vallen en weer opstaan

Snel spring ik de winkel binnen.
De toog vol lekkernijen.
Die kleine Sintjes en Pietjes
Moet ik zeker nog kopen
Want zondag komt hier
De échte Sint binnenlopen
Met  -jawel- zijn donkere Miet
En het stoombootlied
Om elf kinderhartjes te verblijden

Ik bestel
Met 14 kom ik er wel
De winkeljuffrouw pakt voorzichtig in
Want een gebroken Sintje
Of Pietje
Daar komen traantjes van
Daar snapt het kind geen jota van

Geduldig wacht ik
Tot die boenk
Buiten
Een oude dame ligt tegen de ruiten
Hopeloos
En hulpeloos
Ze beweegt
Oef
Ik help haar recht
Ze is uitgegleden
Over de natte regen

De kluts die is ze kwijt
dat is ’t waar z’onder lijdt
Vuil
Een ferme buil
Eenzaam en verlaten
Ze kan terug praten

Ze vertelt haar verhaal
Dit is niet normaal
Want z’is mama van zes
Maar krijgt nooit bezoek
Geen telefoon, noch SMS
Ik heb met haar te doen
En veeg gelijk ’t slijk van haar schoen

Niet fair
Dat je na jaren van geven
Alleen op de wereld moet leven
“Geld he madameke
Daar zit ’t venijn
Leven in armoede en pijn”

Ik help haar recht
Een tweede keer met woorden
Daarna trek ik naar droge oorden
Hoe hard
En zwart
Een flard
Van smart
Kunnen de dagen zijn
Het luisterend oor
Was misschien een fijn medicijn
Tegen schrammen
En ongelukkig zijn

 

 

 

Advertenties

De niet-geboorte van een boek

Ik denk erover  mezelf te ‘vereeuwigen’ op papier, iets te betekenen voor klein- en achterkleinkinderen die uiteraard met mijn boek – trouw elke nacht opnieuw- onder het hoofdkussen zullen gaan slapen.
Want die (groot)oma was toch best boeiend, origineel, inspiratierijk én geweldig?
Niet toch?

Hoewel wolkenspel me heel erg charmeert, vertrouw ik ‘the cloud’ voor geen cent.
En zit niet juist daar een groot deel van mijn ‘schrijverscarrière’  verstopt?

Waarom geen auteur worden van een eigen creatie?
Het moet heerlijk zijn om op je sterfbed te kunnen zeggen ‘draag goed zorg voor MIJN boek, over de vele generaties heen’.
En uiteraard zullen ze dat doen, ze zullen oma’s werk koesteren, kreukels vermijden, plat strijken tot woorden vervagen, lezen en herlezen en her-herlezen.

Dat alles maak ik mezelf graag wijs.

Nu nog enkel de koe bij de horens vatten…. ik surf, speur, zoek, ontdek, vergeet en herontdek mogelijkheden om mezelf te vereeuwigen.
De knoop hak ik door na een paar intensieve opzoekuurtjes. Ik besluit in zee te gaan met into real pages, de woorden spreken voor zich, vanuit de wolken naar écht papier (inderdaad een real boek!) toveren op een  vlotte manier, zelfs een leek kan ermee overweg, wordt me beloofd.
En inderdaad, mijn kennis reikt voldoende ver om mijn blog vlotjes, soms  via een sporadisch ergerlijke hinderpaal, om te toveren tot een prachtig boek, dé vereeuwiging die ik voor ogen heb.  Na een uurtje staart mijn  creatief werk me uitnodigend aan  vanop het scherm, de foto’s schitteren in volle, vrolijke kleuren, de tekstjes verschijnen origineel kolomsgewijs  in MIJN boek.
Ja hoor, ik stap de bekendheid binnen, ik moet alleen nog beslissen hoeveel lijvige exemplaren ik laat drukken.
Even nadenken, hoeveel mensen kunnen écht niet zonder? Teveel om op te tellen….

Maar laat ik het eerst houden bij een eigen kerstgeschenk, ik zal inpakken in een vrolijke kerstfolie, leg het onder de groene boom en overdonder mezelf én de familie, zal er dagelijks met plezier uit voorlezen aan de nakroost, die ‘waaahhhh’ en ‘ohhhh’ en ‘gewèèèèèldig’ zullen stotteren van verbazing, en ik weet zeker, nadat iedereen zich heeft laten verrassen door dit prachtige exemplaar, begin ik met extra’s bij te bestellen, hopelijk krijgt de drukkerij deze grote klus rond…..

Okido, ik ben klaar om te laten drukken, een tevreden oma-mens, nog een laatste kleinigheid, ik zal graag met de glimlach betalen. Enig speurwerk vooraf leerde me dat nergens werd gesproken over betalen en bijhorende kost, maar geen zorg, de prijs van een fotoboek veronderstel ik….
Ik klik, en laat me terug verrassen, voor amper 170 Euro krijg ik mijn eigen schrijven in druk, dat is het boek  toch zeker waard? Verzendkosten  niet inbegrepen uiteraard.

Of toch niet?

Plannen smelten als sneeuw voor de zon, uren surftijd zijn verstreken, ik word geen BV, mijn nakroost zal het moeten stellen met  woorden op het scherm, ergens verborgen in the cloud , maar ze zullen zoeken en vinden, genieten en ergeren,….. maak ik mezelf terug wijs.

En ondertussen lees ik aandachtig de dagelijkse mail van de website met de melding dat ik ‘vergeten’ ben af te ronden vooraleer mijn prachtige compositie in de brievenbus kan belanden….

voeten op de grond
ik word geen auteur en blijf
zweven in de cloud

 

Gesprek met de regen

De voorstelling van het theaterstuk van Nieuwstedelijk wordt ingeleid door een Knack-journaliste die druk met armen en benen zwaait. Ze vertelt als een sneltrein, sommige toehoorders kunnen zich niet langer concentreren, zelf kom ik vervolgens  ‘opgedraaid’ de zaal binnen.

Adam (Tom Van Bauwel) en Niki (Sara Vertongen) vertrekken hals over kop naar Singapore – symbool voor dé stad waar het leven erg snel om je heen vliegt-  om in nieuwe uitdagingen te vluchten na het overlijden van hun dochter.
Zij stort zich in de razende technologische wereld, goochelt met google en smartphone, in de hoop het on-leef-bare  verdriet een plaats te kunnen geven.
Hij daarentegen trekt traag doorheen de stad en spreekt temidden de moussonregens tot zijn dochter, hij hoopt ze terug te vinden, kan niet verder leven zonder haar.
Tegenstellingen zijn duidelijk voelbaar. Verdringen van verdriet of zich wentelen in datzelfde gevoel, zich storten op het werk of traag doorheen de stad wandelen en het gemis toelaten, de spanning in de muziek en de  videobeelden van de levendige stad op de achtergrond komen bijna letterlijk hun nieuwe, ongezellige, te stille huiskamer binnen.
De (ant)woorden van de overleden dochter vallen letterlijk in druppels uit de hemel.

Om dit te realiseren, trekt de theatermaker Stijn Devillé naar het e-Media Research Lab van de KU Leuven, waar twee studenten  zich over dit praktisch uitvoerbare  probleem buigen, het regent  leesbare waterwoorden op de voorstelling via 400 ventielen.
Een 3D-printer, watergeruis, belichting en veel programmeerwerk zorgen voor dit unieke innovatieve staaltje  techniek en bijhorende ontroering.
Prachtige woorden, gevormd in en door regendruppels, rollen vanuit de hoogte en plenzen nattig op de grond.
De kletterende moussonregens vertolken het klimaat van verdriet en tranen.

De voorstelling over rouw en het (vruchteloos) op zoek gaan naar een (on)mogelijk nieuwe inhoud van ‘het’ geluk, (be)leef ik intens mee.
Vader en dochter gaan met elkaar in gesprek, over hoe het nu verder moet, over alleen achterblijven en eenzaam zijn, over rouw en sterven, over de oerknal, over het waarom, waarom toch en waarom toch wij…..

Ze wordt doodgezwegen, daarom moesten we vluchten naar het andere eind van de wereld. Is ze dan nog niet dood genoeg?”

“dit is het dus …   dacht ik
dit is het dus    ze is dood
mijn kind is dood
ik heb een dood kind
kijk mij   ecce homo
ocharme ik
het drama waar ik  naar verlang
naar op zoek ben
om mijn leven kleur  en glans te geven
voltrekt zich nu
dit is het dus”

(woorden van de vader in het stuk)

Knap technisch, knap ontroerend, knap gevoelig ‘uit het leven’ gespeeld, knappe acteurs schitteren in  eenvoud en naturel. Knap met hoofdletter op élk gebied.

Het theaterstuk is gedeeltelijk autobiografisch.
De klap waarmee het zesjarig dochtertje van de regisseur en auteur op het familiefeest levenloos van de trap valt, is in zijn geheugen gegrift. Hij slaagt erin haar te reanimeren, ze houdt er geen letsel aan over, maar beide ouders zijn getekend, de verwachte opluchting om het ‘succes van het overleven’ blijft uit, vele maanden lang.
Zij rouwden om een kind dat ze niet hadden verloren“.
Een wetenschappelijk  bericht in De Standaard over de oerknal helpt hem onverwacht uit zijn apathie, het artikel  overstijgt zijn mens-denken, hij kan weer functioneren en creëert deze prachtige voorstelling.

Stijn beschrijft het gebeuren met onderstaande woorden, die voor mij zo ongelooflijk herkenbaar zijn in het verwerken van het enorme verdriet bij mijn beide ouders, toen hun dochter, mijn zus  stierf.
Mijn moeder is vrouw, de man in het theaterstuk, mijn vader is man, de vrouw in dit stuk.
Elk van hen probeerde anders te verwerken, wat soms voor spanningen zorgde, maar waar ze uiteindelijk samen sterker uit kwamen, ook al bleven ze gekwetst tot ze uiteindelijk zelf ‘moesten’ loslaten.

Je hebt twee rouwstijlen.
De eerste kennen we het best en is het meest aanvaard.
Veel verdriet, 
veel huilen, niets kunnen of willen doen.
De tweede is instrumenteler.

Je wil iets doen en je leven weer in handen nemen.
………
Vaak wordt die eerste intuïtieve rouwstijl als vrouwelijk bestempeld, en de instrumentele
stijl als mannelijk.
Dat wilde ik omdraaien.
Zij is de carrièrevrouw, de rationele geest.”

The wife

De Zweedse regisseur Björn Runge verfilmt het gelijknamige boek van M. Wolitzer.

Honderd minuten lang voel je spanning, begrip en onbegrip , leef je mee met het oudere koppel, dat gelukkig lijkt, en toch ook weer niet.

Glenn Close, bekend om haar hoofdrol in  Fatal Attraction (1987) en Dangerous Liaisons (1988) ,  vertolkt op schitterende wijze  Joan, die haar leven volledig ten dienste heeft gesteld van de litteraire carrière van haar man Joe ( Jonathan Pryce)

De close-ups van Close bespelen ontroerend mooi het mee-voelen, zonder naar sentiment over te hellen, je ziet en beseft dat er iets gaande is, maar het is wachten tot het einde om  te begrijpen.

De relatie tussen de charismatische, overspelige Joe en de introverte, toegewijde Joan wordt zonder veel woorden noch beelden uitgesponnen tot een sober geheel, vooral haar intense blikken spreken boekdelen en blijven me bij.

Het klassieke rollenpatroon wordt aangekaart, zij staat haar hele leven  in de schaduw van, en ‘mag’  als vrouw van mee naar de uitreiking van de Nobelprijs voor literatuur in Stockholm.
Maar niets is wat het lijkt.
Het verhaal krijgt een  verrassende wending.

Deze film oogt sober, de personages vertalen gevoel én karakter, je wordt letterlijk in het onthutsende verhaal mee gezogen.

Ik ben getroffen door die eenvoud, door wat lijkt en niet is, door wat liefde en/of schrijversdrang kan doen met een mens, door de oneindige opoffering van de vrouw voor haar -vaak narcistische- man, door de liefde en bijkomende huiveringen, door het besef tot wat opgekropte frustraties in het leven kunnen leiden.

Als je de kans krijgt, pik een avondje bioscoop mee!

nacht tussen voor en na

op de vooravond van
dag-droom ik dan
over (2^6-1) jaar leven
tussen aarde en hemel zweven
voor het eerst geen bericht
geen foon geen gedicht
geen zoen geen wens
van een ouder-mens
dat mij het leven gaf
die weg van wieg tot graf

dat dagje meer
da’s wat ik bombardeer
tot groot fortuin
van teen tot kruin
ik geniet met animo
van bolero en cupido
blij dat ik mag zijn
in geur en maneschijn

dat dagje meer
tijd die ik chambreer
het jaartje ouder
ben ik licentiehouder
van een fijn diep voelen
in momenten woelen
gedachten overspoelen
dat leeftijd rust brengt
met optimisme vermengd
aanvaarden en bevatten
naar waarde schatten
een rimpel plus
klus knus  kus

 

5 drukknopjes naar de dag van vandaag

  • Na een slapeloze nacht sleep ik me -veel te vroeg- het bed uit, ik strompel  verward en vermoeid de dag binnen,  middenin de speelwereld van net ontwaakte kinderen, die  zorgzaam en lief met elkaar omgaan, terwijl mama, papa en die ‘oude’ oma  de ogen nog uitwrijven….. Ik ben verrast!
  • Ik bak veel, heel veel wafels voor het goede doel, samen met andere mama’s, opa’s en oma’s. We bakken ons warm voor de warmste week, waarbij het initiatief van zoonlief (Animaltails) wordt gesteund door de ganse school.
    Het geeft me een hartelijk, heerlijk gevoel te ontdekken hoe iedereen daar nu volop bezig is  om voor zijn project een warme duit te betekenen.
    Hoe leerkrachten en (groot)ouders belangeloos hun kostbare tijd willen spenderen aan dit engagement. Het maakt me blij, heel blij!
    En morgen sta ik terug paraat achter die hete bakplaten. Ik weet van geen stoppen meer….
  • De kleuters komen ons talent bewonderen, klappen bravo met  enthousiaste handjes en smaken duidelijk de mislukte wafeltjes.
    Ze zijn (te?) braaf, de juf zegt dat ze best een pittige klasgroep van 23 driejarigen vormen, en toch kijken ze bedeesd met hele grote ogen, waar enkel ver/bewondering in te peilen staat.
    Ontroering heeft me in de ban.
  • Mijn middagmaal bestaat uit een mattetaartje met warme chocolademelk, snel gekocht aan het stationsbuffet.
    Lekker, leuk, lastig om in de hand te houden met twee zware zakken rond de arm.
  • Na die eenzame hevige regenbui, doet de zon weer haar stralende best.
    Ik wacht op trein, na trein, na trein in  vrolijke schaduwen..

Oh kom toch eens kijken!

20181109_162804.jpg

Jammer, gedaan met de rust,
op de weide vlak achter onze tuin
komt een nieuwe verkaveling  😦 .
Dorie!

Opgegraven resten van een  Romeinse villa
met stallingen zorgen voor dé verrassing
bij het wroeten in de aarde.
Archeologen strelen stap voor stap,
heel zorgvuldig,
geconcentreerd,
stokoude schatten met heel veel -trage- zorg.

Het Waasland was vrij arm in de jaren 200,
leren we van de gravers,
ze ontdekken dus geen stenen huis,
maar  houten met leem doordrenkte overblijfselen
van een lang vergleden grote villa.
In de ruime put op de foto stond ooit een dikke paal.

Het gebeuren speelt zich af achter onze struiken,
struiken die the end van ons terrein afbakenen
wie weet liggen ook in onze hof nog resten,
en beweeg ik me nu op kostbare kruikjes
en ……. skeletten
om dat ene kiekje te schieten?

Ben ik nu BV?
of wordt ons huis BH?
of zonnen  wij voortaan in een BT?
wordt ‘dienen bouw’ nu stopgezet?
vier keer neen…..

Een tipje van de sluier

inCollage_20181109_172127117.jpg

Meer dan 30 jaar fietste / spoorde / reed ik met de auto het water over, de dreef door en recht het schoolgebouw binnen.

Vandaag neem ik de tweewieler uit de garage en rijd diezelfde route, eerst het brede Scheldewater over. 365 dagen meters in een jaar stroom.
Vervolgens de prachtige dreef door, elk seizoen groeit en bloeit hij/zij (?) anders.
Nu dwarrelen bladeren speels tuimelend en buitelend voor mijn ogen.
Ik kan ze maar niet op foto plakken. Fout van de smartphone uiteraard 🙂

Dan bereik ik het mooie gebouw, mijn tweede thuis gedurende vele jaren, waar ik  een ‘hartig’ stukje  heb achter gelaten.
Telkens opnieuw een blij weerzien, ook al kom ik niet langer het gebouw zelf binnen.
De maandelijkse lunchafspraken gebeuren nu 20 meter verderop, waar het er lekker, leuk, levendig, losjes, leerrijk, ludiek en lief aan toe gaat met ‘een hoopje’ jong-gepensioneerden’ en een groepje ‘aftellers’ (naar het pensioen), 9 in totaal.

Studenten slenteren nonchalant en lachend de school uit, blij dat de lessen er weer even op zitten. Prettig om zien dat ze nog niets veranderd zijn, ook al ken ik ze niet langer bij naam. Het is altijd fijn omgaan met die jongelui, met de spontaniteit, het gibberen, het jonge ‘onbezorgde’ leven wenkt/lacht hen toe. En ik lach nog steeds graag mee.

Nu is het voltooid verleden tijd, ik mis het, en toch ook weer niet.
Er waren ook lessen in moeilijke klassen,  ‘speciale dagen’ met nauwer contact,  reisdagen in een uitgelaten bus, gevoelige onderwerpen om  in stilte aan te kaarten buiten de les, buizen en schitterende proclamaties, tranen en voldoening, paniek en rust, voorbereiden soms tot ’s avonds laat, in de regen op sportdag, vrolijke koffiemomentjes in de (ondertussen verdwenen) zeteltjes in de leraarskamer, het warme groepsgevoel ‘je bent nooit alleen’, soms zinvolle klassenraden en vooral eindeloze vergaderingen…..

Op korte tijd zijn we – nog niet lang geleden- met zijn vijven op pensioen gegaan, heerlijk om horen dat we nog steeds gemist worden ‘in die goede, oude tijd’.

Heimwee voelt nostalgisch, niet pijnlijk.
Er is geweest, en het was goed, de herinneringen stromen mijn hersens nog geregeld binnen, maar het nu is minstens even fijn.

Ik fiets opgeruimd de 15  kilometers gezwind terug richting huis, eerst de dreef met nog meer zwierige blaadjes, dan het water, nog steeds even breed, en altijd weer die zon.