Met sextet naar Rijsel

Vriendschappen uit onze studententijd moeten gevierd worden. Drie mannen, drie vrouwen , samen het “sextet”. Er zijn al langer afspraken gemaakt voor een 6-koppig reisje, telkens opnieuw bleek hoe druk oma’s en opa’s het vaak hebben, maar deze keer zou geen kleinkind, geen lichamelijk ongemak, geen rot-slecht weer een stokje tussen de treinwielen steken!

Rijsel of Lille , moeilijke keuze, of…. allebei?
Een heel klein stukje uitleg rond de naam : ‘Ad Insulam’ (Latijnse naam voor ‘bij het eiland’) werd a l’isle in het oud-Frans om vervolgens in het modern Frans tot Lille te worden herschapen.
In het Middelnederlands werd ‘ter ijs(s)el’ gebruikt, wat zich nu ontpopt heeft tot Rijsel.
Beide namen zijn ongeveer even oud.

Verdere info biedt Wikipedia met veel plezier.
Ik schrijf hier enkel vanuit het gevoel, niet vanuit kennis. We ontdekten (met dank aan een toffe en goede gids) een mooi geheel, dit hadden we niet zo direct verwacht, een Noord-Franse stad….

We treinen erheen, ideaal voor het milieu, de babbels en het  comfort. De stad begint aan het stationsplein. De zoektocht naar een parkeerplaats met  een bijhorend ondermaats humeur wordt ons zo bespaard.

Het artistieke Eldorado kleurt de stad momenteel speels. Prachtige beelden voeren ons richting Mexico.

20190608_145505.jpg

De kathedraal Notre-Dame-de-la-Treille bekoort me weinig langs buiten, maar verrast binnenin met een subliem vooraanzicht. Dikke marmerplaten in een immens hoog loodraamwerk imponeren, laten het zonlicht binnen dansen en zweven.
Modern en oud tegelijk.
Een grote variatie aan kapelletjes in de kerk houdt je wel even in de ban.

Het smalste ‘gele huisje’ in de stad  staat op een kleurrijk romantisch plekje. Je hebt geen meetlint nodig. En toch is het bewoond, de fiets getuigt. Jammer, we worden er niet uitgenodigd op de koffie en een binnenkijkje…

20190608_144833.jpg

Lunchen doen we bij Pablo en Valentina, recht tegenover de kathedraal, heel gezond met veel groentjes en een heerlijk stuk (minder gezonde?, maar wel artisanaal, en dat klinkt goed in onze oren)  taart als dessert. Ondertussen laten we de regenbui overwaaien, en in een stralende zon volgen we onze weg én  gids. 

Tot 1995 werden in Hospice Gantois  zieke mensen verzorgd, sinds mei 2003 is het omgevormd tot een vijfsterrenhorel, waar wij dus niet verblijven :-), laat dat duidelijk zijn.
Maar we nemen wel de tijd om het (met toelating!) te bewonderen, buiten én binnen. Achter prachtig Cortenstaal ligt de wellnessruimte.
Mooie binnentuinen charmeren voor schitterende fotootjes (die ik jullie bespaar) en helpen wegdromen.
Als dan net toevallig een zwarte man het prachtige ‘Hallelujah’ van Leonard Cohen op de piano in de gezellige binnenruimte speelt, pink ik stil een paar traantjes weg om zoveel schoonheid, zoveel vriendschap, zoveel ontroering.

20190609_122729.jpg

 

 

In de caleidoscoop (het depot van oudere kunstwerken) weerspiegelt het impressionante museum van Schone kunsten. De  inkomhal met uitlopend water in glas is spiegel-groots.
We dwalen  dromerig rond, maar het zou ons teveel tijd kosten om de kunstwerken te bekijken. We genieten een eerste blik op Rijsel.

 

 

 

Meert! Hier word je zoooooo blij van. Prachtige gebakjes in het uitstalraam, je moet wel even wat tijd uittrekken om aan je bestelling te geraken 🙂
20190608_180418.jpg
Maar wij passeren de gebakjeszaal, en gaan er heel lekker eten, in een gezellig kader.
Met gezellige mensen. Of val ik in herhaling?

Nog snel een bezoekje aan het parkje van de reuzen, de Jardin des Geants, een sfeervolle tuin, vlakbij het station, een verborgen juweeltje van verschillende struiken, grassen, bomen en plant-sculpturen, in verticale en horizontale richting. .
We wandelen doorheen de drie delen: het Voorplein van de Wolken, het Gras der Reuzen en de Tuin van de Bronnen.
Dan wordt het plots rennen, een fikse regenbui is ons te snel af. Jammer dat  rustig  genieten op een bankje in het groen ons niet meer wordt gegund door de weergoden…
Maar flexibel als we zijn….

Twee volle dagen hebben we ons ondergedompeld in Rijselse sferen. We zijn héél aangenaam verrast, de mindere kanten (zoals in elke stad) babbelen we rond.
We zien daklozen die vuil lozen langs de kant van de straat, ze slapen onder prachtige bruggen. Wat een contrast….. en toch ook  schuldgevoel van onze kant…..  enthousiaste en bewonderende toeristen….. en dan die ongelooflijke armoede….
Eigenlijk had het net zo goed ons deel kunnen zijn…..

Met dank aan de gids ontdekten we fijne pareltjes, grote én kleine.
Daar komen we terug.

 

 

 

 

 

Advertenties

De Palenque a Matongé

Dit kan ik écht niet voor mezelf houden. De drang tot delen is groot, heel groot, ook al ga ik het kort houden, het is ver over middernacht, het drukke pinksterWE is eigenlijk al gestart…..
De voorbije uren genoot ik  een prachtige, muzikale, avontuurlijke, zwoele, héél sfeervolle vrijdagavond.

De 72-jarige Congolese Dizzy Mandjeku, een legende in zijn gitaarspel,  en de Afro-Colombiaanse groep  Alé Kuma spelen en zingen  met swingende passie mijn avond rond.
Drie vrouwen zwieren hun drie B’s én grote oorhangers, zoals enkel Afrikaanse vrouwen hier in schitteren. .
Oud en jong,  de rumba uit Cuba en de champeta uit Colombia, Zuid-Amerika en Afrika, de levendig Congolese muziek uit  Matongé, een unieke  samen-werking over de grenzen heen, overstijgt prachtig het hokjesdenken.

Colombia and Congo, that means …..love

De sfeer van een fijne verbinding tussen zwart en wit in de zaal is héérlijk voel-baar.
Het publiek wordt al snel op muzikaal sleeptouw genomen , recht de zwoele zomer in…..

Dank je wel, elfkoppig enthousiast kleurrijk gezelschap, om me zo te verwennen!
Als je erin slaagt een hele zaal dansend overeind te krijgen…. grote hoed af!

Ik ben blij, ik ben blij
Mag ik
Als ik blij ben, als ik lol heb
Lach ik” (Toon Hermans)

Bij het buiten gaan, hoor ik toevallig  ‘Het was zeer schoon, maar stond te luid’.
Ik kan enkel beamen. Jammer dat de decibels in te vol ornaat doorheen de zaal vlogen.

En voor wie even zin heeft  in een vrolijke start van een fijn WE (de volumeknop kan je zelf kiezen) :

 

 

 

 

 

 

 

 

zij vlecht de lente in haar haar

lente.jpg

Waarom het optreden van kleinkunsttovenaar Lieven Tavernier zo mooi was?

Hij speelt sfeerrijk, de achtergrondmuziek is prachtig muzikaal, de 72-jaar oude stem zingt nog heerlijk diep en sonoor,  woorden  blijven aangrijpen.

Bindteksten klinken niet denderend, hij mompelt wat, maar dat nemen er graag bij.

Wanneer hij ‘de eerste sneeuw‘ aanvangt, terwijl buiten de februarizon straalt., verrassen tranen van ontroering.

Zij vlecht de lente in haar haar, hoe poëtisch kunnen woorden treffen….

 

 

 

Donker en licht in Antwerpen

inCollage_20181228_094424133.jpg

 

in deze tijd van vele tinten grijs
waar kleur verzadigt en geur geeft prijs
ontdekken we nieuw levenselixir
omwikkeld in zijdepapier
en metalen constructies
schitterende creaties
van China en hier

het magisch sprookje stappen we binnen
de lotusprinses wil leven en minnen
Chinees nieuwjaar, een oude traditie
donkerte ondergaat transitie
levendige ambitie
tedere affectie
schitterende briljantie
vrolijke explosie
romantische emotie
nauwgezette precisie
tegen koud en grijs warme sensatie

twee volle maand is er gewerkt
met vele meter satijn
en nog meer lichtjes
lotusgeur en maneschijn
we sturen een wens de wereld in
waar ik bij de boom hoop verzin
 gulle liefde in denken en dromen
thuiskomen
aankomen en doorstromen

(4500 uren vakmanschap
60 ton staal
130 Chinese kunstenaars
32 Belgische artiesten
30000 energiezuinige lampjes
25000 meter satijn)

 

 

 

 

 

Gesprek met de regen

De voorstelling van het theaterstuk van Nieuwstedelijk wordt ingeleid door een Knack-journaliste die druk met armen en benen zwaait. Ze vertelt als een sneltrein, sommige toehoorders kunnen zich niet langer concentreren, zelf kom ik vervolgens  ‘opgedraaid’ de zaal binnen.

Adam (Tom Van Bauwel) en Niki (Sara Vertongen) vertrekken hals over kop naar Singapore – symbool voor dé stad waar het leven erg snel om je heen vliegt-  om in nieuwe uitdagingen te vluchten na het overlijden van hun dochter.
Zij stort zich in de razende technologische wereld, goochelt met google en smartphone, in de hoop het on-leef-bare  verdriet een plaats te kunnen geven.
Hij daarentegen trekt traag doorheen de stad en spreekt temidden de moussonregens tot zijn dochter, hij hoopt ze terug te vinden, kan niet verder leven zonder haar.
Tegenstellingen zijn duidelijk voelbaar. Verdringen van verdriet of zich wentelen in datzelfde gevoel, zich storten op het werk of traag doorheen de stad wandelen en het gemis toelaten, de spanning in de muziek en de  videobeelden van de levendige stad op de achtergrond komen bijna letterlijk hun nieuwe, ongezellige, te stille huiskamer binnen.
De (ant)woorden van de overleden dochter vallen letterlijk in druppels uit de hemel.

Om dit te realiseren, trekt de theatermaker Stijn Devillé naar het e-Media Research Lab van de KU Leuven, waar twee studenten  zich over dit praktisch uitvoerbare  probleem buigen, het regent  leesbare waterwoorden op de voorstelling via 400 ventielen.
Een 3D-printer, watergeruis, belichting en veel programmeerwerk zorgen voor dit unieke innovatieve staaltje  techniek en bijhorende ontroering.
Prachtige woorden, gevormd in en door regendruppels, rollen vanuit de hoogte en plenzen nattig op de grond.
De kletterende moussonregens vertolken het klimaat van verdriet en tranen.

De voorstelling over rouw en het (vruchteloos) op zoek gaan naar een (on)mogelijk nieuwe inhoud van ‘het’ geluk, (be)leef ik intens mee.
Vader en dochter gaan met elkaar in gesprek, over hoe het nu verder moet, over alleen achterblijven en eenzaam zijn, over rouw en sterven, over de oerknal, over het waarom, waarom toch en waarom toch wij…..

Ze wordt doodgezwegen, daarom moesten we vluchten naar het andere eind van de wereld. Is ze dan nog niet dood genoeg?”

“dit is het dus …   dacht ik
dit is het dus    ze is dood
mijn kind is dood
ik heb een dood kind
kijk mij   ecce homo
ocharme ik
het drama waar ik  naar verlang
naar op zoek ben
om mijn leven kleur  en glans te geven
voltrekt zich nu
dit is het dus”

(woorden van de vader in het stuk)

Knap technisch, knap ontroerend, knap gevoelig ‘uit het leven’ gespeeld, knappe acteurs schitteren in  eenvoud en naturel. Knap met hoofdletter op élk gebied.

Het theaterstuk is gedeeltelijk autobiografisch.
De klap waarmee het zesjarig dochtertje van de regisseur en auteur op het familiefeest levenloos van de trap valt, is in zijn geheugen gegrift. Hij slaagt erin haar te reanimeren, ze houdt er geen letsel aan over, maar beide ouders zijn getekend, de verwachte opluchting om het ‘succes van het overleven’ blijft uit, vele maanden lang.
Zij rouwden om een kind dat ze niet hadden verloren“.
Een wetenschappelijk  bericht in De Standaard over de oerknal helpt hem onverwacht uit zijn apathie, het artikel  overstijgt zijn mens-denken, hij kan weer functioneren en creëert deze prachtige voorstelling.

Stijn beschrijft het gebeuren met onderstaande woorden, die voor mij zo ongelooflijk herkenbaar zijn in het verwerken van het enorme verdriet bij mijn beide ouders, toen hun dochter, mijn zus  stierf.
Mijn moeder is vrouw, de man in het theaterstuk, mijn vader is man, de vrouw in dit stuk.
Elk van hen probeerde anders te verwerken, wat soms voor spanningen zorgde, maar waar ze uiteindelijk samen sterker uit kwamen, ook al bleven ze gekwetst tot ze uiteindelijk zelf ‘moesten’ loslaten.

Je hebt twee rouwstijlen.
De eerste kennen we het best en is het meest aanvaard.
Veel verdriet, 
veel huilen, niets kunnen of willen doen.
De tweede is instrumenteler.

Je wil iets doen en je leven weer in handen nemen.
………
Vaak wordt die eerste intuïtieve rouwstijl als vrouwelijk bestempeld, en de instrumentele
stijl als mannelijk.
Dat wilde ik omdraaien.
Zij is de carrièrevrouw, de rationele geest.”

Girl

De film houdt me in de ban.

Er zijn absolute voor- én tegenstanders.
Er wordt (te)veel over gesproken in de media, dan steek ik zelf mijn voelhorens uit en wil vooral mijn eigen recensie neerschrijven, vanuit mijn gevoel en mijn ervaren.

De 27-jarige  Lucas  Dhont regisseert zijn eerste filmdebuut.
Hij, de spelers en de film vielen reeds in de prijzen.
Maar daar is het me echt niet om te doen.

De film baseert zich op het ware verhaal van de Vlaamse Nora Monsecour, geboren in het lichaam van een  jongen, die reeds op heel jonge leeftijd beseft slechts één doel voor ogen te hebben, nl danseres worden.

Victor Polster (16 jaar) speelt de hoofdrol heel naturel en ontroerend mooi, hij danst reeds langer, maar moest nog leren zich in de rol van acteur en transgender te verplaatsen.
Hij slaagt hier wonderlijk mooi in.

Ik verlies me totaal in de beelden, de vele pirouettes en buitelingen trekken me mee het verhaal in. Victor is de echte naam, zij wil Lara heten en vooral zijn.
Aangrijpend is de motivatie en het ongeduld waarmee ze haar voelen waar wil maken.
Ze kan niet wachten, en doet -soms wanhopig- pogingen om het echte meisje te zijn.

Er is weinig sprake van pesterijen in haar bestaan, ze is omringd door een begrijpende, meelevende vader, het lieve broertje, de empathische psycholoog,  bezorgde medici en fijne mede-dansers die haar vlot  aanvaarden, soms wel met een spoor van  jeugdige nieuwsgierigheid, maar ze hoort erbij.
Voor hen is ze een meisje, zelf ambieert ze direct vrouw te zijn.

Ondanks al dit begrip, slaagt ze er heel moeilijk in zichzelf te aanvaarden. Ze vecht niet tegen de buitenwereld, maar voor zichzelf.
Ze wil geen voorbeeld zijn, maar gewoon een meisje.

Ik leef sterk mee in de vele close-ups van haar in pijn verwrongen ogen, vaak vochtig met  tranen en heel diep verdriet. Minutenlang maakt ze ingewikkelde dansbewegingen, zonder muziek, ze getuigt van een enorme doorzetting, tot bloedens toe.

Ondanks het vriendelijk begrip van haar vader, een man uit de duizend!, revolteert ze, omdat ze niet verder kan en wil leven met haar lichaam. Ze krijgt het gevoel dat niemand haar écht bevat. Ze houdt afstand van al het begrip rondom haar, zwijgt en ondergaat, maar voelt des te intenser hoe moeilijk het jongenslichaam het haar voortdurend maakt.

Soms zijn de beelden schokkend eerlijk, pijnlijk wreed, doorspekt met diep rakende emotie, maar altijd wars van enige vorm van sensatie.

Jezelf aanvaarden, daarin ligt dé boodschap.
De omgeving staat hierin reeds veel verder.
En dat juist maakt deze film anders.

Enkel de commentaren en het gegiechel van een groep schoolmeisjes (oh en eh en waaah en bah…), het geknabbel uit grote zakken popcorn, het geritsel van plastiek zakjes snoep, drankblikjes die met een knalletje worden geopend, vermijden dat ook ik met vochtige ogen buiten stap.

 

 

7 mannen + 7 vrouwen = 14 levensgenieters.

De tijd van ‘samen’ is weer daar. Met zeven (ex-)collega’s en partners trekken we er -ondertussen voor de derde keer-  een WE-tje op uit. Dit jaar mikken we op een piepklein dorpje  met de romantische naam Waterlandkerkje. (omgeving Sluis)

In de jaren zestig van de 20e eeuw braken moeilijke tijden voor het dorp aan. Door een gebrek aan nieuwbouwwoningen trokken jonge gezinnen er weg en veel oude huizen werden verkocht als vakantiewoningen” ( Wikipedia).
Wij huren dus  een stokoud huis(je?) met authentieke meubels vol lekkers, heel veel stof …..

20180929_205000

……en massa’s spinnen.

Het uitzicht vanuit onze slaapkamer is  prachtig, geniet  gewoon even mee doorheen het (overigens kunstig geweven!) webbengordijn 🙂

20180930_084130.jpg

We logeren aan een prachtige kreek, waar de beestjes hun natuurlijke biotoop kunnen waar maken, waar een stofvrij (echt waar!) bankje staat!

Ondanks de kapotte douche, ondanks de wijnglazen die een deftige spoelbeurt broodnodig  ondergaan vooraleer eraan te nippen, ondanks de gesofistikeerde  stofwebben, straalt het huis ook ergens Engelse romantiek uit. Het etiket ‘charmant’ (wat volgens huizenjagers eigenlijk synoniem staat voor ‘ veel oplapwerk’) spreekt voor zich. En toch, toch….. heeft het iets gemoedelijks, iets lieflijks, iets innemends, iets  gezellig ouderwets, we reizen  terug in grootmoeders tijd.

20180928_155255.jpg

We zijn een sportief team. Meer dan 100 km fietsplezier wordt gegarandeerd, we ontspannen op  terrassen met heerlijke uitzichten op zee en felblauwe lucht, zorgen voor de nodige drukte in  typisch Hollandse, gemoedelijke paviljoens, genieten van spijs en drank, van overheerlijke spaghettisaus tot teppanyaki, van rood over rosé naar wit, van water en wind, van bergopjes en uitbollen, van herinneringen en toekomstplannen, van kreekjes en tochten doorheen water, van het magnifieke kerkplein in Groede en prettige drukte in Cadzand, van laaaange avondbabbels en uitgebreid ontbijtbuffet, van vermoeide oogjes en  extra laagjes zon-wind-bruin.

Manlief doktert de tochten uit. En maakt “geheime” contacten, die inspireren tot een toffe onverwachte ontmoeting met de sympathieke gids van de vuurtoren in Breskens, een  zebra-gietijzeren constructie, die prachtig onderhouden wordt door vrijwilligers, een uniek project. Méér dan een bezoek waard!

Terwijl we  naar de lantaarnkoepel trappen, voelen we ons ovenwarm opwarmen of flink afkoelen naargelang de gietijzeren buitenomgeving zwart of wit is geverfd.
Vergezichten worden gesmaakt en gekiekt.

 

 

De hartelijke gids ontvangt ons met open armen, vertelt, begeleidt en babbelt gezellig na, samen met haar man. Het voelt aan alsof we elkaar al jaren kennen, en toch kende ik deze dame -tot dan toe-  enkel als blogmaatje, een ‘grensgeval’ onder de naam  Matroos Beek.
Hoe fijn was het om écht contact te krijgen met deze enthousiaste persoon en dit uniek vrijwilligerswerk. Hartverwarmend! Dank je wel, Bea!

Eenzaam en geborgen

Ooit werd me geleerd om nooit met ‘ik’ te starten in een opstel, een verhaal, een verhandeling. En toch doe ik het, want ik heb het boek gelezen, ik ga een interpretatie geven, ik ga hier mijn gevoelens  proberen neer te schrijven. Even ‘ik’, zonder de ander.
Zes maal “ik”….., straks vind ik mezelf nog belangrijk…

Het einde van de eenzaamheid” van Benedict Wells. 

Om de inhoud te kennen, moet je het gewoon lezen. Ja doen!
In een heel kleine notendop toch het verhaal : drie kinderen leven hun eigen paradijsje, tot beide ouders een ongeluk krijgen (hierover wordt heel weinig geschreven) en ze allen jong wees worden. Dit gebeuren tekent hun leven, vooral Jules (de jongste, de hoofd- en ik-persoon)  blijft zich hierachter verschuilen en ondergaat gelaten  de eenzaamheid, hij heeft immers “een excuus”. Zijn zus verdwaalt in een sex-, drugs- en een carpe-diem-leven, de oudste zoon vertegenwoordigt de ratio, de rust, de ‘wijze’ broer.
Ze kennen allen een hechte samenhorigheid in het verdriet, de pijn en vreugde. En toch verteren ze  elk op een  andere manier.

Ik (weeral ‘ik’) lees échte, hartverwarmende  liefde, er speelt pure eenzaamheid, die verdrongen of door-leefd wordt,  broers-zussen-liefde is tastbaar aanwezig, ook al vraagt het even tijd. Het verhaal is doorspekt van emoties, zonder ooit de sentimentele toer op te gaan. Zijn schrijfstijl is eenvoudig en realistisch, net zoals de houding van de hoofdpersonages, ik (her)lees traag en door-voel, want wil vooral niets missen in het verhaal over vroeger en nu. Soms zijn situaties herkenbaar, maar altijd (be)grijpbaar.
Zijn wij de architect van ons leven (zoals Bart Peters deze morgen nog toevallig op de radio verkondigde) of blijven we de gevolgen dragen van ons verleden?

Ik weet het niet, wil het eigenlijk ook niet weten, ik hoef geen be/ver/oordeling als wat gebeurd is een al dan niet blijvende rol speelt, het verleden wis je niet uit, en afhankelijk van het karakter wordt de ene persoon er sterker door, en zal de ander zich laten gaan.

“Elk huisje heeft zijn kruisje” hoorde ik vroeger vaak thuis, waarop ik het  nooit kon nalaten aan te vullen met ‘maar niet elk kruis is even groot’.

Ik ben weer eens verdronken, ondergedompeld in een gevoelig, fijn leesbaar verhaal.
Een tip voor wie graag en hier mee leest.

Tien redenen…..

20180904_173941

 

…….. waarom het me weer is gelukt vandaag

  • Ik trein richting Kortrijk, het stadje waar ik ooit 2 jaar heb verbleven, gestudeerd en vrienden voor het leven gemaakt.
  • In Salon en vie wordt met veel passie gekookt. Twee dames ontvangen  vriendelijk en charmant op het  tuinterras. Alles heeft hier ‘met goesting’ te maken, het interieur oogt huiselijk met zeteltjes, gezellige stoelen, tafeltjes en  vele handgeletterde borden verrassen met originele quotes.
  • Koffie en thee en cheesecake genieten  in het trotse,  warme en aangename  interieur van Viva Sara.
  • Ondanks de voorspellingen, blijft het aangenaam zacht. Op  10 regendruppels na die de zalm vochtig houden, is het fijn terrasjesweer.
  • We springen binnen in Theoria  ‘waar de boeken tijd hebben’ , in het beschermde Casino, een groots wit gebouw. Het is er  heerlijk vertoeven.
    De boeken liggen er verspreid in prachtige, monumentale kamers, die pure romantiek uitstralen. Overal staan tafels en zetels om rustig te genieten met een boek en koffie. Veel boeken krijgen een strook met een korte bespreking én waardering van lezers.
    De goesting om te kopen en in de verhalen  te verdwalen is groot.
    Je kan er ook een date aangaan met een onbekend boek in cadeauverpakking, omschreven in 6 kernwoorden.
    Originaliteit troef.
  • Zittend op een rustig plekje op de trein geniet ik van ‘Het einde van de eenzaamheid’ van Benedicht Wells. Ik beland terug in de heerlijke verslavingsfase, en dompel me onder in het pakkende verhaal. Het boek werd bekroond met vele prijzen, en krijgt er van mij een extra bij.
    De taal is naturel, het verhaal boeiend en vooral empathisch.
    Ik laat me volledig meeslepen….
  • De trein heeft vertraging, waardoor ik  dus  langer in het boek kan duiken.
  • Het kleine schoteltje ( foto) helpt niet meer vergeten, nu de avond valt en het licht stilletjes wegtrekt.
  • Bij het thuiskomen wacht me een eigen-brouwsel-pakketje, dat aangenaam bevalt.
  • Tot slot lees ik op de deur van het kleinste kamertje in Salon en vie :
    20180904_142042.jpg

Moerdijk enBeijerland

20180827_181516

180 kilometers hebben we in de fietsbenen. Onder een soms dreigende,  bewolkte, lichtjes druppelende, of egaal grijze hemel.
Cirrus, cumulus en stratuswolken  sluieren, stapelen en spreiden zich boven ons uit.
En oh, ik vergeet ‘warempel’ het wolkenloze streepje zon en het uurtje stralend blauw tijdens onze driedaagse…..

Naar de ‘zeven bergen’ blijven we op zoek,  maar het gezellige, piepkleine stadje ontdekken we snel.
Tot het einde van de jaren 60 doorkruiste een waterlijn met haventje dit kleine stadje, sinds de  demping wordt de haven gebruikt als parkeerplaats en marktje. Getuigen van ooit-laden-en-lossen zijn nog overal merkbaar. Het straatje Havennoord-Havenzuid is sfeervol, maar we missen de oude watergang middenin. Maar je kan er heerlijk eten!
En ook het klassieke ‘Stoofstraatje’ getuigt van een klassiek verhaal.  🙂

Het vestingstadje Willemstad charmeert met zijn haventje.
Jammer van de vele motards die er -net als wij- hun zondagmiddag doorbrengen, maar met veel geraas arriveren en vertrekken.

We fietsen de Ruigenhilroute, maar missen de verwachte mooie omgeving door een teveel aan  hoge silo’s van suikerbieten. Het terrasje  OP het water MET warme appeltaart ONDER de parasol TUSSEN eindeloze golfjes maakt veel goed.

Het eerste veerpont blijkt gesloten op die dag, het tweede vaart niet uit wegens teveel wind (en doorheen diezelfde wind fietsen we 77 km! Kleine pluim voor onszelf waard 🙂 ), pas drie pogingen later geraken we in het Biesbosch. Een stukje geschiedenis kan je hier lezen. Wij beleven de rust, de vele waters, het land van eb en vloed, de kronkelende kreken hoog en droog vanop de fiets. Met dank aan onze gids die niet voorzag dat  eetgelegenheden daar op maandag gesloten zijn, ontdekken we het Huiskamercafé Fluitekruid, waar we fijne biologische gerechten krijgen voorgeschoteld en  ons ontspannen  laten verwennen door de lieve gastvrouw, die graag bij de gasten komt zitten als ze niet in haar keukentje bezig moet zijn.

Op een onbewoond eiland
loopt niemand voor je neus
ja je voelt je d’r blij want
lekker leven is de leus” (Kinderen voor kinderen)

De veerpont van de laatste dag brengt ons naar een oase van rust,  waar de stilte je heel zachtjes in haar greep houdt, waar Hooglanders, reigers en verschillende vogels het prachtige eilandje bewonen, waar we heerlijk onthaasten, waar Hélène zorgt voor smakelijke biopannenkoeken, waar we een hemels stukje Nederland aantreffen.
We missen fietspaden, vooral wandelen is er de boodschap.
Tiengemeten ontstaat op het einde van de 16e eeuw wanneer een slijkplaat droog valt in het Haringvliet. Aanvankelijk is het ‘tien gemeten’ ( = 5 hectare) groot, maar sinds 1639 is het 116 hectare groot, dank zij veel intensieve arbeid.
Het heeft  drie W-gezichten : Weemoed (waar ooit het eiland is ontstaan), Weelde (moeras vol vogels) en Wildernis (waar het water en de moerassen de baas zijn)
In 2006 heeft het eiland een metamorfose gekregen van landbouwgrond  naar pure natuur. Een fantastisch to-do-rust-stipje op de Hollandse kaart!

Genieten doen we ook in het museum van Rien Poortvliet, met humoristische illustraties en aandoenlijke schilderijen.

20180828_113913
We spreken ‘dezelfde taal’ in Nederland en Vlaanderen.
Toch kijkt de Hollandse vrouw vreemd op als manlief vraagt “Heb je soms een plannetje voor mij?” Hij bedoelt een kaartje van de route, zij begrijpt een idee, een plan.
Lachend voegt ze eraan toe “Ja, ook voor vogelen hebben jullie een heel aparte betekenis’. Het is nu onze beurt om vreemd op te kijken  🙂