“Art will never die” en “art will save the world”

Mag ik een tip geven? Een fijn dagje uit in Mechelen? De stad aan de Dijle, kerkenstad met maar liefst 8 exemplaren, met veel historische panden, het kleurrijke Vrijbroekpark, de machtige Sint-Romboutskathedraal, het kleine en grote Begijnhof en het speelgoedmuseum…..

Wij houden het kleinschalig met grootschalig effect.


We starten op een ruim terras in de zon met zicht op glinsterend water én overheerlijke asperges, de Vlaamse wijze voor mij, Hollandse wijze voor manlief. Met een gevulde maag en vrolijke obers, heel tevreden dat ze na zeven maand stilstand en nietsdoen eindelijk weer mogen starten, kan de dag nog enkel glunderen.
Het terras hoort bij het nieuwe Van der Valkhotel in het meer dan 10 000 m² groot monumentale, prachtige pand. Het vroegere zwembad de ‘ouwen dok’ werd omgetoverd tot de vijver in de centrale hal. Het zwembadgebouw van 1916 sloot in 2001 om dan vele jaren leeg te staan tot Ben Wohrmann, 4e generatie Van der Valk, een nieuw project start, met volledig behoud van het statige pand. Het resultaat mag er zijn.

In de namiddag hebben we aan afspraak voor ‘het Kunstuur’. https://hetkunstuur.com/


An sich ben ik geen grote museumliefhebber, het vele stilstaan wordt me snel te zwaar en om een schilderij grondig te bekijken en vooral begrijpen neem ik vaak de tijd niet. On-kunde leidt te vaak tot on-interesse.


Dit is anders, dit blijkt mijn ding. BEperkt, BEcommentarieerd, BEzield.


In juist één uur wacht je een intimistische rondleiding in het donker decor van de Heilige Geestkapel waar 32 topstukken van Vlaamse schilders uit 1887- 1938 tentoongesteld worden. Bekende Vlamingen zoals Bart Somers (burgemeester van Mechelen), zanger Arno, psychiater Dirk de Wachter, ex-televisiemaker Mark Uytterhoeven, regisseur Alain Platel, fotograaf Lieve Blancquaert, journalise G Claeys, Wim Opbrouck en nog zoveel met hen vertellen boeiend over eigen ervaringen met een schilderij, er wordt op details gewezen die anders vlotjes wegglippen, je krijgt sfeer en achtergrond, zonder de historische toer op te gaan.
Via hologram zijn ze in de ruimte. Voor mij zo sterk aanwezig, dat ik een vriendelijke knik toewerp aan Elodie Quédraogo terwijl zij haar verhaal vertelt bij ‘de tenor en de soprano’ van Alfred Ost. Zij lijkt zo levens-écht, haar aanwezigheid verrast me, ze kijkt me recht in de ogen, een tevreden glimlach overvalt me achter het mondmasker, tot ik in een fractie van een seconde besef dat zij hier niet in realiteit aanwezig is, even ben ik mondmasker en donkere ruimte heel dankbaar, niemand zag deze spontane reactie, ik sla gelukkig geen al te mal figuur in mijn grote naïviteit.
Bij de volgende weet ik beter!

Zes mensen, waaronder wij, worden Coronaproof drie ruime kamers ingeloodst, deuren openen vanzelf, een museumstoeltje is voor elk van ons ter beschikking, oortjes in de oortjes, tussenin mooie muziek gecomponeerd door Dirk Brossé, enkel het besproken schilderij wordt verlicht, het hologram oogt echt, maar dat had je ondertussen wel al door….
Even googelen leert me “Een hologram geeft een driedimensionaal beeld van een object weer, welke door lichtinval tastbaar lijkt als ruimtelijk object.” Ik ben dus verontschuldigd?

Marc Van Ranst, actueel!, bij de triptiek van Albert Servaes. In de zakdoek bij veel verdriet om de dood herkent hij een mondmasker. Want het was de periode van de Spaanse griep. Reeds toen waren mondmaskers in. De griep is nooit meer echt verdwenen. ‘Vroeger gingen we op een meer natuurlijke manier om met de dood’

7 x ge

Gemoederdagd

in het prachtige domein Puyenbroeck. Groot en klein op veilige afstand verwend met broodjes en een prikkelend flesje en zoete zaligheden.
Gewandeld door de mooie omgeving met twee dartele honden en hun baasjes over en door het water, op kleine eilandjes, over romantische bruggetjes, op wegen met fris lentegroen.
Nagenietend nu van het mooie boeket wit-geel en lekkernijen.

Gefietst

Volgens de regenradar (lang leve de App) gaat het over een uurtje zwaar onweren. We besluiten nog even de trappers te wagen, ze kunnen best tegen wat nat, buren wuiven ons verbaasd na, donkergrauwe lucht komt dreigend richting ons. Kilometers worden beperkt gehouden, we ronden af op 25, regendruppels als hagelstenen zo groot (en hard!) zorgen ervoor dat alles waar geen jas bescherming biedt kletsnat wordt. Maar het is van korte duur, even knalt de donder nog, een laatste uitspatting.

Gekeken

Eigenlijk bekijken we nog steeds, de ge-toestand is nog niet volledig bereikt, de sfeervolle Netflixreeks Shtisel over ultra-orthodoxe Joden in Jeruzalem. De mensen leven er in een streng regime, heel boeiend om die andere wereld te ontdekken. Onder strenge regels worden liefde, haat, angst, verlangen, twijfel heel gevoelig weergegeven. Pure klasse. Acteurs leven zich perfect én intens in in de rol. Die mensen houden zich aan ontelbaar veel voorschreven (zinloze) wetten en regels, gaan er vaak gebukt onder, maar getuigen vooral van gevoelige kracht (ja dat kan!) en een grote doorzetting.
Hunkeren en klungelen lopen hand in hand. Het leven zoals het is in een chassidische gemeenschap.
Binge watchen is aan ons niet besteed, maar ik verzeker je, de serie werkt verslavend, heel boeiend om even uit de eigen comfort-(amaai nog niet!)-zone te stappen.
Een heel grote aanrader.

Gelezen

Je bent fan van haar of je bent het niet. Lize Spit. Feit is dat ze heel vlot en boeiend schrijft. Geen zware literaire zinnen, maar ze sleurt je volledig mee in de wereld van het boek met échte inleving in het voelen en denken van de gewone mens. In “Ik ben er niet” kom je terecht in de bipolaire wereld van de psychose, het boek baseert zich op ondervinding in de nabije kring van de auteur en veel opzoekwerk.
Ze speelt graag met taal en metaforen.
Wij waren de twee scheefgezakte pilaren die, zodra je ze tegen elkaar aan deed leunen, steviger zouden staan dan één ongeschonden, op zichzelf staande pilaar ooit kon. Het zou goed komen met ons, zolang we samen bleven.”
Ze confronteert je voortdurend en zonder genade met de wereld van de psychiatrie. De 576 pagina’s dikke kanjer verveelt nooit. Een eeuwig observerende Lize op haar best.

Gebeld

Met de kleinzoon die op boerderijkampje ging, zelf boter en choco en brood maakte, de veulens en kleine poesjes en lammetjes streelde, zich verstopte achter een koe bij het spel, lesjes kreeg in de stal, en heel hard genoot van twee heerlijke dagen, zoals vooral een kind dit onbezorgd kan.

Baken in Verrebroek.

Eindelijk, daar zijn ze dan, de zon én de warmte. Vogels fluiten om ter hardst, in het nestkastje zie ik een grote bedrijvigheid bij papa koolmees. Zonet filmde ik het 3 dagen oude veulentje dat op wankele té grote steltjes door de weide stapt, met mama in haar kielzog, want paardje kwam net iets te enthousiast naar mij toe gehold. Het prachtige vertederend filmpje kan ik hier niet uploaden, jammer….

Aangenaam weer betekent hier sowieso de fiets bovenhalen. De wind blijven we elektrisch de baas. Onderweg ontdekken we naast het schattige paardje ook het heel mooie kunstwerk in het Logistiek Park Waasland.
Die 25 ha site bleek in 2015 de grootste archeologische steenvindplaats in Vlaanderen te zijn. De prehistorische vondsten dateren uit de vroeg-mesolithicum-tijd (ca 10 000 – 7100 voor Christus). Ook recentere sporen werden gevonden zoals Romeinse munten, een middeleeuwse kookpot, een stokoude hondenschedel, een plek vol historie.
In 2017 bood men er workshops aan voor de archeologieliefhebber.

Om de herinnering levendig te houden werd het kunstwerk BAKEN in 2020 opgericht, 6 meter hoog, geïnspireerd door de prachtige steenvondsten. Die grote steen vormt nu de grens tussen het havengebied en de uitgestrekte polders. Doodjammer van de drukke weg ernaast.

Baken stelt een daar opgegraven vuursteen voor. Vrijwilligers uit de omgeving stuurden foto’s en tekeningen door van decoratieve elementen uit tapijten, behangpapier….. , waarmee de kunstenaars Niko Van Stichel en Lut Vandebos aan het werk gingen in de meer dan 20 verschillende vlakken tellende steen uit Cortenstaal.
In de mooie ronde sokkel (niet duidelijk op de foto) is een zitplaats verwerkt om te genieten van het uitzicht op de kleine heuvel en tevens als verwijzing naar een ver verleden waar jagers elkaar ontmoetten.
Van zodra het donkert brandt de rode spot, als kampvuurlicht in de duisternis.

Je kan in de steen stappen, het buitenlicht charmeert doorheen de vele patronen.

Meer info over de constructie en plaatsing vind je hier.
https://vimeo.com/491619221

Zonnig dreigen

Deze avond genoot ik het dreigend tafereel vanuit de luie zetel. Nog even stilte voor de storm. Kort daarop ontplofte de lucht met groot kabaal en werden we overgoten door een immens onweer. De dag voelde niet aan als lente, niet als mei, maar het schitterende einde maakte hem meer dan de moeite waard.

Vergiß nicht, daß jede schwarze Wolke eine dem Himmel zugewandte Sonnenseite hat. (W. Weber)

Over zonde en durf

Vergeef me, want ik heb gezondigd. Als penitentie (wat een woord om als 6-jarige in het langetermijngeheugen gebeiteld te krijgen) speel ik hier open kaart en biecht onze zonde op, zonder houten schuifraampje met vele ruitvormige kottekes (typisch Vlaams woord hier) zoals in de goede oude kindertijd.

Maar misschien moet ik eerst een verantwoord excuus neerschrijven? Niet om mezelf vrij te pleiten maar het is de waarheid en niets anders dan de waarheid.

Zeven jaar geleden werd mijn beste fietsmaatje aangekocht in Hulst, net over de grens, een grens die ik met datzelfde maatje ontelbare keren heb overschreden. Al meerdere maanden kraakt en puft hij, zakt het zadel te pas en vooral te onpas met een dreun omlaag, levensgevaarlijk toch? Maar ik reed dapper door, het was van moeten, de oplossing lag niet voor de hand, fietsmakers in de buurt vonden geen ideale oplossingen.
Wij, maatje en ik, konden lange tijd de onzichtbare scheidingslijn niet over, wegens niet broodnodig in deze C-tijden.

Onlangs ging de grens open, voor oud en jong, voor fietsers, wandelaars en andere bestuurders. Nog langer wachten was geen optie, de altijd vriendelijke, bereidwillige fietsenmaker wacht ons op. En ziet onmiddellijk mijn probleem, meer nog, hij besluit het voor me uit te dokteren. Eeuwig dankbaar, binnenkort rijd weer ik op hoog niveau. Nieuwe stukken worden besteld en volgende week gaat hij aan het werk.

Grenzen overschrijden voelt voor mij, als braaf Lief meisje, nog steeds onwennig aan, een vaag schuldgevoel omwille van het gebrek aan goedkeurend papier overvalt me. En toch pleit ik onschuldig!

Nu we deze eerste stap hebben gewaagd, gaan we een trede verder in onze stoutmoedigheid. Manlief besluit in de boekenwinkel rond te snuisteren, zelf verkies ik de walletjes met prachtige vergezichten, veel zon, weinig tegenliggers, en een flink tempo om de stappenteller te behagen. Hij maant me aan steeds sneller te lopen, bij de stop voor de schattige foto verwittigt hij met een dwingende aanmoediging.
Het kleine lentekalfje wil graag op de lens en steekt zijn beste kopje voor. Mama koe knikt goedkeurend.

We (man en ik) treffen elkaar aan het water, op een rustig plekje, lees- en stapgenot zijn vlot vervuld.
Toevallig (?) ontdekken we een rustig terrasje. Een paar honderd meter verder is er op het marktplein een grote overrompeling. Niet daarheen. Minister Verlinden raadde ten strengste af dat Belgen massaal de terrassen van Nederland gaan bevolken. Maar van massaal is op dit terras helemaal geen sprake, 10 meter verderop zitten nog drie Belgen te genieten, en laat ik nu net geen eerst-rij-fan zijn van het belerende schoolmeestervingertje -oei, ik snijd hier in eigen vel- van de minister.
Toch is er die aarzeling, durven we of durven we niet?
Het grote krijtbord met ‘warme appeltaart met koffie’ is té uitnodigend, voor het eerst sinds 7 maand ervaren we terug dat blije gevoel van een warme bediening met échte appeltaart, zoals enkel Hollanders die kunnen bereiden. Dat we even later ontdekken dat we ruim twee Euro teveel hebben betaald in vergelijking met het overtuigende bord, is hen gegund, het.was.heerlijk!

Behalve de zoete zonde, bleef toch elke zonde uit?

Lente me (Toon Hermans)

Voor blogjes lezen en schrijven lijk ik minder tijd te vinden.

Heeft het te maken met de zon en de fiets, voor ons dé meest ideale combinatie? Ook al zijn terrassen nog niet open, ons pad leidt vaak ‘toevallig’ langs ijshoeves met houten banken, ruim verspreid over grote weides. Waar koeien je ongegeneerd blijven aanstaren waarbij je het gevoel krijgt dat je het ijsje dringend moet beveiligen.

Of heeft het te maken met het vaccin dat onze dagen toch lijkt te beheersen. Manlief was goed, heel goed ziek, maar intussen gelukkig weer de oude gezonde, vol energie en eindeloos veel plannen. Goed teken.
Uiteindelijk kreeg ik de lang verhoopte prik vorige vrijdag, na een eerste flink ontgoochelende afspraak. Vijf weken later komt nummer 2 eraan, en dan…..hopelijk…. duimen maar…..
Dat we kort daarop gezwind het prachtige weer in fietsten, was -achteraf gezien- misschien toch niet zo’n geweldig idee. Lichte duizelingen en een druk op mijn hersenpan getuigden dat het vaccin wel degelijk zijn werk doet. Maak ik vooral mezelf graag wijs. Het WE beleefde ik in ‘iets hogere sferen’, maar Beer, de hond, onze logee en een bezoekje van de kleinkindjes hielden me met de voeten op de aarde en maakten veel goed. De grote terrastafel in de stralende lentezon werd voorzien van een lekkere lunch, Beer en de kinderen speelden -zorgeloos en uitbundig -verstoppertje en voetbal tussen struiken en op het gras.
Lente maakt blij en soms overmoedig.

“Every flower is a soul blossoming in nature.”
― Gérard de Nerval

Hij bloeit uitbundig

Blij…..en toch…..

Zaterdagochtend, de zon schijnt doorheen de vuile ramen, of waagt toch een poging. Ik besef, ik heb veel te veel te lang gewacht, maar de zin ontbrak, ofwel was het te koud, te nat, te druk, te stil, te lastig, altijd wel een te te vinden……
Ik besluit de koe bij de vieze horens te pakken, de Kärcher in de hand probeer ik streeploze baantjes te trekken. Elke tip is hier welkom, want het lukt me zelden.

De GSM rinkelt, of ik het vaccin van Pfizer diezelfde avond nog wil meep(r)ikken, ik werd simpelweg heerlijk uit de reservelijst geplukt. Het hart maakt zowaar een sprongetje, is dit niet hét bericht waar ik reeds een heel jaar geduldig op wacht?
Kwart voor acht, niet te laat? Neen hoor, ik ben nog fit ende gezond. Ook het tweede vaccinatiemoment wordt vast gelegd. Dit klinkt niet langer als een sprookje. Mijn eerste stap naar nieuwe vrijheid wordt dankbaar aanvaard.
We fietsen de dag door, ramen krijgen uitstel, wie maalt daar nu nog om? De tocht leidt naar de polders van Kruibeke, links de brede Schelde met zicht op Antwerpen, rechts het grootste overstromingsgebied van Vlaanderen met slikken en schorren, water- en weidevogels. Groepen fotografen halen er hun hart en foto’s op. En dan ontdekken dat de boerderij met lekkere eigen-bak-wafels en hoeve-ijs ons uitnodigt voor een rustig plekje in de zon én op een bank, we aarzelen geen seconde. Hoe beloftevol kan een dag zijn!
De hele tijd leef ik een waas van opluchting en blijheid, want hier en nu is mooi, daar en straks krijg ik mijn prik. Nooit verwacht dat een mens zo verlangend kan uitkijken naar een scherpe naald….

Stipt om 19.20u schuif ik buiten aan in het rij van drie mede-kandidaten. Beter te vroeg dan te laat, manliefs tip.
Braaf houden we onderling afstand, stippen wijzen weg en stapgrootte. Om kwart voor 8 staan we nog steeds daar, een man meldt dat een onverwacht probleem opdook, waarvoor ijverig een oplossing wordt gezocht en zal gevonden worden. Zware fietsbenen maken het wachten moeilijk, na enige aarzeling en een goedkeurende blik van de vrijwilliger ga ik toch even zitten op die eenzame stoel. Het wordt koud, de zon verdwijnt. De verantwoordelijke komt eindelijk buiten, hij heeft nog juist drie prikken klaar en…. goed geteld, we zijn met vier. Iedereen kijkt iedereen aan, muisstil. En ja, ik ben het laatst toegekomen en ja, met veel excuses en een vage afspraak voor eind volgende week fiets ik, ontgoocheld en ontmoedigd en nog meerdere onten, terug richting huis, waar manlief – genezen en wel- me opwacht om samen onze eerste prik te vieren met de prachtige Netflixreeks Bir Baskadir met krulletje onder de s ( het lukt me niet de juiste toets te vinden)…..
Heel langzaam kom ik in de Turkse sfeer, waar het verschil tussen de vele culturen prachtig wordt aangereikt.

De dag, die zonnig begint, eindigt toch niet geheel in mineur, met dank aan schitterende acteurs.

Stille dinsdag

Druk kwetterende vogels en een ronkende afwasmachine verstoren de stille ruimte.

Straks komt Heer Bolle uit Nederland hierheen om onze zetel (bank voor de Nederlanders, want hij en bank komen samen uit het land) terug extra op te bollen. Broodnodig, want de harde metalen lat doet pijn aan de rug. Waar die oorspronkelijke vulling heen is, blijft me een raadsel, of er huizen muis-stille beestjes in het onderstel?

Manlief maakt zich nuttig als vrijwilliger in het vaccinatiecentrum. Ook ik heb me aangemeld, maar nog wachtende op de eerste oproep voor een administratieve job, vier uur rechtstaan is niet aan mij besteed.
We schrijven gisteren, de shift van man zit erop, nog een klein overuurtje wordt voorgesteld, no problem, niets bindt hem, goed teken dat alles daar vlot draait. Een overschotje AstraZenica wordt hem onverwacht aangeboden, hij zegt niet neen, net 65 is het sowieso nog wachten.
Nadat de nodige documenten zijn ingevuld, plant de dokter gedecideerd de spuit in de arm, en een half uurtje stoel-wacht-tijd later stort hij zich uitgehongerd op zijn voor de derde keer opgewarmde maaltijd.
In de namiddag trekken we richting zee, Oostende staat op de planning, zon en humeur stralen.
Net thuis overvalt manlief een serieuze dip, koorts, grieperig, lamlendig, te moe om broodnodige Dafalgan te slikken. Het vaccin doet zijn ding, besluiten we dus maar, optimist tot in de kist.
Na de onrustige nacht volgt nu een stille dinsdag, uitgeput slaapt hij de dag door en verplaatst schuifelend van zetel naar bank en eindeloos weer terug.
Vrienden, die hij de dag voordien bereidwillig wegwijs maakte in het centrum, appen hem dankbaar, gezond en wel. De gastheer ligt geveld. De dienst van vandaag is opgegeven. Andere katten worden gegeseld.

Een korte blik terug naar ‘zalige Pasen’, zo begroetten we elkaar in een ver verleden. De coole paashaas heeft her en der lekkernijen verstopt in de hof, de opbrengst wordt verdeeld over de kinderen, beloofd!, voor oma en opabaard dit keer géén overschotten. Of hebben we voldoende Coronakilo’s verzameld? Zijn visie dan…
Zoon speelt zelf voor paashaas met echte eitjes van eigen kweek. Ik sputter tegen, eieren genoeg in voorraad nu we net 10 dagen het kippenhok van de buur op reis verwennen. Hij dringt aan, schone dochter valt in.
Wat doe je dan als goedgemanierde mama? Dankbaar aanvaarden en ijverig op zoek gaan naar een vrij plaatsje in de overvolle koelkast.
In ‘wat doe ik hier in hemelsnaam allemaal mee’-gedachten verzonken open ik de doos…..het duurt even eer mijn euro valt…… Onze middelste, de ‘eeuwige vrijgezel’ …..



Op verkenning in de Verbeke Foundation.

Wat is kunst?
Wat is kunst?
Die blik in haar ogen dat is kunst
Wat is kunst?
Wat is kunst
?” (Noordkaap 1992)

De song schiet door mijn hoofd tijdens de wandeling in het bijna 30 hectare groot gebied (met 12 hectare natuur) van de Verbeke Foundation in Kemzeke in de buurt van Hulst.
Het gaat om één van de grootste privé-initiatieven van hedendaagse kunst in Europa.
Op fietsafstand hiervandaan, al heel lang op onze to-do-list, en pas nu voor het eerst heel verrassend ontdekt.

Begin 1990 begonnen Geert en Carla Verbeke-Lens kunst te verzamelen. De nu-gepensioneerde Geert was topman van het transportbedrijf Vegetra, de hele infrastructuur toverde hij in 2005 om tot een kunstsite, waar cultuur, natuur en ecologie elkaar vriendelijk en openhartig de hand reiken.
Tegenwoordig zie je er vooral hedendaagse bio-art, vaak controversieel, omringd met slingerende bospaden en vijvers , waar het heerlijk vertoeven is en elke hoek voor een verrassend effect zorgt. Het terrein wordt aangeboden als platform voor jonge kunstenaars zonder subsidies, die er logeren in speciale ‘residenties’, soms zie je ze aan het werk.

Het geheel oogt ruw, onaf, pretentieloos, beetje slordig, unpolished, en is voortdurend in beweging, net zoals het leven buiten de muren.
Kunstenaars mogen best vuile handen hebben“, woorden van Verbeke.

Momenteel kan je de wintercollectie bewonderen of ja, verafschuwen…., zoals de immense windmolenwiek, de kudde levensgrote paarden gefabriceerd van afval en klei in gaas, de ‘groene’ kathedraal van Marinus Boezem met vijf jaar oude populieren in steigerwerk dat jarenlang het dak van de Baudelokapel in Gent onderstutte. Na renovatie van de kapel verhuisden steiger en leien dakpannen naar Kemzeke.
Er zijn ontelbaar veel kisten met stoffige flesjes palm opgestapeld , er is de reusachtige koepel, gebouwd met houten balkjes met de grote ronde opening bovenaan waar zon en blauw (niet altijd, we blijven in België) doorheen stralen.

De sculptuur van wilgenbomen groeit voortdurend aan en confronteert de bomen (en onszelf) met hun (ons) eigen materiaal. De 90-jaar oude bomen waren ooit veroordeeld tot vernieling.
Beckers has given the old-timers a unique opportunity at survival and revival” en nog veel meer re’s.
De bar met gerecycleerd materiaal is sfeervol opgebouwd naast het troebel vijverwater, helaas niets vloeiends te vinden voor onze uitgedroogde kelen.
De échte take-away-bar is wel open, het grote terras zit ons wat te overvol.

De installatie van Koen Vanmechelen (Labiomista avant la lettre) en de Bing of the Ferro Listo van Panamarenko geven herkenning.

Er is zo ontzéttend veel te beleven, vaak grappig en vrolijk, zeker niet altijd mijn smaak, maar de originaliteit maakt het meer dan de moeite waard. Het is er fijn wandelen, kinderen mogen op de buitensculpturen klimmen en klauteren naar hartenlust, beetje jammer van het lawaai van de autostrade in de buurt, maar dan weer heel leuk is het stukje 1-meter brede kunst-autoweg op het domein, inclusief vangrails en verkeersborden op ware grootte.

Het stapelen van stenen -elke Bob de Bouwer kan er zich zalig uitleven- en ander afvalmateriaal werpt me terug naar juli 2020 en de ecokathedraal in het Friese dorp Mildam, die we deze zomer onder fijne begeleiding van Jan een bezoekje brachten. De natuur krijgt ook hier nu tijd en ruimte voor eigen creatief spel.

Om de immense binnenruimte te verkennen zijn de benen te moe en schijnt de zon te fel.
Maar van uitstel komt geen afstel, dat ligt vast.
De grote zandruimte met kunstwerken als speeltuigen gunnen de broodnodige rustpauze.
Een h.e.e.l bijzondere ervaring.
Zoals het past bij dit project, kan je best de route van tevoren downloaden, om niet – net als wij- hopeloos verdwaald te geraken….

Uiteraard klopt mijn smartphone overuren, een kleine selectie toon ik jullie graag.