Donkerte heeft ook lichte toetsen (Meghan Remy)

Bij het ochtendgloren – het klinkt poëtischer dan het is, want ik ben verre van een ochtendmens – beslissen we die toetsen op te zoeken, de zon straalt, de lucht blauwt beloftevol.

Op amper twee kilometer van het huis van de zoon (een toilet in de buurt is handig in deze barre tijden), ligt een prachtig natuurreservaat, 230 hectare groot.
De Bourgoyen op een boogscheut van Gent, je houdt het bijna niet voor mogelijk!, dankt zijn naam aan de Hertogen van Bourgondië uit een ver verleden. ‘Berg’ als zandwegel op hoogte en ‘ooie’ van laag drassig grasland ontdek je, met wat creativiteit, in de sierlijke naam.

Verschillende ingangen en uitgestippelde wandelwegen zorgen voor een rijke variëteit aan mogelijkheden. Wij kiezen de langste route, ongeveer zes km, kleinzoon sputtert even tegen, ‘zoooo laaaaang’, kleindochter vertelt en geniet. Samen wijzen ze ons de staproute, doelbewust de wegwijzers negeren is dus onze boodschap.

Vogels, ganzen, steltlopers, minstens 8 verschillende soorten eenden verrassen vanuit de vogelkijkhut. Een paar bezoekers hebben zich reeds gezellig geïnstalleerd, waaronder drie verrekijkers en een immense lens. De ruimte is groot, we turen, ‘kijk, een vos’ en ‘zie de uil in de verte’….. Ai neen, we zijn onze verrekijker (weeral) vergeten, een must uiteraard, en doorgeven is nu geen echt goed idee.

Een biodrankje of Gageleer op het terras met prachtig zicht op de weidse vlakte zit er nu niet in.
Een stille zucht én groot gemis….. het is wat het is….. dikke, dikke helaas.
Gageleer is een donkerblond bier, gemaakt volgens een oeroud bio-natuurrecept, met pittige reuk en smaak van de gagel, die groeit in moerassig gebied en gecontroleerd wordt geplukt ten voordele van de natuur.
We wandelen verder, de zalige zon en blauwe lucht maken de omgeving extra mooi, extra groen, extra fijn.

De weg leidt ons langs vele meersen, restanten van -in de winter- geregeld ondergelopen grasvlaktes. Houten vlonders houden onze voeten droog en het enthousiasme erin.

Toch wel jammer dat te-veel mensen blijkbaar de weg vonden naar dit prachtige gebied. Eerlijk?, ik zal blij zijn als de winkels terug openen en we niet met zijn allen naar ‘dezelfde stilte’ op zoek moeten gaan.


Welkom Sint

En ja, ter vervanging van mijn twee aparte foto’s die je hier nu extra werk bezorgen, had ik een veel mooier beeld van het geheel kunnen plukken van het internet.
Neem dus graag de bovenste, fantaseer de onderste ernaast, en klaar is Kees.
Het moest en zou een eigen maaksel worden van het kleurrijke geheel, te groot om van dichtbij te fotograferen.

En ja, ik had mezelf op het 1-meter-verhoog kunnen sjouwen voor het ideale beeld, maar teveel schoolgaande jeugd rondom belemmerde me om dit schouwtoneel op te voeren met bovendien een grote kans op mislukking en bijhorende lachsalvo’s. Op veilig spelen was dé boodschap.

Dus laat je creatief brein vooral zijn fantasievolle gang gaan.

Het kleurentapijt ligt nog tot 6 december op het stationsplein van mijn én Zijn thuisstad. Wat een eer. De Wase Vijverwinkel uit het bloedeigen dorp kan, door Corona of wat dacht je, geen bloementapijten leggen in het buitenland. Voor bloemen is het hier wat laat op het jaar, dus werden natuurlijk gekleurde houtjes gebruikt, die op bloemblaadjes lijken.
Drie tapijtleggers en een tiental vrijwilligers hebben twee volle dagen gewerkt aan 120 m² prachtige kunst, het resultaat mag er écht zijn.
Uitnodigend, vrolijk, warm welkom voor Hem, voor mij, voor groot en klein.

Coronaproof in buitenlucht én op afstand“, wat.haat.ik.die.woorden!

Wie toch liever het geheel wil bewonderen, googelen staat je vrij. Maar een bijhorende link vertikt mijn koppige ik.

Klavertjes vier

Maken vijf kleine klavertjes-vier een groots geheel?
Neen, verre van, maar ze maken het wel ietsje groter.
En blijven bij.
Zelf plukte ik er deze week vijf.

  • Op zondagochtend word ik wakker met Christine Van Broeckhoven, professor Moleculaire Biologie en Genetica. Officieel op pensioen, maar ze blijft een grote steen bijdragen aan het onderzoek van Alzheimer. Zelf noemt ze zich verslaafd aan het werk, een nuchtere vrouw vol idealen. Voor vriendschappen is geen tijd, ze weet nog niet of ze het mist. Haar droom blijft de ziekte onder de knie krijgen, te weinig geld in combinatie met moeilijk te vatten hersens maakt een oplossing voorlopig onvindbaar. Vrijuit – “héérlijk” vind ik het als mensen eerlijk zwakke kanten durven tonen, en hebben we die niet allemaal?- spreekt ze over de zware depressie die haar onverwacht in zijn klauwen kreeg, en soms nog op de loer ligt. De uitdagingen van het werk hielpen haar vooruit.
    Voor Alzheimer bestaat geen medicijn, zo weinig mogelijk stoel-zitten, veel beweging in open lucht, gezond eten, je hersenen blijven uitdagen met een vreemde taal (neen, geen kruiswoordraadsels, voegt ze er vrolijk aan toe) kunnen kleine hulpjes zijn.
    Gretig geef ik gevolg aan die tweede tip, ik ga op wandel in de MOTregen en kom KLETSnat thuis, want hier veroorzaken vele kleine beetjes toch een groots geheel. Nat tot op het bot. Jas onder de haardroger, haren aan de wasdraad en schoenen in de droogkast. Mijn hersenen kregen een frisse duik.

  • Het wintertafereel staat klaar, het gezelligste hoekje in huis is weer druk bewoond door witte ventjes, uiltjes, sneeuwmutsjes en warme sjaaltjes, klaar voor de kerst, enkel de bollen moeten er nog in. Hoogtepunt (letterlijk én figuurlijk) is het prachtig witte takkenstelsel, vijf jaar geleden cadeau gekregen van lieve vriendin op mijn pensioen.
    De traditiegetrouwe sneeuwman is met glaskrijt getekend op het zijraam, hij nodigt koning winter uit, beseft alleen nog niet dat motregen daar niet echt bij hoort…..

  • Collega-vriendin klopt op het terrasraam, verdiept in de krant schrik ik me een bult. Ze wacht me op met een grote doos lekkere gebakjes én een fijne babbel, die zo’n deugd doet, nu onze maandelijkse afspraakjes met bijhorende lunch vervallen, al veel te lang….


  • Elke avond genieten we twee afleveringen van de schitterende mini-Netflixserie Queens gambit.
    ‘Een meesterlijke vertelling en een esthetische parel’.
    Het verhaal in een notendop. We spreken eind jaren ’50. Beth belandt op 9-jarige leeftijd in het weeshuis, waar ze zich in de kelder ontpopt tot een schaakwonder. Om de kinderen rustig te houden, krijgen ze dagelijks een portie kalmeringsmiddelen, waarbij het meisje hallucinaties krijgt op het plafond over geniale schaakzetten. Ze wint overaltijd, maar de roes zorgt tegelijkertijd voor verslaving. Hoewel een heel klassiek thema, spelen Beth en haar gekwelde pleegmoeder schit-ter-end.
    Rustige, spannende, boeiende, meeslepende TV. Geen flashy beelden, stilte en de tikkende klok spreken vaak boekdelen. Een dageinde om naar uit te kijken!

  • Een grote boswandeling staat op het programma met Beer. Beer is een hond. Beer en zijn baasjes. Zijn baasjes zijn zoon en schone dochter. Baasje gebruikt de wandelapp ‘Mapy’ om onooglijk kleine wandelpaadjes uit te dokteren in onze directe omgeving, waar ik het bestaan niet van wist. Een mens is nooit te oud om te leren, het eerste puntje hier indachtig.
    Als er aansluitend een dessertenbuffet wacht kan de dag niet stuk. De regen houdt zich koest, net als de hond, die nochtans immens geniet. Hij is een Friese waterhond, maar verkiest veruit het bos.
Beer

De geschiedenis en het nu

Soldatenkerkhof Tyne Cot

De poort naar de Britse militaire begraafplaats staat open en bezorgt ons een indrukwekkend verstillende blik.

12 000 witte zerken als eerbetoon voor veel te jong gestorven mannen en mooie rode bloemen getuigen van een wreed verleden in de bloederige slag om Passendale, die net 100 dagen duurde.
Britten speken over het dal van het lijden (Passion Dale).

En toch staat de poort naar de vrijheid én de blauwe hemel voor ons terug open. Ook al voelen we ons deze dagen soms gevangen……

Fietsend doorheen de Westhoek, ontmoeten we groene weidse rust en de zachtwarme novemberzon.
Waar blijft de hete koffie?

Moeder en zoon in discussie. Overwegen we nog een bezoek aan het Duitse Cemetery in Langemark of kiezen we voor de (beloofde) ondergaande zon?

Duits kerkhof in Langemark

We komen er niet uit. Een compromis dringt zich op. En wat voor één!
Het wordt een beladen, maar prachtige dag, over verleden en heden, over toekomst en herkomst, over oud en koud, over natuurlijke rijkdom en Amerikaans dom, over walsen op de cosinus x + 1.

Een warme welkom van het enthousiaste kleine grut wacht ons op.

Gent toen en nu

Ik durf me soms eens de vraag stellen of ik in een vorig leven misschien begijn ben geweest?  In die hoven voel ik me thuis, waar de stilte hoorbaar is, de rust voelbaar en eenvoud primeert. Hoewel de hedendaagse soberheid sterk in twijfel kan worden getrokken als ik op het stille, rustige, eenvoudige huurhuisje bots voor net geen 2000 euro per maand. Geen spek naar onzen bek.
“Dansen is onze regel niet, begijntjes en kwezelkes dansen niet”, het lied klinkt overtuigend, mijn verleden speelde zich toch niet echt af in die wereld.

Fietsen worden op de auto geladen, we rijden richting onze provinciehoofdstad, Gent dus.
Manlief mist het gidsen, na vier jaar studie-ijver mag hij zich officieel gids noemen, kan hij als gediplomeerde aan de slag, en……komt er –Coronagewijs- totaal geen aanbod meer.  Ik offer me dus met plezier op om die eenzame aandachtige toehoorder te spelen.

De dag begint grijs en koud, het mondkapje beschermt mijn bevroren neus, ‘elk nadeel heb zijn voordeel’. Dapper spartelen zonnestralen zich  een weg doorheen het deprimerende donker. Een nieuwe functie wordt aan het het chirurgische lapje toebedeeld, neus beschermen tegen mogelijke UV-stralen.

De gids verrast me in het voormalige Elisabethhof, eind de 13e eeuw opgericht, de begijnen werden door het stadsbestuur verplicht te verhuizen naar het neogotische groot begijnhof in Sint-Amandsberg. Een acht hectare enorm domein, waar de huizen grauwer ogen, of is het te wijten aan de zon die tijdelijk verstoppertje speelt achter de wolken?

Het derde en klein begijnhof blijkt een pareltje achterin de troosteloze straat. Ossenbloedkleurige huizen stralen een oase aan rust en vriendelijkheid uit. Daar wil ik best wel wonen.

Fraai plaatje in Klein Begijnhof

We fietsen en stoppen even bij het huis van Alijn, waar  de romantische binnenhof charmeert met de grote Japanse kerselaars  en het stokoude, maar heel charmante Caféke. We schuiven aan bij de houten tafels, een drankje om op te warmen is buiten de waard gerekend, we wachten vruchteloos, waard noch kat duikt op, we spreken nog op de voorlaatste dag van het  niet-horeca-verbod én het cafédeurtje staat nochtans wagenwijd open. Dan maar elders op zoek naar warm genot voor de maag.

Binnenhof Alijn.

Op de terugweg verrassen me de nieuwe dokken. De buurt van de vroegere oude dokken (hoe kon het ook anders?) wordt gemoderniseerd en verjongd. Vele nieuwe appartementen duiken op, het penthouse bovenop de rode aandachtstrekker  is net verkocht voor een simpele 2 000 000 Euro, inclusief boom op terras. Jammer, we zijn net te laat…..

De vele blauwe kranen getuigen van een groots havenverleden.

Aan de beweegbare fietsbrug, waar veel statige oudere woonboten aangemeerd liggen, nodigt het gezellige fietscafé-terras met lekker originele biotaart ons uit voor een verdiende stop.
De vrij lage brug gaat soepel op en neer als boten eronderdoor varen én fietsers erover rijden, zo wordt me verteld, we houden onze tweewielers in de aanslag om erover te wippen en het up-down-spektakel te beleven, maar de boten blijven in coronamood,  geen enkele besluit uit te varen. Jammer, maar helaas, weer avontuur gemist

Doknoord toont een prachtige combinatie van industriële elementen uit de vroegere fabriek en de ultramoderne vernieuwing tot een (leeg) koopcentrum. Mensen hebben er duidelijk de weg heen nog niet ontdekt.

Design in de oude directeurswoning. Van luxe naar luxe.

Over dipjes en on-dipjes

De ochtendstond heeft een dip in de mond. Grijs-weer-groet als ik de draperieën open. Wind en regen huilen om ter hardst.
Een moe-deloosheid overvalt me, ik ben moe van het eindeloos piekeren over wat wel of niet kan, over waar ik goed of fout bezig ben, over de slechte corona-cijfers en wat ik durf ‘riskeren’, over wie ik nog in huis toe laat en wie niet, ik wankel tussen ja en neen, dat drukt op de stemming.

De nieuwbakken 65-jarige minister Vandenbroucke – die ik overigens erg naar waarde schat- raadt aan om de buiten-gezin-contacten tot drie te beperken, bitter weinig toch…. Gaan we terug naar af?

De regen maakt plaats voor een donker wolkenspel, best wel mooi. Langer binnen blijven zit er niet in, we rijden richting het buitenland! Hulst, op amper 15 km, here we come!
De wallen zijn altijd een heerlijke verademing in de wind, vergezichten op water en bossen langs de ene zijde, het gezellige stadje langs de andere kant.
In onze stambrasserie geniet ik mijn warme chocolademelk met advocaat, lèkker!, maar behoorlijk zwaar. Voor de vijfde keer op rij moet ik toegeven dat ze eigenlijk geen spek naar mijn bek meer is, de maag sputtert, of was het de bijhorende pannenkoek?, want de cholesterol wordt verzorgd vandaag. Stoot een ezel zich ook vijf keer tegen dezelfde steen?

Ondertussen gaat ook de zon overstag, ze straalt, aanvankelijk zachtjes doorheen de wolken, maar steeds uitbundiger, de lucht klaart blauw, nieuwe energie overspoelt mijn lijf, een tweede keer wandel ik over de walletjes want plaatjes kleuren nu anders, levendig.

Breda

We ontdekken Breda met hele brede lanen en prachtige omgeving. Buiten is het snikheet, hoogzomer in september, maar tussen de vele bossen is het aangenaam fietsen.

De ‘lekkere’ bloemen tronen me binnen in de gezellige foodmarkt met mooi interieur. Bierflesjes krijgen dubbel doel, eerst lekker, vervolgens kleurrijk.

Zelf heb ik een zwak voor begijnhoven, er straalt rust en sereniteit. Je even terug wanen in wat voorbij is garandeert een nostalgische sfeer. In België vinden we er nog in vele steden, Nederland heeft er nog amper twee, Amsterdam en Breda. De huizen staan rond de ‘bleekweide’, waar in een ver verleden eigen linnen én voor derden werd gebleekt. Onder invloed van de zon krijgt het linnen een frisse geur en blanke kleur.
Nu is die ruimte omgetoverd tot een door de stad perfect onderhouden kruidentuin, meer dan 300 soorten met bijhorende naam. Het rozenkransje of Antennaria dioica ligt er op zijn heilig plaatsje.
Er wonen nu enkel vrouwen, gescheiden, single, weduwe…..
Op de foto zie je de laatste twee begijnen.
De glazen bol weerkaatst de stilte.

Het is prinsjesdag in Nederland, de halve bevolking kleeft aan het scherm, vandaar de rust in de stad wellicht. We waren ons ‘van geen kwaad’ bewust.

We laveren doorheen het prachtige Mastbos, méér dan een bezoekje waard! de verdere heidebossen, die beschermen tegen de soms ongenadige zon.
We hebben reuze-dorst in Dorst, we vinden er niet direct een rustplekje, tot onverwacht houten zetels opduiken, de overburen van deze schaars bewoonde wereld hebben die er geplaatst voor de vermoeide bezoeker, tafeltje incluis. De joviale bewoners zitten in eigen hof aan de overkant, roepen ons toe ‘geniet het prachtige plekje’, en dat is het!, en ‘de koffie komt er zo aan’, maar die blijft uit.
Een babbel leert ons dat er een connectie is tussen onze stad Sint-Niklaas en Breda, via het oorlogsverleden. Vele vluchtelingen trokken in 1940 tevoet! uit Breda hierheen om in een school onder te duiken, tot Duitse bommen de school volledig vernietigden, veel te veel slachtoffers.
Het monument in de Gasmeterstraat, dat wij nog nooit ontdekten, schande!, als stille getuige.

In de voormalige boswachterij (in Dorst, jawel) botsen we op Beum, een monumentaal pand met mooie tuin, waar lekkere kokosijs en ananas ons wordt aangeboden door mensen met een licht verstandelijke beperking, die moeilijk een plaatsje op de arbeidsmarkt vinden. Het initiatief is meer dan een stop waard.
Het blijft een stille droom om op zo’n locatie vrijwilligerswerk te kunnen doen….

Just a perfect day

De combinatie van beide fotootjes is écht wel broodnodig. Kijk goed je ogen uit! 🙂

Hoofd omhoog, neus in de wind, voeten op de trappers, frisse lucht stroomt binnen, ogen be- en verwonderen.
Stukjes kroost en kleinkroost leiden ons de groene wereld rond Drongen binnen. Er staan 40 kms op het programma, langs Bellem, Lotenhulle en Nevele, maar ‘oma, als papa over 40 spreekt, worden het er altijd meer’, zij krijgt gelijk, we trappen er 47.
Ook die jonge voetjes, dikke pluim van oma én een heerlijk terras en gezellige zeteltjes met ijs, drankje én twee grote trampolines verdiend. Plots lijkt elk spoor van vermoeidheid verdwenen, en springen en buitelen ze er eindeloos op los.

Kleinzoon rijdt altijd op kop, hij heeft onuitputbare wielerbenen, aardje naar zijn vaartje.
Zijn cross tegen oma wint ze niet, batterij noch stevig enthousiasme van mijn kant helpen. Ik zie op mijn schermpje hoe hij vlot de 28 km per uur haalt, uitgeput moet ik bekomen, hij straalt trots en blijheid, geeft geen krimp van vermoeidheid.
Het licht-gewicht speelt in zijn voordeel, monter ik mezelf op. Dan maar weer gaan lijnen?!
Of is het toch gewoon de leeftijd?! Ik houd het op het tweede. Magere troost.

Kleindochter houdt dapper vol, het tempo van het jongere broertje ligt net iets te hoog, geen ramp, oma past zich met veel plezier aan en laat de mannen de kop trekken. Op km 42 lijkt ze te begeven, de donderwolk op haar gezichtje spreekt boekdelen, ‘die papa ook die zich nooit houdt aan zijn belofte, ze zijn al 2 km overtijd’….. Oma geeft graag een duwtje in de rug, met den elektriek is dat een peulenschil, hij trekt graag voor twee, we vliegen vooruit, en komen allen samen bij de eindmeet. Geslaagd!

Oh, it’s such a perfect day
I’m glad I spent it with you
Oh, such a perfect day
You just keep me hanging on
You just keep me hanging on
(Lou Reed)

Dijken trappen

Heerlijk geïnspireerd door de prachtige fietsblog in de Zak van Zuid-Beveland van Matroos Beek, kiezen ook wij een zon-trap-vrij-dag uit.

Als vurige fans van de ANWB fietsgidsen hebben wij alle acht exemplaren in ons bezit (voor geen geld). De boekjes dekken samen volledig Nederland, elk met ongeveer 30 prachtige (de eerste tegenvaller moeten we nog doen?) fietsroutes via het knooppuntennetwerk.
Wij lijken wel een levende reclame, fietsvrienden kopen ze nu aan, na een route met ‘onze kennis’.

De keuze valt, je weet wel, met dank aan Bea, op de Bloemdijkenroute, die wat kort uitvalt (34 km), we breiden ze dus zelf verder uit tot een mooie 50 km.

Snel een parkeerplaats zoeken in ’s Gravenpolder, vlak aan de kerk, de fiets opwippen en vertrekken onder een stralend blauwe hemel. We hebben er echt zin in.
Doorheen rustige polders en kleine dorpjes vinden we een rust-eet-plekje bij Koek en Leut in Nisse, met een beschermd dorpsgezicht op het groene kerkplein en een prachtig oud centrum. De klokken van het mooie kerkje verwelkomen ons feestelijk.
De oude Vaete, de vroegere dierendrinkplaats, is er nog steeds.
Even heel jammer als een stevige motard de rust komt verstoren, tot de man heel erg sympathiek blijkt te zijn, en we de lawaaierige aankomst best wel willen verdragen. Daar gaat het vooroordeel….

I love Zeeland

De vele dijken zijn stille getuigen van de verovering van de mens in de middeleeuwen op de zee.
Kleurrijke bermen verklaren de naam van deze fietsroute.
In Ellewoutsdijk, in het Zeeuws Ellesdiek, bleven -ondanks het oorlogsgeweld- nog oude woningen over, die het dorpje heel sfeervol maken. De stilte is hoorbaar. We luisteren, staan stil, muisstil, genieten pure rust. Geen kat te bespeuren, op die oude grijze na, die even komt flikfooien, blij met een levende ziel. Waar zijn de meer dan 400 inwoners?!

Buiten het dorpje gaat de weg steil omhoog met een weids uitzicht over de schorren en de Westerschelde als beloning. Terneuzen, Vlissingen en Breskens aan de skyline.

Via Oudelande, Baarland en Hoedekenskerke fietsen we de Brilletjesdijk over. De Welen, in het verleden ontstaan door dijkdoorbraken van de zee, liggen er als brillenglazen rustgevend naast elkaar. Bijzondere vogels kan je er spotten.

Geen Zeeland zonder een terras aan het water. “De Landing’, in het meest Zuidelijk punt van zuid-Beveland, wacht ons gastvrij op met het mooiste tafeltje op de eerste rij (wie even geduld heeft, wordt altijd beloond) en een prachtig uitzicht over de Westerschelde en zijn grote (vooral) MSC gevaarten.
We besluiten tot aan het water te stappen, de golfslag te horen. Vanop ons zitje zagen we hoe andere mensen het ons voordeden. Het lijkt veilig. Dat diezelfde mensen hun schoenen hebben uitgedaan was ons ontglipt. We wagen ons steeds verder, tot we bijna volledig wegzakken in het dikke slib, op kousenvoeten keren we snel onze kar. Schaarse graszoden doen dienst als schoen-oppoets, het mag niet baten, het lukt matig, wat.een.viezigheid!
Schuren over de pedalen helpt ook een beetje.
We vermijden de meewarige blikken in onze richting…..

Langeweegje (wat een mooie dorpsnaam) brengt ons terug naar de auto.
Het dagje zee, groen, polders, veel fruitteelt waar de peren in grote houten kisten zomaar voor het grijpen liggen, wij gedragen ons!, de frisse lucht, benen in voortdurende beweging, schaapjes in alle maten en gewichten, knusse dorpjes en heel veel dijken hebben ons meer dan aangenaam verrast.
Samen met de blog van matroos en de boekjes een échte aanrader.

De grote starters H als klein bewijsje dat ik de nieuwe blogoutfit met vallen en opstaan begin te snappen. En de grote L kreeg ik zomaar, gratis voor niets bij, en krijg ik niet meer weg…..
Om dan te ontdekken dat bij lezen op de smartphone de beide grote letters zelfs compleet verdwijnen…. Begrijpe wie kan.


fantasie en werkelijkheid

Dreigend komt het wolkendek op me af. Vijftig tinten grijs, spannend en betoverend.
De eenzame kraan kent geen angst, dé getuige van het scheepsbouwverleden in Temse, ondertussen kreeg hij de titel van beschermd monument dat hulde brengt aan schoonvader, twee schoonbroers en nog vele andere boelwerf-arbeiders.
Voor wie te bezorgd zou worden, empathie kan grenzeloos zijn, net intijds geraak ik veilig binnen vooraleer de bui met volle kracht over me losbarst.

wp-15982797887801030470438279986511.jpg

Kleinzoon is jarig, een feestje in beperkte kring, rond de tuintafel. Ik heb -uiteraard- het cadeautje mee, een vermompakje. Hij is vurige fan, vooral van het brilletje en staat er schattig grappig mee. Ook de chocoladetaart rond hetzelfde thema smaakt heerlijk zoet en heeft écht betoverende kracht. Laat kinderen maar rustig  verdrinken in idolen.

wp-15982797900398923700418924487756.jpg

De bijhorende toverstokken van de wijze jongen met bril worden uitgepakt, hij spreekt vreemde klanken, het voelt Engels aan. Ondertussen weet ik hoe ik moet ‘verdwijnen’, wanneer Harry zijn beschermdier oproept met Expecto Patronum. Ook Riddikulus of iets dergelijks klinkt vrolijk  uit zijn eeuwig kwebbelend mondje. Ik leer bij. zelf ben ik geen HP-fan, meer nog, noem me gerust een analfabeet in die fantasiewereld.

Nonkel heeft een (echte) hond die Beer heet, nonkel geeft een (pluchen) beer die Hond heet. Ze mogen beiden op de foto.

 

Bij de uitstap naar Duinrell geniet hij een grote suikerspin, zalig zoet, een pure marteling voor de gave tandjes. Geen  bestraffend Gods oog boven mijn keukentafel, oma is de zondebok, gelukkig geloof ik stellig in de wijze woorden van de Romeinse keizer Aurelius, toen al, bijna 2000 jaar geleden, “Niet alleen doen, maar ook laten kan zonde zijn“.
En Multatuli maakt het af. “Er is maar één zonde, gebrek aan hart“, en daar zondig ik dan weer niet tegen. Maak ik mezelf graag wijs.
Heerlijk vrij gepleit.