nacht tussen voor en na

op de vooravond van
dag-droom ik dan
over (2^6-1) jaar leven
tussen aarde en hemel zweven
voor het eerst geen bericht
geen foon geen gedicht
geen zoen geen wens
van een ouder-mens
dat mij het leven gaf
die weg van wieg tot graf

dat dagje meer
da’s wat ik bombardeer
tot groot fortuin
van teen tot kruin
ik geniet met animo
van bolero en cupido
blij dat ik mag zijn
in geur en maneschijn

dat dagje meer
tijd die ik chambreer
het jaartje ouder
ben ik licentiehouder
van een fijn diep voelen
in momenten woelen
gedachten overspoelen
dat leeftijd rust brengt
met optimisme vermengd
aanvaarden en bevatten
naar waarde schatten
een rimpel plus
klus knus  kus

 

Advertenties

5 drukknopjes naar de dag van vandaag

  • Na een slapeloze nacht sleep ik me -veel te vroeg- het bed uit, ik strompel  verward en vermoeid de dag binnen,  middenin de speelwereld van net ontwaakte kinderen, die  zorgzaam en lief met elkaar omgaan, terwijl mama, papa en die ‘oude’ oma  de ogen nog uitwrijven….. Ik ben verrast!
  • Ik bak veel, heel veel wafels voor het goede doel, samen met andere mama’s, opa’s en oma’s. We bakken ons warm voor de warmste week, waarbij het initiatief van zoonlief (Animaltails) wordt gesteund door de ganse school.
    Het geeft me een hartelijk, heerlijk gevoel te ontdekken hoe iedereen daar nu volop bezig is  om voor zijn project een warme duit te betekenen.
    Hoe leerkrachten en (groot)ouders belangeloos hun kostbare tijd willen spenderen aan dit engagement. Het maakt me blij, heel blij!
    En morgen sta ik terug paraat achter die hete bakplaten. Ik weet van geen stoppen meer….
  • De kleuters komen ons talent bewonderen, klappen bravo met  enthousiaste handjes en smaken duidelijk de mislukte wafeltjes.
    Ze zijn (te?) braaf, de juf zegt dat ze best een pittige klasgroep van 23 driejarigen vormen, en toch kijken ze bedeesd met hele grote ogen, waar enkel ver/bewondering in te peilen staat.
    Ontroering heeft me in de ban.
  • Mijn middagmaal bestaat uit een mattetaartje met warme chocolademelk, snel gekocht aan het stationsbuffet.
    Lekker, leuk, lastig om in de hand te houden met twee zware zakken rond de arm.
  • Na die eenzame hevige regenbui, doet de zon weer haar stralende best.
    Ik wacht op trein, na trein, na trein in  vrolijke schaduwen..

Oh kom toch eens kijken!

20181109_162804.jpg

Jammer, gedaan met de rust,
op de weide vlak achter onze tuin
komt een nieuwe verkaveling  😦 .
Dorie!

Opgegraven resten van een  Romeinse villa
met stallingen zorgen voor dé verrassing
bij het wroeten in de aarde.
Archeologen strelen stap voor stap,
heel zorgvuldig,
geconcentreerd,
stokoude schatten met heel veel -trage- zorg.

Het Waasland was vrij arm in de jaren 200,
leren we van de gravers,
ze ontdekken dus geen stenen huis,
maar  houten met leem doordrenkte overblijfselen
van een lang vergleden grote villa.
In de ruime put op de foto stond ooit een dikke paal.

Het gebeuren speelt zich af achter onze struiken,
struiken die the end van ons terrein afbakenen
wie weet liggen ook in onze hof nog resten,
en beweeg ik me nu op kostbare kruikjes
en ……. skeletten
om dat ene kiekje te schieten?

Ben ik nu BV?
of wordt ons huis BH?
of zonnen  wij voortaan in een BT?
wordt ‘dienen bouw’ nu stopgezet?
vier keer neen…..

Een tipje van de sluier

inCollage_20181109_172127117.jpg

Meer dan 30 jaar fietste / spoorde / reed ik met de auto het water over, de dreef door en recht het schoolgebouw binnen.

Vandaag neem ik de tweewieler uit de garage en rijd diezelfde route, eerst het brede Scheldewater over. 365 dagen meters in een jaar stroom.
Vervolgens de prachtige dreef door, elk seizoen groeit en bloeit hij/zij (?) anders.
Nu dwarrelen bladeren speels tuimelend en buitelend voor mijn ogen.
Ik kan ze maar niet op foto plakken. Fout van de smartphone uiteraard 🙂

Dan bereik ik het mooie gebouw, mijn tweede thuis gedurende vele jaren, waar ik  een ‘hartig’ stukje  heb achter gelaten.
Telkens opnieuw een blij weerzien, ook al kom ik niet langer het gebouw zelf binnen.
De maandelijkse lunchafspraken gebeuren nu 20 meter verderop, waar het er lekker, leuk, levendig, losjes, leerrijk, ludiek en lief aan toe gaat met ‘een hoopje’ jong-gepensioneerden’ en een groepje ‘aftellers’ (naar het pensioen), 9 in totaal.

Studenten slenteren nonchalant en lachend de school uit, blij dat de lessen er weer even op zitten. Prettig om zien dat ze nog niets veranderd zijn, ook al ken ik ze niet langer bij naam. Het is altijd fijn omgaan met die jongelui, met de spontaniteit, het gibberen, het jonge ‘onbezorgde’ leven wenkt/lacht hen toe. En ik lach nog steeds graag mee.

Nu is het voltooid verleden tijd, ik mis het, en toch ook weer niet.
Er waren ook lessen in moeilijke klassen,  ‘speciale dagen’ met nauwer contact,  reisdagen in een uitgelaten bus, gevoelige onderwerpen om  in stilte aan te kaarten buiten de les, buizen en schitterende proclamaties, tranen en voldoening, paniek en rust, voorbereiden soms tot ’s avonds laat, in de regen op sportdag, vrolijke koffiemomentjes in de (ondertussen verdwenen) zeteltjes in de leraarskamer, het warme groepsgevoel ‘je bent nooit alleen’, soms zinvolle klassenraden en vooral eindeloze vergaderingen…..

Op korte tijd zijn we – nog niet lang geleden- met zijn vijven op pensioen gegaan, heerlijk om horen dat we nog steeds gemist worden ‘in die goede, oude tijd’.

Heimwee voelt nostalgisch, niet pijnlijk.
Er is geweest, en het was goed, de herinneringen stromen mijn hersens nog geregeld binnen, maar het nu is minstens even fijn.

Ik fiets opgeruimd de 15  kilometers gezwind terug richting huis, eerst de dreef met nog meer zwierige blaadjes, dan het water, nog steeds even breed, en altijd weer die zon.

 

L’automne est le printemps de l’hiver. (De Toulouse-Lautrec)

inCollage_20181106_165651959.jpg

Ik trek ogen en gordijnen open en voel, zie ‘dit wordt een fijne dag’.
De zon straalt, de lucht staalt blauw, de herfst geurt het gekleurde blad, de rustige natuur en natuurlijke rust dwingen me naar buiten.

Plots overvalt me de droom dat vliegen naar de zon écht moet lukken vandaag.
Die grote ster staat immers laag en groet me stralend  als mijn gelijke.
Geel, blauw, groen, rood wordt mijn dag.

Een vaag schuldgevoel omdat de mede-mens verplicht deze dag binnen moet doorbrengen doet me -heel even- twijfelen. Een gevoel van medelijden met de bewoners van het ziekenhuis of rusthuis iets verderop is ook daar. Maar vooral een blij gevoel van vrijheid en verdiend genieten overwint en sleurt me naar buiten, daar waar  kleuren de baas zijn, waar licht omhelst, waar vriendschap verwarmt, waar terrasstoelen  uitnodigend staan te blinken voor een rustpuntje (*), waar het fijn vertoeven is, waar het stil en mooi is, waar ik gedachten de vrije loop kan geven of de kop indrukken.

Even waan ik me Icarus, en wil dicht bij de zon vliegen. De zon, mijn zon, mijn schitterende ster!
Ik voel me licht en vrij, de dag geeft vleugels.
De Griekse mythe, gehoord en gelezen ergens in een vorig leven, houdt me echter met mijn voeten op de grond. Teveel  zelfvertrouwen brengt geen rust, dan verbranden die vleugels en stort je neer.

Een fikse wandeling staat op het programma, het vallend blad zorgt voor milde melancholie, verleden en toekomst fladderen door het hoofd, mijn vleugels smelten niet, ze helpen me soepel zweven doorheen toen, nu en dan.

Ik stap, wij stappen, ik ruik, wij ruiken, ik babbel, wij babbelen, ik stroom mee met de brede Schelde, wij stromen mee, ergens tussen golven en zon.

Liedjes van de herfst zijn altijd somber,
zijn gemaakt van okers en van omber.
Toch ken ik septembers met een gouden glans,
Toch zijn er novembers met een toverdans.
De zon heeft in december mij al zo vaak verrukt
en dikwijls heb ik rozen uit de sneeuw geplukt.
En daarom schrijf ik dit kleine lied,
niet wachten op de lente, want dan komt ie niet.
Toon Hermans

Op deze novemberdag met gouden glans doe ik mijn toverdans in de verrukkelijke zon, ik zoek de roos, en schrijf dit lied.

(*) Graag vergeev/t ik het akkefietje met een ouder koppel dat buiten wil zitten en  voet bij stuk houdt dat het ‘tocht op het terras’, omdat onze deur open staat, een deur die ons laat genieten van de fijne binnenstoelen  én de gezonde buitenlucht, net op die grens?!
Ik probeer te begrijpen, maar help…… het lukt me niet?

 

 

 

maak herinneringen.

bos + kinderen.jpg

 

vakantietijd
leven op kruissnelheid
genieten van bos en water
de glimlach en die schater

vroeg ochtend, laat dag
vijf maal opa-omadag
slapen in zuivere lucht
lawaai noch lichte zucht

eendjes die om eten smeken
kindjes die nooit tegenspreken 🙂
héél veel speelplezier
een zwembad en een knuffeldier

bossen, oh zo uitgestrekt
het zingend dialect
vakantiehuis, zonnig en fijn
belevenis voor groot en klein

de sterren van de hemel  spelen
verhalende liedjes kwelen
traantjes blussen
wondjes kussen

najaar in kleuren
bos in geuren
paden op en neer
herfstseizoen vol sfeer

 

 

5 drukknopjes naar de ‘goede oude kindertijd’

  • We hebben een grote stationwagen, een bruine Taunus met drie rijen banken. Telkens opnieuw is er ruzie wie op de laatste rij ‘moet’ zitten. Want daar is het nauwer en kunnen de ramen niet open schuiven.
    Rustig -keer op keer- blijven de ouders bemiddelen…
  • De grote jaarlijkse reis  met Intersoc naar Zwitserland, met diezelfde bruine Taunus en bijhorende ruzietjes. Een bevriende familie reist mee, 4 ouders en 11 kinderen, dat zorgt voor beweeglijke drukte.
    Herinneringen aan hoge sneeuwbergen, gezellige avonden in groep, prachtige wandelingen omhoog en omlaag met raclette als beloning op de top van de berg,  smakelijke buffetten (waar je de lekkerste gerechtjes zélf mag uitkiezen, zonder mopperende woorden over je bord leegeten) blijven heerlijk.
  • In de keuken staat een hele grote houten speelgoedkist, boordevol plezierige dingetjes. Je kan er eindeloos in  grabbelen.
    Wat zonde dat deze nooit is mee verhuisd…. Antieke nostalgie….
  • Ik sta bovenaan de glijbaan (‘schuifaf’ in onze kindertaal). De diepte beangstigt me, ik wil terug de trappen af. Mijn moeder blijft aandringen ‘je kan het!’
    Fier als een gieter glijd ik de dieperik ik en plof  met een harde smak op de grond. Ai! Ja, ik kan het, maar toch niet voor herhaling vatbaar…
  • De slapeloze nacht voor 6 december….. De achterdeur (of was het de schouw?) staat open. ’s Morgens moeten we wachten tot we er alle vier samen klaar voor zijn, de deur mag open, de groooote tafel in de ‘mooie kamer’ (voor chic bezoek, dat nooit kwam) staat boordevol verrassingen voor drie kleine meisjes en het kleine broertje.
    Héérlijk!! En dat allemaal gratis voor niets van de goedheilig man. Ogen tekort…
    Wat een rijkdom.