Er zijn zo van die dagen

dat grauwe beelden wagen knagen
ontwaken tussen vele tinten grijs
winter geeft z’n kaal karakter prijs

twijfel wordt dan onverhoopt de chef
van gevoel en normbesef
gedachten zus gedachten zo
kiezen contra of toch pro

de ander ja die weet het wel
tollen in eigen carrousel
van welles nietes en misschien
aarzelen en vooral ontzien

wordt het blauw of is het rood
beschuit of wit rozijnenbrood
aanvaarden zonder schroom
spartelen in de wervelstroom
gedachten ordenen in toom
dobberen op de levensdroom

twijfel is het begin van wijsheid (*)
ondanks vele wachttijd
en knagende onzekerheid
die zich vast bijt
aan- en afglijdt

twijfel is de waakhond van het inzicht (**)
denken én voelen vinden evenwicht
grijs straalt in het licht
en toont zijn waar gezicht
gezicht van hoop en kleur
van fresia en bloemengeur

(*) Aristoteles (Griekse filosoof die het toen al begreep)
(**) Confusius (Chinese filosoof die het nog vele jaren vroeger zag)

 

Advertenties

riem ram rijm

 

20181228_124036.jpg
nieuwjaarsbrieven

 

drie zijn al zélf geschreven
woorden worden prijsgegeven
na dagen oefenen in ’t geheim
op moeilijke zinnen en veel rijm

twee zijn nog geen eigen werk
maar juffrouw’s handelsmerk
een krabbel hier een letter daar
wat rode lipjes voor ’t nieuwe jaar

dat maakt dan samen vijf
dus eentje pleegde vluchtmisdrijf (?)
voorgedragen van groot naar klein
ontsponnen in het kinderbrein
blij vrij vrolijk luid
fier als een ijdeltuit
verlegen stil verscholen achter brief
grappig maar oh zo lief

riem ram rijm
ik hou van je, je ’t aime’
hij kan maar amper schrijven
en ’t Frans komt bovendrijven
kusje plezier kusje zonneschijn
mijn omahart knijpt fijn
ik wil voor jou zo’n lichtje zijn
dat straalt het hele jaar
mijn lichtje ben je al
dat straalt als een kristal
tinge-linge-ling
kijk maar hoe ik spring
en roep van hier naar daar
gelukkig nieuwjaar
fluistert kleine man
verstoppen is zijn reddingsplan
maar toch hoor ik heel erg vaag
het is gemeend bij hoog en laag

zo heerlijk al die wensen
van flinke kleine mensen
en omabaard die is zoooo fier
er stromen tranen van plezier

Donker en licht in Antwerpen

inCollage_20181228_094424133.jpg

 

in deze tijd van vele tinten grijs
waar kleur verzadigt en geur geeft prijs
ontdekken we nieuw levenselixir
omwikkeld in zijdepapier
en metalen constructies
schitterende creaties
van China en hier

het magisch sprookje stappen we binnen
de lotusprinses wil leven en minnen
Chinees nieuwjaar, een oude traditie
donkerte ondergaat transitie
levendige ambitie
tedere affectie
schitterende briljantie
vrolijke explosie
romantische emotie
nauwgezette precisie
tegen koud en grijs warme sensatie

twee volle maand is er gewerkt
met vele meter satijn
en nog meer lichtjes
lotusgeur en maneschijn
we sturen een wens de wereld in
waar ik bij de boom hoop verzin
 gulle liefde in denken en dromen
thuiskomen
aankomen en doorstromen

(4500 uren vakmanschap
60 ton staal
130 Chinese kunstenaars
32 Belgische artiesten
30000 energiezuinige lampjes
25000 meter satijn)

 

 

 

 

 

Mijn oudjaarsbrief

Beste ik,

Een nieuwjaarsbrief kan ik niet schrijven
over drugs noch drank noch misdrijven
waarbij ik zou kunnen beloven
deze het komend jaar uit te doven
dus blik ik heel graag even terug
reeds meer dan elf maand achter de rug

De winter was vrij zwaar
ik vond geen warmteregelaar
toen heel onverwacht mijn vader ging
het leek alsof de wereld verging
de hersens verdronken in TGA
enkel anderen vertelden het me na

Toen kwam de lente met wat kleur
haar geur trok me uit die sleur
een tuin die opleeft
een zon die warmte geeft
vele reisjes, kort en lang
brachten het piekeren in schommelgang

En dan die lange hete zomer
dromer, lomer, slomer
mijn fiets reed heel veel kilometer
een ware calorieënvreter
voor een levensgenieter als ik niet echt
wegens téveel aan het zoet gehecht

De herfst met pracht en praal
kwam zonnig in ’t vervolgverhaal
uitstapjes blijven duren
cultureel in avonduren
fijn met sleutelfiguren
me verdiepen in lecturen
terug op de schoolbanken zitten
in moeilijke materie spitten
ontspannend en heerlijk babysitten

Nu zijn de vele lichtjes daar
pakjes en gouden  lintjes liggen klaar
het jaar was licht en zwaar
niet alles lijkt verteerbaar
soms ligt ze daar, die baksteen op de maag
bij één of andere levensvraag
maar steeds lukt het verbrijzelen
de grauwe gedachten gijzelen

Nog even heel fijn vieren
genieten van momenten op scharnieren
en dan kom jij, het nieuwe jaar
zo winterklaar en wonderbaar

Een dikke zoen
van je lieve kapoen
laat vooral niet na
een duit in ’t zakje te doen

(bijna) 1 januari 2019

 

 

 

vallen en weer opstaan

Snel spring ik de winkel binnen.
De toog vol lekkernijen.
Die kleine Sintjes en Pietjes
Moet ik zeker nog kopen
Want zondag komt hier
De échte Sint binnenlopen
Met  -jawel- zijn donkere Miet
En het stoombootlied
Om elf kinderhartjes te verblijden

Ik bestel
Met 14 kom ik er wel
De winkeljuffrouw pakt voorzichtig in
Want een gebroken Sintje
Of Pietje
Daar komen traantjes van
Daar snapt het kind geen jota van

Geduldig wacht ik
Tot die boenk
Buiten
Een oude dame ligt tegen de ruiten
Hopeloos
En hulpeloos
Ze beweegt
Oef
Ik help haar recht
Ze is uitgegleden
Over de natte regen

De kluts die is ze kwijt
dat is ’t waar z’onder lijdt
Vuil
Een ferme buil
Eenzaam en verlaten
Ze kan terug praten

Ze vertelt haar verhaal
Dit is niet normaal
Want z’is mama van zes
Maar krijgt nooit bezoek
Geen telefoon, noch SMS
Ik heb met haar te doen
En veeg gelijk ’t slijk van haar schoen

Niet fair
Dat je na jaren van geven
Alleen op de wereld moet leven
“Geld he madameke
Daar zit ’t venijn
Leven in armoede en pijn”

Ik help haar recht
Een tweede keer met woorden
Daarna trek ik naar droge oorden
Hoe hard
En zwart
Een flard
Van smart
Kunnen de dagen zijn
Het luisterend oor
Was misschien een fijn medicijn
Tegen schrammen
En ongelukkig zijn

 

 

 

nacht tussen voor en na

op de vooravond van
dag-droom ik dan
over (2^6-1) jaar leven
tussen aarde en hemel zweven
voor het eerst geen bericht
geen foon geen gedicht
geen zoen geen wens
van een ouder-mens
dat mij het leven gaf
die weg van wieg tot graf

dat dagje meer
da’s wat ik bombardeer
tot groot fortuin
van teen tot kruin
ik geniet met animo
van bolero en cupido
blij dat ik mag zijn
in geur en maneschijn

dat dagje meer
tijd die ik chambreer
het jaartje ouder
ben ik licentiehouder
van een fijn diep voelen
in momenten woelen
gedachten overspoelen
dat leeftijd rust brengt
met optimisme vermengd
aanvaarden en bevatten
naar waarde schatten
een rimpel plus
klus knus  kus

 

maak herinneringen.

bos + kinderen.jpg

 

vakantietijd
leven op kruissnelheid
genieten van bos en water
de glimlach en die schater

vroeg ochtend, laat dag
vijf maal opa-omadag
slapen in zuivere lucht
lawaai noch lichte zucht

eendjes die om eten smeken
kindjes die nooit tegenspreken 🙂
héél veel speelplezier
een zwembad en een knuffeldier

bossen, oh zo uitgestrekt
het zingend dialect
vakantiehuis, zonnig en fijn
belevenis voor groot en klein

de sterren van de hemel  spelen
verhalende liedjes kwelen
traantjes blussen
wondjes kussen

najaar in kleuren
bos in geuren
paden op en neer
herfstseizoen vol sfeer

 

 

de stormachtige (zon??)dag

20180923_142728.jpg

ik ben en blijf  familiemens,
vandaar mijn immer-wens
ontsponnen uit meisjesdromen
om geregeld samen te komen

met de ganse bende van  zus en broer
gaan we  op eet- en babbeltoer
met 33 namen op de lijst
zijn we allen afgereisd
naar de gezellige, droge? zaal
een super-fijn verhaal
van grotendeels dezelfde genen
omringd door nat en hagelstenen

bij onze ouders ligt het prille begin
dit verlies hakt er vaak flink in
zij plantten het familiegevoel
’t zijn herinneringen waar ik in krioel
en vaak verloren loop
gedachten in de knoop

ooit woonden we met zes
op hetzelfde thuisadres
de helft is nu nog hier
tokkelend op het familieklavier
daaruit ontsprong de hele stamboom
hij sijpelt rustig door, de kostbare stroom

we hebben samen blij genoten
dus wil ik  heel graag quoten
 heerlijk prettige mensen van groot naar klein
die uit het goede hout gesneden zijn 🙂
de regen kon ons echt niet deren
om vele lekkernijen  te souperen
en achteraf te concluderen
dat w’in een dol-fijn tafereel verkeren