Perikelen en schoonheid

Met een flinke oorontsteking als vurige vijand en Dafalgan als beste vriend, kom ik vandaag de dag door. Nooit geweten dat het zoveel pijn kan doen….. On-rustig verhuis ik van zetel naar stoel naar bed, de ‘on’ geraak ik maar niet kwijt. Dokter knikt begrijpend, ook als ik vertel over het (totale!) dove oor dat me paniekaanvallen bezorgt, het zal er dus bij horen veronderstel en vooral hoop ik? Afwachten is de boodschap. Niet direct mijn grootste talent, dus begin ik in vrolijker foto’s van de voorbije zondag te scrollen, elke afleiding is meer dan welkom.

Wil je graag een grijze winterzondag invullen?
Hou je van Art Nouveau doorspekt met streepjes neogotiek en art deco?
Ligt Sint-Katelijne-Waver (omgeving Mechelen) op een overbrugbare rijafstand?
Wil je genieten van pure schoonheid, kleuren, het meer dan één eeuw-oude interieur, toen hypermodern, nu nog steeds prachtig schitterend?

Ergens begin de 19e eeuw besluit de orde van de Ursulinen dat ook meisjes recht hebben op degelijk onderwijs. Eindelijk….. zou je toch denken……
Aanvankelijk enkel voor de meisjes uit de omgeving, maar er moest dringend geld in het laatje komen én het lesniveau lag er heel hoog, meisjes uit gegoede families in Europa en wereldwijd kwamen er dus op pensionaat. De ouders betaalden flink, de school kreeg een rijke uitstraling. De zusters waren vooruitstrevend, het korset mocht in de kast blijven, lang voor dit maatschappelijk werd aanvaard en ‘verboden boeken’ kregen een zichtbaar plaatsje in de schoolbibliotheek. De hele school stond in het teken van leren, de meest verborgen hoekjes nog als hedendaagse getuigen.

Vandaag bevat de school 1700 studenten, de mooiste ruimtes krijgen enkel ingang onder toezicht. Of studenten oog hebben voor zoveel pracht??
We bezoeken het gebouw onder leiding van een gids, ze was zelf 9 jaar studente in de school en ondertussen 30 jaar leerkracht én nog steeds in de ban van zoveel culturele esthetiek. We ontdekken de refters, de ‘sjieke’ waar ouders van studenten uit het verleden stijlvol ontvangen werden, de ‘gewone’, waar de leerlingen nu lacherig aan lange tafels schuiven, niet meer gedisciplineerd buigen of bidden voor het eten tot zuster overste toestemming geeft om in gewijde stilte te eten.
De gids vertelt ‘Vroeger huppelden de meisjes door de gangen, nu wordt er gesloft en geslenterd’. Enige herkenning is me niet vreemd.

Wij wandelen doorheen de lange pianogang, 32 kleine hokjes naast elkaar, allen vernoemd naar bekende componisten. Want leren was en bleef overal de grootste uitdaging. Nog 12 hokjes zijn nu in gebruik, compleet met de authentieke art nouveau-krukjes, keramieken tegels en geëtste ramen met lotusbloem. Ik slaagde er niet in de indrukwekkende gang in beeld te brengen, één hokje lukte nog net en geeft een mooi beeld. Uiteraard krijgt enkel muzikaal talent de kans om daar in de huidige vrije tijd te tokkelen.

De kers op de taart is de Wintertuin. De zusters hadden voldoende geld om een schitterende ontvangstruimte te maken. De architect is nog steeds onbekend, hier en daar wordt Horta gefluisterd. De kronkelende glas-in-lood-ramen stellen het kleurrijke verloop van de dag voor. Jammer dat de zon die ZON(?)dag forfait geeft, we missen een prachtig spektakel. Ook de tafels en stoelen zijn authentiek. Een locatie waar je zomaar blij van wordt, en die oorperikelen even langs de kant kan schuiven. Ik besluit dus straks met de foto onder de wol te kruipen!

Wie interesse heeft, klik even hier.
https://www.visitwintertuin.be/

Elke zondag zijn er rondleidingen voorzien om 14.30u, in verschillende talen. Reserveren is verplicht, 10 Euro pp wordt verrekend aan de inkom. En ja……mondkapje verplicht. Maar meer dan de moeite waard. Voor wie 2 uur recht staan ongemakkelijk wordt, overal mag je stoelen en banken gebruiken.

Het gaat wél in de koude kleren zitten

Drie volle uren vind je me woensdagvoormiddag op de schoolbanken. Het is fijn langs de andere kant van de tree -zo werd vroeger de lichte verhoging genoemd- te zitten. Ook staan wordt hiermee voltooid verleden tijd. De les is boeiend, maar ondanks de vier lagen trui, het in een vergeten lade opgevist Damart-hemdje, de jas, de kleine én grote wikkelsjaal voel ik me langzaam maar zeker transformeren in Witje, de ijsbeer. Het -terug van even weggeweest- mondmasker houdt neus en mond warm. Deur en ramen staan wagenwijd open. Concentratie in bevroren toestand is geen sinecure, gedachten dwalen voortdurend af richting warm bad en zalige dromen over zomerse stranden. De koude vreet letterlijk aan me.
Verkleumd fiets ik naar huis, buiten voelt het net iets warmer aan dan in het lokaal, of is het enkel wishful thinking bij de gedachte aan de naderende warme thuis? Manlief heeft heet! gekookt en de chauffage gaat vlot twee graadjes hoger, sterk stijgende brandstofprijzen ten spijt.
Heel, veel te langzaam stroomt nieuw leven door de aders. Ik ben terug ik.

Klaar voor de ijzige uitdaging.

Man en schoonmoeder kregen de boosterprik. Lekker gaan eten met de kersverse 91-jarige lijkt dus veilig(er). Zij geniet heel hard van eindelijk-terug-buiten, beweging van mensen rondom, er is geen speld tussen de woordenvloed te krijgen, luisteren en knikken is de boodschap. Een kleine wandeling van bank tot bank doet zichtbaar deugd, zorgt voor enige uitputting, maar vooral ook die prikloze boost van energie.

Must-sees in Den Haag

Den Haag by night.
Den Haag in de miezer.


Den Haag in de zon missen we, typisch novemberweer, maar het deert ons niet. De vele (kerst)lichtjes wijzen spontaan de juiste richting. Tijdelijk ben ik moederziel alleen onderweg, manlief bezoekt het Mauritshuis, enig oriëntatievermogen is me totaal vreemd, met moeite hou ik links en rechts uit elkaar, google maps helpt altijd de behoeftigen en intijds wacht ik – tot grote ver/bewondering van de man- op de afgesproken plaats.

We doen een korte heen en weertrip met overnachting in het prachtige Wassenaar, veel tijd rest ons niet, maar een jaartje extra vieren in het buitenland helpt de leeftijd gemakkelijker verteren. Dacht ik toch….. De nieuwe palindroom blijft me nu sowieso een vol jaar vergezellen, daar is duidelijk geen ontkomen meer aan. Zelfs niet met heerlijke drankjes en hapjes. Maar…..

En vooral daar zijn we dapper in.

Het Escher-museum heeft ons sterk verrast. We kenden de man al van de onmogelijke ruimtefiguren in de architectuur (die in een vorig leven ideale illustraties geven om lessen in ruimtemeetkunde mee te starten) .
De hoofdthema’s zijn oneindigheid en eeuwigheid, die vooral herkenbaar zijn in zijn vlakvullingen vol wiskundige patronen. Ontdek het zelf in dit reptielenwerk. Wie doet hem na? Ongelooflijk knap toch! De figuren kloppen tot in de kleinste details. Het motief kan eindeloos herhaald worden, als teken van een eeuwig durende beweging. De man moest 70 jaar wachten om (h)erkend te worden. Een grote Haagse aanrader.
Het licht weerkaatst links in de foto, ondanks veel mogelijke standen lukt het me niet dit te vermijden. Het is wat het is, een schitterend werk.

Heel graag gun ik mijn lezers een flinke (?) nadenkklus bij onderstaand werk. Wie ontdekt de naam van dit kunstwerk? Neem rustig je tijd. Geef je over aan de fantasie, maar ga niet googelen. De man speelt ook hier met lijnen.

En dan volgt de oer-gezellige babbel met medeblogster Rietepietz. Hoe tof kan het zijn om schrijfgenoten in levende lijve te ontmoeten, in blind-date-stijl met verwittiging van beige jas, om eindeloos (in het thema van Escher) elkaar in real life te leren kennen én te ontdekken dat gesprekken vlot en leuk verlopen en uren vliegen. Meer nog, een next date in Antwerpen wacht in het voorjaar.
Het was niet tof……….. het was super-tof. Om het in de taal van onze kleinkinderen te verwoorden na een fijne dag. Eveneens een grote Haagse aanrader.

En nu ik toch al (her)kenbaar ben via haar blog mag de anonimiteit nog een keertje vervagen, een selfie-openbaring in een prachtige lichtbol.

Het leven zoals het vandaag is….

Maandag. Babbelafspraak met vriendin. Haar angsten deinen en springen onrustig op en neer met de Coronagolven. Ze is gedecideerd, het wordt een terrasafspraak. Mijn opwerpingen over het koudere weer brengen geen aarde aan de dijk. Ook niet dat in de heel grote taverne amper één tafeltje bezet is en we gerust de 12-meter-regel kunnen respecteren. In de zon is het 19 graden, doelbewust wijst ze me op de buitenthermometer. Er zijn geen plekjes in de zon, maar ook dat is niet van tel.
Maar ze is lief en heeft een fleecen dekentje voor me mee, waar ik me graag vijf keer in wil wikkelen als het tien keer groter was geweest. Langer dan verwacht, ruim 2.5 uur houden we ons met een vurige babbel (zij heeft pit en staat op scherp) en een paar hete thee’s warm. Tot het topje van mijn neus blauw uitslaat en niet-bedekte-ijs-tenen het stil zitten lastig maken. Ik geef forfait, en stap mijn voeten terug tot leven met een flinke-terug-naar-de-trein-tred.
Aangekomen in het station ontdek ik het bord met vijf annulaties. Alle treinen richting huis zijn afgeschaft voor onbepaalde tijd. Help, hoe geraak ik thuis? Wordt het dan nog buitenslapen ook? De trein is toch altijd een beetje reizen?
Geen paniek, verzekert me de stationschef, na meerdere rondvragen vind ik eindelijk meer info.
Geen paniek, er wordt een vervangbus ingelegd. Maar haast en spoed zijn heel erg goed, want ‘er is voorlopig slechts één bus voorradig’ en er zijn ‘heel veel wachtenden voor u. Daar op die plaats komt hij aan’. Vijf frisse minuten passeren en lijken uren te duren, tien minuten, een kwartier, ik wil jullie niet langer aan het lijntje houden, maar 40 minuten later stopt HIJ op een totaal andere locatie. Tenen en puntje van de neus getuigen blauw. In grote drommen snellen we die richting uit, en ja, ik ben bij de gelukkigen. Hardlopen was altijd al mijn beste sport, of moet gewoon iedereen mee en zitten we als haringen in een ton op elkaar gepakt? Het zweet breekt me uit, warmt zelfs de ijzige topjes op, jaren geleden dat we zo naast en op elkaar zaten…… Als buurman kucht, kijkt iedereen gefronst zijn kant uit zoals het ‘rechtvaardige rechters’ betaamt.
’s Avonds app ik nog snel naar vriendin dat we gelukkig coronavrij in de namiddag een ijskoude babbel genoten en dat ik ‘veilig’ ben thuis geraakt.

Donderdag. Manlief gidst het Gentse lichtfestival. Een prachtig spektakel. Als kenner van de achtergrond bij de verschillende kunstwerken loodst hij met mondmasker en op veilige afstand een groep geboeide volgers rond.
In de late avond lees ik tevreden zijn berichtje ‘missie meer dan geslaagd. Toffe toehoorders’, nu wacht hem nog enkel de trein terug naar huis. ‘Tot straks. Love you’. (Love is mijn logische troetelnaam).
Later dan verwacht komt hij thuis. In alle staten. Vloekend (sorry hier vloekt men niet) op de NMBS die zich geëxcuseerd heeft dat het overvolle perron in drie wagons moet verdwijnen, maar het is enkel een misverstand, want in principe waren er negen voorzien. Excuses aanvaard? Op elke vrije millimeter op en tussen de banken hangen mensen. Iedereen zwenkt en masse links, rechts, vooruit. Je voelt de hete (besmette?) adem van de omstaanders in de nek. Een man maakt zich razend op een mede-hang-slachtoffer dat weigert zijn mondkapje op te zetten. Of was hij stilaan de verstikkingsdood aan het sterven? De razernij van de man kent geen grenzen, hij roept en tiert de hele wagon bij elkaar. Tot de treinconducteur himself buiten de stuurcabine komt, zich tussen de massa drumt en de woedende man terecht wijst dat hij moet stoppen of ter plekke uitstappen. Protesten van ‘ja maar, hij weigert het kapje’ krijgen geen gehoor. Iedereen geraakt over zijn toeren….

Zaterdag. Eindelijk kunnen we onze vijf keer uitgestelde restaurantbon genieten. Een zoveel-jaar-getrouwd-cadeau nog. De locatie is rustiek gezellig, het eten heel smaakvol, de wijnen (nog zelf te betalen….) te duur, de sfeer ontspannend. De obert serveert stijlvol en vriendelijk. Geld innen blijft de taak van de eigenares, die naar onze tafel strompelt en uitlegt dat ze flink ziek is, de ‘griep’ heeft haar in zijn macht, maar geen paniek, het ‘zal wel gewone griep zijn’. En wij zijn ook daarvoor net ingeënt, we leven toch in het jaar van de spuiten? Drie dagen lag ze uitgeteld in bed, maar je weet wel ‘een zakenvrouw moet dapper zijn’….. We horen haar verhaal, het mondkapje hangt te bengelen over de kin, manlief duikt subtiel, steeds dieper weg van onder haar spraakwaterval. Nog nooit hebben we zo snel betaald, onze jas zelf van de kapstok gerukt en we zijn naar buiten gevlucht, de pure lucht in.

Cultuurshot, kort maar krachtig

Vandaag is het elf jaar geleden dat ons tweede kleinkind, tevens eerste kleinzoon het levenslicht zag. Ik herinner me het gelukstelefoontje als gisteren. We waren onderweg naar mijn moeder die na heel zware beenbreuken vier maanden in de kliniek lag om er uiteindelijk (onterecht! Tja…) aan de ziekenhuisbacterie te overlijden, ik slaag er (nog steeds) niet in het bijhorende horrorverhaal neer te schrijven. Haar ogen glinsterden bij het blije nieuw-leven-bericht. Fier als een gieter zou ze op zoek gaan naar een ludieke naam voor het overgrootmoederschap.
Ze had nog wat tijd….niet dus…..
Ze heeft de lieve baby nooit gezien. Maar nu vieren we hem graag, zij het op afstand. Een heerlijk ventje. Hij verdient terecht elf w.a.r.m.e knuffels.

De derde tentoonstelling van het Kunstuur van de broers Bourlon in Mechelen startte onlangs. De vorige editie is ons zo goed bevallen, dat we ook nu terug van de partij zijn. We trommelen vrienden op, ons enthousiasme is blijkbaar overtuigend in sneltempo, we koppelen graag een Italiaans etentje aan de verrassende cultuurshot.
Het geheel duurt amper één uur, we bezoeken met mondmasker én draagbare stoeltjes én beperkt publiek van maximum 8 personen de intimistische kunstbeleving, waarbij bekende Vlamingen onder holografische vorm de eigen bevinding bij een gevarieerd aantal schilderijen uit de periode 1887-1938 vlot vertellen. De achtergrond muziek van Dirk Brossé is warm en grijpt je bij het nekvel. We wandelen doorheen 2 kamers en de Heilige Geest kapel (beschermd monument sinds 1938) , waar de warme stem van Jan Decleir je volledig in de ban houdt.

Meer dan twee derde is privébezit, zelden openbaar getoond. Ik ben verre van een kunstkenner, een binnen-lucht-museum zorgt vrij snel voor verveling en verzadiging. Daarom juist ben ik grote fan van deze innovatieve manier van kunst genieten.
Kort maar heel krachtig. Ik val in herhaling….

In het voorjaar van 2022 gaat het evenement nog één keer door in Mechelen, daarna wordt wellicht voor Hasselt gekozen. No problem, dan combineren we graag met een citytrip, want in de lente staat de zon altijd paraat?!

Ik word verliefd, ja zwaar verliefd!, op Modest Huys, hij is meer dan welkom in onze woonruimte. Eén blik op zijn ‘Lente te Brakel’ als schilder van het landelijke leven tussen de Leie en de Vlaamse Ardennen spreekt boek-schilderdelen.
Een foto zou zijn werk oneer aandoen, de camera blijft dus veilig in de handtas. De stilte en rust, waarbij elk schilderij afzonderlijk wordt belicht, terwijl je door de audiofoon de uitleg en muziek geniet, kan én wil ik niet met een onverwachte flits opschrikken. De sfeer is ingetogen. Verplaatsingen naar de volgende ruimte gebeuren op kousenvoeten, zonder woorden. Dat ik zelf een kind van de prachtige Vlaamse Ardennen ben speelt hier zeker in mee.

De mooi aangelegde autoloze markt, de schitterend verlichte Romboutstoren, een warme chocomelk met slagroom en de boeiende nabespreking maken mijn dag af, om vervolgens in de file richting huis te verdwijnen.

“Toch ken ik septembers met een gouden glans. Toch zijn er novembers met een toverdans” (Toon Hermans)

Ontroerd zijn, dat is ademhalen met het hart.


Elke dag bevat wel ergens een ontroerend moment, soms diep verstopt in een stil hoekje, soms zomaar voor het grijpen. Vaak is ontroering een sterk individueel gevoel. Even snel een traantje wegpinken, terwijl buurman zich afvraagt waarom. Een heerlijk warm gevoel ook, jammer dat ik het niet kan blijven vast houden, want ontroering ontroert. Of wat dacht je?

En dan krijg je onverwacht dit mailtje, kort maar krachtig, in de mailbox. Kleinzoon 2 leert typen en woordjes versturen.

Het lezen van sommige blogs in combinatie met een (h)eerlijke openheid roept eveneens een aangrijpend gevoel op. Ook al spelen gemis en stilte vaak de hoofdrol in deze tijd van het jaar. Er is ook dankbaarheid, onzekerheid, een stilstaan bij vooral zoveel liefde. Zelf ga ik nooit naar het kerkhof, vader is verstrooid, moeder eveneens in haar geliefde tuin, het graf van zus voltooid verleden tijd (het graf, niet zus). Leuke foto’s in huis maken de herinnering zoet en zacht. Een roos-wit bloemetje zorgt voor een intiem vergeet-mij-niet-hoekje.

Onze boom straalt goud.
Straks wordt hij kaal en koud
Om in de lente terug weelderig te bloeien
Frisgroene blaadjes laten groeien
De cyclus van het leven zoals het is
Loslaten en herbeginnen.

We varen met de snelle waterbus en twee kleinzonen naar Antwerpen, waar het MAS (museum aan de Stroom) prachtige vergezichten rijkelijk tentoon spreidt, zomaar gratis voor niets, waar roltrappen je in een spiraal tien verdiepingen hoog brengen, waar reusachtige glaspartijen en de open ruimte bovenop telkens weer met een schitterend zicht op de stad verrassen, waar de gevel bezaaid is met meer dan 3000 aluminium handjes, enerzijds naar het verhaal van Brabo en Antigoon en (h)and-werpen, en ook naar de helpende handen van de vele mecenassen.

Op de vierde verdieping wordt de Mexicaanse Dia de Los Muertos gevierd met een kleur-rijk steentjestapijt, ontworpen door de firma Flowers From Belgium uit mijn bloedeigen omgeving. De zielen van de overledenen keren daar even terug om samen met de aardse familie favoriete bezigheden te genieten. Een skelet mag er nooit ontbreken. Voor kleinzoon een grote verassing, hij leert net in school over het grote verschil bij doden herdenken in vele landen. En laat nu net die moeilijke naam een vraagje op de toets zijn.
“Wij zijn droevig, de Mexicanen vieren feest en zijn blij” vertelt hij. Om met een grote korrel zout te verteren.

Op de terugweg ontdekken we Waffle And Juice in de Mutsaardstraat. Al roze dat de klok slaat, binnen en buiten. Maar dat het aanlokkelijk is, blijft een feit.

Het reuzenrad, dat lang stof heeft staan vergaren, draait weer. Voor een luttele 18 Euro kunnen oma en kleinzonen drie toertjes meedraaien. De eerste ronde met een angstig gezichtje, maar ze willen vooral stoer zijn, want….haha, opa durft niet, het wordt steeds leuker en gezelliger, de slappe lach als luide getuige van kleine hartjes. Het zicht op de herfstige stad vanuit de veilige bubbel is fenomenaal. Ondanks mijn -niet toegegeven uiteraard- hoogtevrees wordt een snelle foto gewaagd vanop 50 hoge meters.

Dag prachtige stad, dag fijne dag, dag heerlijke boys! Met een snelheid van 40 km per uur varen we full speed richting huis. Ondanks de bittere kou is het een fijne beleving op het dek en laten we de gezellige binnenruimte met luxueuze zetels voor wat hij is.