Lente me (Toon Hermans)

Voor blogjes lezen en schrijven lijk ik minder tijd te vinden.

Heeft het te maken met de zon en de fiets, voor ons dé meest ideale combinatie? Ook al zijn terrassen nog niet open, ons pad leidt vaak ‘toevallig’ langs ijshoeves met houten banken, ruim verspreid over grote weides. Waar koeien je ongegeneerd blijven aanstaren waarbij je het gevoel krijgt dat je het ijsje dringend moet beveiligen.

Of heeft het te maken met het vaccin dat onze dagen toch lijkt te beheersen. Manlief was goed, heel goed ziek, maar intussen gelukkig weer de oude gezonde, vol energie en eindeloos veel plannen. Goed teken.
Uiteindelijk kreeg ik de lang verhoopte prik vorige vrijdag, na een eerste flink ontgoochelende afspraak. Vijf weken later komt nummer 2 eraan, en dan…..hopelijk…. duimen maar…..
Dat we kort daarop gezwind het prachtige weer in fietsten, was -achteraf gezien- misschien toch niet zo’n geweldig idee. Lichte duizelingen en een druk op mijn hersenpan getuigden dat het vaccin wel degelijk zijn werk doet. Maak ik vooral mezelf graag wijs. Het WE beleefde ik in ‘iets hogere sferen’, maar Beer, de hond, onze logee en een bezoekje van de kleinkindjes hielden me met de voeten op de aarde en maakten veel goed. De grote terrastafel in de stralende lentezon werd voorzien van een lekkere lunch, Beer en de kinderen speelden -zorgeloos en uitbundig -verstoppertje en voetbal tussen struiken en op het gras.
Lente maakt blij en soms overmoedig.

“Every flower is a soul blossoming in nature.”
― Gérard de Nerval

Hij bloeit uitbundig

Jump in the…….

Deze afbeelding heeft een leeg alt-atribuut; de bestandsnaam is spring-in-woord.jpg

Ruim twee jaar geleden leerde Photoshop me tulpen laten bloeien in letters. Het wordt een vrolijk geheel en symboliseert bovendien wat een kleurrijke lente in petto heeft. De veel te koude wind houdt me binnen vandaag, van spring(en) is hier geen sprake, en toch is winter 2021 officieel voltooid verleden tijd.

Bij buurvrouw gaat de tijd voorbij, heel stilletjes met veel tranen. Onlangs (klik) schreef ik over buurman, toen nog in machinaal leven, zonder enig besef van de kwellende angst van vrouw en kinderen bij elke telefoon, van hoop en wanhoop, van uitspraken door dokters in kansen en realiteit. Ze mochten nog even bij hem op de dag dat de toestellen zouden worden stil gelegd omwille van te definitieve orgaanaantasting, hij wordt nooit meer wakker, een gezond te jong leven (net 60…..) ging op kousenvoeten heen, omringd met liefhebbende knuffels, na amper 5 weken Corona.
Onze wensen ‘een gezond nieuw jaar’ leken nog niet koud….

Onverwacht valt de brief van kleinzoon in de bus. Hij is geen schrijver, ‘we moeten van school een brief schrijven en ik dacht meteen aan jou‘ (lief toch), een opdracht van de juf, de technieken van het correcte schrijven wordt de kinderen bijgebracht. Datum en plaats in de rechterbovenhoek, ruimte tussen de verschillende paragrafen, het mooiste geschrift bovenhalen, en ook de omslag met de juiste leestekens is met kinderlijke zorg geschreven.
Ik lees met veel plezier het kleinood dat nu een plaatsje krijgt aan de creatieve-kleinkinderen-werkjes-muur. En uiteraard neem ik direct de pen ter hand, woorden uit een ver verleden, en moet enkel de postbode nog de klus klaren.

Nu we terug met 10 buiten mogen, wordt manlief onverwacht en vooral eindelijk opgeroepen via de gidsenorganisatie om een rondleiding te geven door de Gentse binnenstad, de stad waar hij vijf jaar geleden zwaar verliefd op werd. Het duurde uiteraard even voor ik zijn tweede liefde met de glimlach leerde aanvaarden……
In alle hoeken en kanten slingeren hier boeken over het nu en toen en later van de prachtige stad. Op stap met negen gemaskerde toehoorders gaat hij volledig op in de presentatie, met open vraag en reactie, de stad boeit, de mensen zijn heel actief en geïnteresseerd. Een fijne groep, kleiner dan normaal, maar daarom zeker niet minder leuk, misschien zelfs integendeel.
Even voordien krijg ik het verrassende appje van vriendin – die ik anderhalf jaar niet meer in levende lijve zag, je weet wel……- dat zij en haar man net ontdekten dat mijn man hun gids wordt op die dag.
De zon straalt, met een omwegje van 25 km groene omgeving fiets ik uitgelaten richting centrum en barricadeer een lange bank, waar de anderhalve meter de koppels veilig scheidt en we heel leuk bijbabbelen over de charme waarmee manlief zijn grote liefde voor de stad heeft overgebracht, over hoe zij haar moeder verloor aan Corona, over de (on)gelukjes die we in de voorbije periode meemaakten, over de vreemde tijd, een tijd die te lang duurt, maar voor ons samen veel te kort was, met uitzicht op de prachtige Sint-Baafs kathedraal. Voor het rijke Barokke interieur, noch de crypte, noch het Lam Gods, noch het handschrift van Livinus in de vier evangeliën, één van de oudst bewaarde boeken in België, is nu tijd.

Deze afbeelding heeft een leeg alt-atribuut; de bestandsnaam is wp-16163307086123825104570492952225.jpg


Niet ‘mist’evreden met Toon Hermans.

Ja, er moeten mensen zijn
met tranen als zilveren kralen
Die stralen in het donker
En de morgen groeten
Als het daglicht binnenkomt op kousenvoeten

Voor één keer hoor ik bij die mensen, die fotootjes maken terwijl het ochtendzonlicht schittert op witte rijmsporen. Ik gun mezelf geen tijd om me aan te kleden, en overwin ijzige kou om zoveel rijkdom in beeld te brengen.
Ik kan enkel hopen dat buren achter veilig glas geen beelden schieten van het tafereel dat zich hier afspeelt, de gejaagde dame op blote voeten (en nog meer bloot) die ijverig met apparaat de hof doorkruist.
Stel je voor dat de zon zoveel krakende schoonheid helpt smelten…

bevroren viooltjes

Er moeten mensen zijn die zonnen aansteken
Voordat de wereld verregent
Mensen die zomervliegers oplaten
Als ’t ijzig wintert
En die confetti strooien tussen de sneeuwvlokken
Die mensen moeten er zijn

Een stralende zon overspoelt het wit in de tuin. Vandaag kan ik niet binnen blijven, kijken en beleven is de boodschap.
Het Pajottenland roept, heuvels, vergezichten, zoon en schone dochter als prachtig ‘excuus’.
Te lang geleden dat we elkaar in levende lijve zagen.
Op amper vijf kwartiertjes rijden met de auto, hoe klein kan de wereld zijn.
Zoon gaat de wandeling uitstippelen en vraagt naar mijn ‘eisen’.
Amper ééntje, vooral héél véél verre einders.

Onderweg daarheen overvallen onverwacht dichte mistbanken ons, we zien geen steek, de mistlamp moet dringend aan, maar…. het knopje lijkt spoorloos?! We zoeken….. nog steeds….
Bij aankomst -op de tast- bij het boshuisje, blijft mist hardnekkig volharden. Bemutst en ge-dikke-jast trekken we een mysterieuze omgeving in, ademen pure mystiek, een paar meter verderop is enkel vage duisternis merkbaar, zoon vertelt wat we in zon hadden kunnen genieten (drie werkwoorden op rij, want het was veel!), hoe mooi de verre uitzichten op de top van de heuvel wel zijn, we beelden het ons graag in, met de nodige fantasie ‘zien’ we hoe geen huis de rust hier verstoort en golvende natuur voor panoramische plaatjes zorgt.
Ik had dan ook maar één eis, vooral héél véél verre einders.

Er moeten mensen zijn die op een stoel gaan staan
Om sterren op te hangen in de mist
(Toon Hermans)


fijne dingetjes

Van het vele werken wordt een mens toch moe
Graag willen we ontspannen, weten nog niet hoe
Over het knutselwerk om de kindermuur te bekleden
Zijn we eigenlijk best wel heel tevreden

Pauze dus dubbeldik verdiend, fietsen in de zon
Warm drankje, conditio sine qua non
Die gluhwein, lekker heet, en zomaar onderweg
Afkoeling bevechten met slagroom als wafelbeleg

Met de dartele logee wandelen we kilometers lang
Als beloning een schitterende zonsondergang
Hij geniet, trekt vrolijk aan de lijn
Ravotten in overdrive, hij krijgt ons niet klein



Elk nadeel heb se voordeel

Het vieze C-beestje blijft halsstarrig onderwerp van de dag op het journaal. Het gaat (te?) langzaam de goede kant uit met de besmettingen, er wordt gewag gemaakt van een vaccin, meerdere zelfs, maar liever wacht ik ‘geduldig’ af, de tijd zorgt voor de goede raad en we zien wel wat de toekomst in zijn verrassend petto heeft.

Toch vallen er – ik geef toe, énkel voor mij persoonlijk! Een mens mag al eens egocentrisch zijn- een paar aangename kantjes te bespeuren.

Zoon en schone dochter vertrokken niet op onbestemd avontuur naar het andere eind van de wereld. Hopelijk krijgen ze de smaak te pakken van het gezellige nest in het bos. En komt voor één keer van uitstel afstel. Ik vind het gewoon super leuk hen in de buurt te weten, ook al blijven er nog 100 kms te overbruggen. Een peulschil in vergelijking met de gevreesde 24 vlieguren.

Schaar, lijm, papier en verf, meer is niet nodig om ons huis op te fleuren. Je op vakantie wanen in eigen woonst, heerlijk!, kamer(tje)s krijgen een nieuwe speelse look, na vele jaren van sobere tinten. Ik kies en keur, manlief plakt en knutselt, het resultaat stijgt -telkens opnieuw- boven alle verwachting uit.
Happy colours in onze eigen bubbel.

De kleinzonen zijn net beatletjes. Kappers blijven gesloten, haren groeien tot stevige bossen, ik loop niet zo hoog op met brossige kopjes, maar dit had je uiteraard al door.

In november heb ik gestapt naar Oostende en terug, mijn App als stille getuige, niet altijd evident voor mij. We genoten ook nog vier 50km – fietsdagen, enkel het terras ontbrak, maar we hebben vooral een fijne neus voor ijs- en smoutebollenkramen.

De 2021-wensen zijn geschreven. Kaarten maken is een leuke hobby, adressen schrijven kent hier te vaak eindeloos uitstel. Dus vat ik de koe bij de horens op deze koude, grijze, vrij(e)dag en een stapeltje eigen creatie ligt klaar voor verzending. Wie graag post ontvangt, gelieve je adres door te geven.

Morgen testen we een creatief experiment uit, de goedheiligman zal digitaal onze living binnendringen, vele blije kindersnoetjes incluis.

Deze morgen weerkaatste onze kale boom prachtig in het hoekraam. Een afsluit-fotootje waard.

Donkerte heeft ook lichte toetsen (Meghan Remy)

Bij het ochtendgloren – het klinkt poëtischer dan het is, want ik ben verre van een ochtendmens – beslissen we die toetsen op te zoeken, de zon straalt, de lucht blauwt beloftevol.

Op amper twee kilometer van het huis van de zoon (een toilet in de buurt is handig in deze barre tijden), ligt een prachtig natuurreservaat, 230 hectare groot.
De Bourgoyen op een boogscheut van Gent, je houdt het bijna niet voor mogelijk!, dankt zijn naam aan de Hertogen van Bourgondië uit een ver verleden. ‘Berg’ als zandwegel op hoogte en ‘ooie’ van laag drassig grasland ontdek je, met wat creativiteit, in de sierlijke naam.

Verschillende ingangen en uitgestippelde wandelwegen zorgen voor een rijke variëteit aan mogelijkheden. Wij kiezen de langste route, ongeveer zes km, kleinzoon sputtert even tegen, ‘zoooo laaaaang’, kleindochter vertelt en geniet. Samen wijzen ze ons de staproute, doelbewust de wegwijzers negeren is dus onze boodschap.

Vogels, ganzen, steltlopers, minstens 8 verschillende soorten eenden verrassen vanuit de vogelkijkhut. Een paar bezoekers hebben zich reeds gezellig geïnstalleerd, waaronder drie verrekijkers en een immense lens. De ruimte is groot, we turen, ‘kijk, een vos’ en ‘zie de uil in de verte’….. Ai neen, we zijn onze verrekijker (weeral) vergeten, een must uiteraard, en doorgeven is nu geen echt goed idee.

Een biodrankje of Gageleer op het terras met prachtig zicht op de weidse vlakte zit er nu niet in.
Een stille zucht én groot gemis….. het is wat het is….. dikke, dikke helaas.
Gageleer is een donkerblond bier, gemaakt volgens een oeroud bio-natuurrecept, met pittige reuk en smaak van de gagel, die groeit in moerassig gebied en gecontroleerd wordt geplukt ten voordele van de natuur.
We wandelen verder, de zalige zon en blauwe lucht maken de omgeving extra mooi, extra groen, extra fijn.

De weg leidt ons langs vele meersen, restanten van -in de winter- geregeld ondergelopen grasvlaktes. Houten vlonders houden onze voeten droog en het enthousiasme erin.

Toch wel jammer dat te-veel mensen blijkbaar de weg vonden naar dit prachtige gebied. Eerlijk?, ik zal blij zijn als de winkels terug openen en we niet met zijn allen naar ‘dezelfde stilte’ op zoek moeten gaan.


De geschiedenis en het nu

Soldatenkerkhof Tyne Cot

De poort naar de Britse militaire begraafplaats staat open en bezorgt ons een indrukwekkend verstillende blik.

12 000 witte zerken als eerbetoon voor veel te jong gestorven mannen en mooie rode bloemen getuigen van een wreed verleden in de bloederige slag om Passendale, die net 100 dagen duurde.
Britten speken over het dal van het lijden (Passion Dale).

En toch staat de poort naar de vrijheid én de blauwe hemel voor ons terug open. Ook al voelen we ons deze dagen soms gevangen……

Fietsend doorheen de Westhoek, ontmoeten we groene weidse rust en de zachtwarme novemberzon.
Waar blijft de hete koffie?

Moeder en zoon in discussie. Overwegen we nog een bezoek aan het Duitse Cemetery in Langemark of kiezen we voor de (beloofde) ondergaande zon?

Duits kerkhof in Langemark

We komen er niet uit. Een compromis dringt zich op. En wat voor één!
Het wordt een beladen, maar prachtige dag, over verleden en heden, over toekomst en herkomst, over oud en koud, over natuurlijke rijkdom en Amerikaans dom, over walsen op de cosinus x + 1.

Een warme welkom van het enthousiaste kleine grut wacht ons op.

Over dipjes en on-dipjes

De ochtendstond heeft een dip in de mond. Grijs-weer-groet als ik de draperieën open. Wind en regen huilen om ter hardst.
Een moe-deloosheid overvalt me, ik ben moe van het eindeloos piekeren over wat wel of niet kan, over waar ik goed of fout bezig ben, over de slechte corona-cijfers en wat ik durf ‘riskeren’, over wie ik nog in huis toe laat en wie niet, ik wankel tussen ja en neen, dat drukt op de stemming.

De nieuwbakken 65-jarige minister Vandenbroucke – die ik overigens erg naar waarde schat- raadt aan om de buiten-gezin-contacten tot drie te beperken, bitter weinig toch…. Gaan we terug naar af?

De regen maakt plaats voor een donker wolkenspel, best wel mooi. Langer binnen blijven zit er niet in, we rijden richting het buitenland! Hulst, op amper 15 km, here we come!
De wallen zijn altijd een heerlijke verademing in de wind, vergezichten op water en bossen langs de ene zijde, het gezellige stadje langs de andere kant.
In onze stambrasserie geniet ik mijn warme chocolademelk met advocaat, lèkker!, maar behoorlijk zwaar. Voor de vijfde keer op rij moet ik toegeven dat ze eigenlijk geen spek naar mijn bek meer is, de maag sputtert, of was het de bijhorende pannenkoek?, want de cholesterol wordt verzorgd vandaag. Stoot een ezel zich ook vijf keer tegen dezelfde steen?

Ondertussen gaat ook de zon overstag, ze straalt, aanvankelijk zachtjes doorheen de wolken, maar steeds uitbundiger, de lucht klaart blauw, nieuwe energie overspoelt mijn lijf, een tweede keer wandel ik over de walletjes want plaatjes kleuren nu anders, levendig.