén van de nadelen van ouder worden, ik moet dringend op zoek naar de voordelen!?, is dat je omgeving mee veroudert en je op zoek moet naar nieuw jong talent onder het medisch team waaraan de nood steeds groter wordt. Dokter én tandarts gaan op pensioen, het is hen gegund, als ervaringsdeskundige wens ik hen het allerbeste, maar ondanks mijn glimlach zit ik met de handen in het haar.

Veel speurwerk helpt ons uiteindelijk aan de nieuwe huisdokter, die enkel nog mensen aanvaardt die binnen de 3 km wonen. Hij gelooft me op mijn woord als ik beweer dat zijn thuis amper 2.34 km voorbij mijn huis ligt. Oef, dat probleem is van de baan.

Vol nieuwe moed zet ik mijn tanden in de volgende zoektocht. Elke telefoon botst op een njet wegens volzet. Met het nodige haar op mijn tanden geraken we uiteindelijk binnen in de vrij nieuwe groepspraktijk.

De superman die me 40 jaar trouw bijstond in pijn en tranen, ik ben nu éénmaal een ongelofelijke seut eens ik met de tanden bloot lig, stopt op 1 juli. Een doos chocolade met een gemeende dankjewel krijgt hij als afscheidscadeau, ook een sorry voor het toekomstig tandenleed dat bij teveel aan suiker hoort.

De kennismaking met de nieuwe jonge tandarts ligt vast voor november. We hebben tijd…..

Tien dagen na het zoete cadeau duikt hevige pijn op en blijkt uitstel tot die bewuste dag in november niet langer mogelijk. Ik dring aan op een versnelde afspraak.

Met een klein hart, eens seut, altijd seut, stap ik zijn kabinet binnen. Het bed gaat omlaag, het felle licht schittert in mijn ogen, dat belooft migraine. Maar ik blijf dapper liggen. Eén minuut later is mijn toekomst beslist, die tand moet eruit, er is geen andere optie. Oei, oh, neen toch!?

Ik besluit mijn lot te ondergaan. Vier stevige, kordate prikken in tandvlees en gehemelte maken mijn mond gevoelloos. Vooraleer ik smeek om de hele procedure stop te zetten, alles is nu plots zo heerlijk doof, zit de breektang reeds in mijn mond. Ik zou ik niet zijn als alles vlot zou verlopen. Iets met dubbelbreken en kraken en lastige tand. Ondertussen hangen twee gezichten over mij, ze vertellen gezellig over het komende WE en leuke nieuwe restaurantjes in de omgeving, het water loopt me in de mond. Ze negeren straal mijn kreungeluiden, die worden overstelpt door drilboren en enthousiaste plannen, waar ik me wellicht in normale omstandigheden iets zou kunnen bij voorstellen. Nu lig ik enkel met mijn mond vol tanden.

Of toch niet….

Eindelijk hoor ik de verlossende woorden ‘hij is eruit’. Er wordt een doekje voor het bloeden tegen de gapende wonde geperst. Ik mag vooral mijn mond niet open doen. Ondertussen vuurt hij vragen op me af. Mijn antwoorden beperken zich tot pffff en mmmm en ssssss. De zenuwen gieren door mijn lijf. Hij mompelt nog snel iets over Dafalgan en geen warme dranken, om vervolgens zijn WE verder vrolijk in te plannen. Beduusd blijf ik nog even luisteren tot ik eindelijk de 135 Euro kan neertellen voor gedaan leed, veel pijn, groot gemis en inspiratie voor lekkere plekjes in de dichte omgeving.

Ik heb de zon zien zakken in de zee

Strooien met niet-verdiende punten was nooit echt met ding. Maar deze keer geef ik vlot een 12 op 10. Kan dat? ja, in uitzonderlijke gevallen. Ooit deed ik het bij leerlingen die dit dubbeldik verdienden. Leopolder, klik, ons vakantiehuis in Zuienkerke spant de kroon. Op drie km van het strand in Wenduine staat het huis met 7 slaapkamers en een reuze living middenin de polders. Vergezichten en kleurrijke zonsondergangen zijn een dagelijks traktaat, met grote hof en trampoline als speel-spring-veld voor de kinderen.

Ongeveer dertig man komt er (over de week verspreid gelukkig) over de vloer voor koffieklets, eten, lange en korte babbels, een voetbaltornooitje, een dog-wandeling, een lach en een traan, een ruzie met kinderverdrietjes. Drie honden zijn logeetjes en drie andere dartelen vrolijk samen in de grote tuin. Petanque spelen met honden die op rollende ballen aanvallen en deze vlot een beter of minder goed plaatsje in de rangschikking bezorgen, met stimulerend gejuich of grote ergernis tot gevolg, is een tof spel met onverwacht spannende momenten.

De drie km naar zee worden dagelijks afgelegd, met de fiets, de auto of te voet. We maken reusachtige zandkastelen, stevige grachten, wallen en dammen waar kinderen oorlogje spelen, zij als dappere Oekraïners, de zee wordt Rusland gedoopt. De zee die telkens weer opnieuw overwint. Bij de bouw van de kastelen dragen groot en klein water naar de zee, elke inspanning wordt ondanks veel zweet, bloed en tranen in een half uurtje teniet gedaan, de ongelooflijke kracht van het water… Ze geven zich over aan het geweld en scheppen uiteindelijk vriendschapsbanden, het water is genadig warm, de golven zijn er om overheen te springen en de zee vormt een heerlijk groot zwembad. Ik geniet, droog!, de stralende gezichtjes en de vele blije kreten. Traditioneel wordt elke overwinning gevierd met een bolletje ijs in alle kleuren van de regenboog.

De dappersten

Zeven dagen op rij genieten we een schitterend schouwspel. Daar, dicht bij de zee, voel je je nietig. Intens het moment beleven.

Bij reservatie, tien maand geleden, bestelden we ook de zon, we kregen ruim waar voor ons geld. Kinderen in bed, stil in huis, en vanuit de luie zetel de zon zien zakken in de zee. Er is weinig tijd voor schermen, het geeft een heerlijk ontspannen gevoel. Niets moet en niksen mag, echt vakantie dus. Eten en slapen op geregelde tijden is de enige ‘zorg’.

Met de stilte komt nu ook de leegte terug in huis. Eigenlijk zou ik een leven samen best zien zitten, waar groot en klein op eenzelfde erf woont, waar oud en jong elkaar levendig houdt, waar groot klein ziet opgroeien en klein groot fris houdt, waar samenleven evident is, met discussies en gezellige momenten, waar hulp altijd voorhanden is, waar de zon (liefst zonder hitte) altijd schijnt. Meer vraag ik niet….

Dank je kinderen voor het fijne gezelschap, voor de losse babbels en verrijkende discussies, dank je kleine kinderen voor je zorgeloze lach en uitbundig spel, voor jullie intens-in-het-moment-leven, dank je L voor de lieve woorden ‘Ik vind het hier zo super-super-fijn, oma!’, dank je zus en schoonbroer voor het etentje met zicht op zee, dank je A-S voor een wijs gesprek, dank je L dat wij er konden zijn voor jouw verdriet. Omdat niemand hier mee leest, kan ik dit vlot schrijven.

Amfora en perikelen

De dag begint moeilijk. Vroeg opstaan is niet echt mijn ding. Ik blijf nog even soezen, wat inhoudt dat alles in een haastje-repje moet gebeuren, waar ik me dan wéér niet goed bij voel. Eigen schuld, dikke…. zeker? In race-modus fiets ik naar het station, waar ik bijna vergeet mijn (dure) fiets op slot te zetten. Gelukkig wijst de eerlijke fietsgebuur me op mijn vergetelheid. “Maar mevrouw toch, in deze tijd van….”, en mevrouw brengt dit stante pede in orde. Snel, snel, een ticket aan de automaat, er staat gelukkig geen kat, ook geen mens, voor me in de rij. Op de trein, die net het perron binnenkomt, is het puffen en blazen. Eindelijk rust met de Metro-krant en mijn smartphone om de allerlaatste instructies bij te lezen.


De conducteur komt langs, gewillig toon ik mijn senior-biljet. Als 65-plusser kan ik goedkoper reizen, gans het land door voor dezelfde prijs van amper 7,60 Euro.
Weeral…..”Maar mevrouw toch, dit ticket is niét geldig voor 9 uur”. Want ja, ik was vroeg op stap, niet geheel naar mijn gewoonte.
Ik verdrink me in excuses “Oh mijnheer, compleet vergeten” en met een charmerende glimlach “Ik was duidelijk te gehaast deze ochtend”…. Een waarheid als een koe.
“Mevrouw, dat zeggen ze allemaal. Sommige conducteurs laten het toe, ik dus éééécht niet. Ik ken de trucken van de foor. Sorry, maar dit wordt dus een stevige boete.”
Ik verdrink nog meer “Maar mijnheer, ik spreek éééécht de waarheid. Dit overkomt me nooit meer. Ik heb overigens een verminderingskaart van de kroostrijke gezinnen en daarmee zou ik voor die eindhalte amper 20 cent meer betalen.” Ik graai tussen mijn klein geld.
Hij wordt duidelijk boos en begint verwoed te tikken, hij wil controle uitvoeren.
“Je hebt gelijk. Maar toon me eerst die verminderingskaart.”
Ik begin te zweten, ik heb ze, heel zeker, maar ze zal toch niet in mijn andere handtas zitten? Ik zweet nog meer, want ik vind ze alvast niet….. De man wacht ongeduldig en kucht te hard, vele ogen van medereizigers zijn op mij gericht. Waarom heeft deze tas ook zoveel verborgen zakjes?
Eureka, ze komt boven. Fier toon ik hem mijn gelijk.
Met een “Goed voor één en slechts één keer” kom ik ervan af, de 20 cent blijft me bespaard. Boos trapt hij het af, hij verloor teveel tijd, die oudjes ook altijd….. Geamuseerde én medelijdende passagiers glimlachen. Het treintoneel maakt de slaperige ochtendspits klaarwakker. Ik zucht en verstop me achter mijn smartphone, geconcentreerd lezen lukt niet. In Gent Dampoort mag ik er gelukkig af, opgelucht sluip ik richting vrijheid.

Buiten straalt de zon. Dat is me ontgaan. Een wandeling in het drukke fietsverkeer langs het Coyendanspark met de vroegere Sint-Baafsabdij in haagbeuk, langs de Schelde en de school van de kleindochter brengen me tot rust. Ontspannen kom ik aan in het Sint-Baafshuis, waar de laatste lesdag van Amfora (klik) doorgaat. Het weerzien met de medecursisten is altijd een blij moment. Het voelt aan alsof we elkaar al jaaaaaren kennen.
We deden veel ervaring op, met veel huiswerk waar ik veel tijd in stak. Drie keer veel is veel.
De manier van schrijven kregen we onder de knie, met de nadruk op elk detail. De lesgeefster is en blijft journaliste. De commentaar was streng, maar rechtvaardig met blijvende milde ondertoon. We komen om te leren.
Mijn laatste ‘cliënte’ is een super lieve vrouw, die al een jaar in extra-time leeft, maar bewonderingswaardig positief blijft en geniet van elke dag die ze nog krijgt. Ze is ontzettend blij met het levensportret, door mij in een mooi boekje gegoten.
De laatste dag is intensief, we leren met sjablonen werken, foto’s toevoegen, kaders vullen met bliktrekkers, sober en toch expressief aanvullen. Terug die paniek, mijn laptop geeft forfait. Samen komen we tot rust, en herbeginnen vol goede moed.

Met lesgevers en ‘studenten’ gaan we iets drinken en napraten op het mooiste binnenpleintje van Gent, in de schaduw van het statige conservatorium en gebouwen met geschiedenis. De avond is lang en gezellig, de biertjes smaken fris. Telefoonnummers worden uitgewisseld, een nieuwe groepsapp staat op de planning. We zullen elkaar en de lessen missen.
Tevreden neem ik de trein terug naar huis, deze keer wél binnen de juiste uren en zonder vertraging. Een mens mag al eens chance hebben….

Het was een rijke ervaring, klaar nu voor het echte werk.

Op facebook

Lente en feest

Lang geleden dat we nog een lentefeest genoten. De zomer kondigde zich zaterdag heet aan, in het zweet probeerde ik de voorgenomen klusjes rond te krijgen. De bedoeling was een paar dessertjes te maken voor zondag. Ik had totaal geen besef van de hitte van een zoet bakkend wafelijzer. Zweetdruppels en ijsblokjes zorgden voor een minimale verfrissing.

De kleinste kleinzoon wordt groot. Te snel. Hij houdt wel van een feestje en grotere broer mag mee feestvarken zijn, want zijn beurt is zomaar overgeslaan, je weet wel…..

Een toffe locatie met veel groen en afkoelende bomen beschermen tegen malse regenbuien. Mals klinkt te mals. De kinderen storen er zich niet aan, net als de honden. Een doorregend glaasje Cava lest net zo goed de dorst.

Ik herinner me mijn eerste communie, een groot feest in een mooi roze kleedje met witte sokken in even witte schoentjes. Het was opletten geblazen want wit moest wit blijven. Nu zie ik vooral voetbaltenuetjes in alle kleuren van de regenboog, veel spelende kinderen en uitgelaten honden. Ongedwongen babbels tussen de vele slaatjes en desserten, in alle smaken en calorieën. Iedereen is vrolijk en vrij, en dat zorgt voor leuke babbels met minstens even leuke mensen. Kinderen gaan op speurtocht door de zolderkamers, in een niet zo ver verleden het toevluchtsoord van echte broeders, met naamkaartjes op de deur als stille getuigen. Stoere oma moet helpen angst onderdrukken en mag voorop. We sluipen en kruipen, tot mijn slechte ik een luide ‘boe’ niet langer kan bedwingen en kinderen rillen en trillen. Daarna breekt de chaos los, groot en klein brullen tegen alles wat spannend oogt. Het hek is van de dam, met veel lawaai bannen we spoken en geesten.

We eindigen met een mooi symbool. De eigenaar van het vogelopvangcentrum en vriend van de zoon komt toe met grote kooien, gedragen door nieuwsgierige kinderhandjes. Wat zit erin? Horen ze daar geen gefladder? De vogeltjes krijgen vrijheid, na weken van intensieve verzorging. Uit het nest gevallen kleintjes komen op eigen vleugels te staan. De kinderen helpen hen, soms met bange hartjes, in de nieuwe vlucht. Een piepklein eekhoorntje is de kers op de taart, gered uit de handen van boze klauwen kan het nu zijn eigen boom uitkiezen. De keuze is vlug gemaakt. Hij lijkt vastberaden.

Klein wordt groot.

Life all comes down to a few moments, this is one of them

De tijd vliegt snel, gebruik hem wel. Dé wijze raad van mijn moeder. Een cliché, maar oh zo waar. Ondertussen zit onze uitstap er weeral een week op. Vier fietsdagen Nederlands Limburg  stonden op het programma. Het beloofde geen denderend weer te worden, maar afzeggen was geen optie, nieuwe data zijn niet meer voorhanden, ondanks we alle vier de status van pensionado hebben bereikt.  Gewapend met regenjas, een paraplu die toch niet erg handig blijkt op de fiets en veel vervangkledij vertrekken we richting Tante Jet in Blitterswijck, waar een droog terras met zicht op de Maas en warme trui nog net lukt.

Drie veerboten en de fietsen varen en rijden ons doorheen het prachtige Maasduinengebied. De paarden in de enorme vlakte poseren dolgraag mee voor de foto. Drie man en een paardenkop op de zanderige heide.  Privacy naar onze vrienden toe verbiedt me deze beelden te publiceren, de knip-af-functie komt dus goed van pas. Jullie krijgen een ‘gekuiste versie’. Het paard weet van geen wijken, geniet ons dichte gezelschap graag.

Een onverwacht heerlijke thee-bloemen-tuin De Roode Vennen in Broekhuizen, verborgen tussen de lange grassen en struiken, trekt onze volle aandacht. De ‘unieke theebeleving’ is verrassend. Met kleine slokjes van puur genot slurp ik de Chai Tea Latte, een Indische thee van verkwikkende kruiden, vers bereid en afgewerkt met een scheutje gembersiroop. De quote op het theezakje met ‘Life all comes down to a few moments, this is one of them’ spreekt boekdelen. De compagnie laat zich niet verleiden, ondanks mijn lofzang, en houdt het bij een klassieke koffie. Moet je daarvoor een theetuin induiken?
We fietsen langs Acren en zijn kasteeltuinen. Tijdsgebrek en honger verhinderen een bezoek. Enkel voor de sanitaire stop is heel even kans. Achter de gesloten poort zien we nog een glimp van de tuin in Lottum, het Rozendorp waar prachtige bloemen onze ogen en neus strelen.

De volgende dag valt letterlijk in het beloofde water. Hooguit tien km fietsen we droog langs de Maas van Steyl naar Venlo. Steyl is een heel mooi kloosterstadje. De sobere Sint Michaël, pure stijl in Steyl, biedt troost én bescherming tegen opdringerige druppels. Tussen de buien door besluiten we toch om ons programma af te werken. De toffe botanische Jochumhof is dit waard. Langs kleine paden stappen we doorheen een beheersbare verwildering met prachtige bloemen, heesters en bomen. Sommige mensen noemen het ‘een rommelig geheel’, maar wij snuisteren er ontspannen, ontdekken bloemen met originele namen, die we even vlot weer vergeten. De overnachting in Oolderhof in Herten bij Roermond blijkt een goede keuze. Een klein appartementje zonder nachtelijk lawaai waar je noch moet koken, noch afwassen is altijd welkom op vakantie. Manlief snurkt er dus zalig op los.

De rit naar Roermond verloopt droog. De kathedraal getuigt van rijke pracht en het koor in het cursaal zorgt voor een stemmige sfeer. De inktzwarte lucht en de regenradar verwittigen voor een pittige plensbui. Hoognodig tijd dus voor een stuk aardbeientaart onder een groot tentzeil, dat blijkbaar een stevige portie nattigheid gemakkelijk trotseert. Het voelt vreemd aan, een spie taart om elf uur in de ochtend, maar volgens de Hollandse schone dochter niet vreemd in Nederland. Het smaakt zelfs naar meer, maar we hebben karakter. Het terras geeft zicht op het draaiend platform met beeldenspel, dat de show steelt op het uur, bovenop het stadshuis. De figuurtjes van Nicolas van Ronkenstein zijn de bouwmeester, de kleermaker, de nar, de papierschepper, de bisschop, de orgeldraaier, de smid en de vorstin met een verwijzing naar de historie van Roermond. De 49 klokken tellende beiaard klinkt als een vrolijke broeder Jacob.

Onderweg naar het witte stadje Thorn, rijden we langs de sluis Heel, waar net een immense containerboot en een grote boot boordevol oud ijzer, blinkend als zilver in de opgedoken zon,  wachten op het stijgende water. Indrukwekkend in die vrij nauwe doorgang.  
De oude kern van het witte stadje Thorn is een beschermd stadsgezicht, een overblijfsel van het vroegere gelijknamige miniatuur vorstendom. We parkeren onze e-bikes veilig met de nodige sloten aan elkaar vast. Het is er vrij druk. Terwijl wij ontspannen een ijsje genieten, worden de (afneembare, maar daar waren de eigenaars zich niet van bewust) fietscomputers van onze vrienden gesaboteerd. Wie haalt dit toch in zijn hoofd? Er wachten hen 20 zware kms zonder ondersteuning en de wind op kop. Wij zorgen voor morele steun en soms een flink duwtje in de rug. De laatste fietsdag krijgt zo een klein zwart randje en vraagt om extra kosten.

Maar het was leuk en verrassend. We wennen nu weer volop aan de droge zonnige dagen en verdiende fietsrust, alhoewel…..