7 x ge

Gemoederdagd

in het prachtige domein Puyenbroeck. Groot en klein op veilige afstand verwend met broodjes en een prikkelend flesje en zoete zaligheden.
Gewandeld door de mooie omgeving met twee dartele honden en hun baasjes over en door het water, op kleine eilandjes, over romantische bruggetjes, op wegen met fris lentegroen.
Nagenietend nu van het mooie boeket wit-geel en lekkernijen.

Gefietst

Volgens de regenradar (lang leve de App) gaat het over een uurtje zwaar onweren. We besluiten nog even de trappers te wagen, ze kunnen best tegen wat nat, buren wuiven ons verbaasd na, donkergrauwe lucht komt dreigend richting ons. Kilometers worden beperkt gehouden, we ronden af op 25, regendruppels als hagelstenen zo groot (en hard!) zorgen ervoor dat alles waar geen jas bescherming biedt kletsnat wordt. Maar het is van korte duur, even knalt de donder nog, een laatste uitspatting.

Gekeken

Eigenlijk bekijken we nog steeds, de ge-toestand is nog niet volledig bereikt, de sfeervolle Netflixreeks Shtisel over ultra-orthodoxe Joden in Jeruzalem. De mensen leven er in een streng regime, heel boeiend om die andere wereld te ontdekken. Onder strenge regels worden liefde, haat, angst, verlangen, twijfel heel gevoelig weergegeven. Pure klasse. Acteurs leven zich perfect én intens in in de rol. Die mensen houden zich aan ontelbaar veel voorschreven (zinloze) wetten en regels, gaan er vaak gebukt onder, maar getuigen vooral van gevoelige kracht (ja dat kan!) en een grote doorzetting.
Hunkeren en klungelen lopen hand in hand. Het leven zoals het is in een chassidische gemeenschap.
Binge watchen is aan ons niet besteed, maar ik verzeker je, de serie werkt verslavend, heel boeiend om even uit de eigen comfort-(amaai nog niet!)-zone te stappen.
Een heel grote aanrader.

Gelezen

Je bent fan van haar of je bent het niet. Lize Spit. Feit is dat ze heel vlot en boeiend schrijft. Geen zware literaire zinnen, maar ze sleurt je volledig mee in de wereld van het boek met échte inleving in het voelen en denken van de gewone mens. In “Ik ben er niet” kom je terecht in de bipolaire wereld van de psychose, het boek baseert zich op ondervinding in de nabije kring van de auteur en veel opzoekwerk.
Ze speelt graag met taal en metaforen.
Wij waren de twee scheefgezakte pilaren die, zodra je ze tegen elkaar aan deed leunen, steviger zouden staan dan één ongeschonden, op zichzelf staande pilaar ooit kon. Het zou goed komen met ons, zolang we samen bleven.”
Ze confronteert je voortdurend en zonder genade met de wereld van de psychiatrie. De 576 pagina’s dikke kanjer verveelt nooit. Een eeuwig observerende Lize op haar best.

Gebeld

Met de kleinzoon die op boerderijkampje ging, zelf boter en choco en brood maakte, de veulens en kleine poesjes en lammetjes streelde, zich verstopte achter een koe bij het spel, lesjes kreeg in de stal, en heel hard genoot van twee heerlijke dagen, zoals vooral een kind dit onbezorgd kan.

Lente me (Toon Hermans)

Voor blogjes lezen en schrijven lijk ik minder tijd te vinden.

Heeft het te maken met de zon en de fiets, voor ons dé meest ideale combinatie? Ook al zijn terrassen nog niet open, ons pad leidt vaak ‘toevallig’ langs ijshoeves met houten banken, ruim verspreid over grote weides. Waar koeien je ongegeneerd blijven aanstaren waarbij je het gevoel krijgt dat je het ijsje dringend moet beveiligen.

Of heeft het te maken met het vaccin dat onze dagen toch lijkt te beheersen. Manlief was goed, heel goed ziek, maar intussen gelukkig weer de oude gezonde, vol energie en eindeloos veel plannen. Goed teken.
Uiteindelijk kreeg ik de lang verhoopte prik vorige vrijdag, na een eerste flink ontgoochelende afspraak. Vijf weken later komt nummer 2 eraan, en dan…..hopelijk…. duimen maar…..
Dat we kort daarop gezwind het prachtige weer in fietsten, was -achteraf gezien- misschien toch niet zo’n geweldig idee. Lichte duizelingen en een druk op mijn hersenpan getuigden dat het vaccin wel degelijk zijn werk doet. Maak ik vooral mezelf graag wijs. Het WE beleefde ik in ‘iets hogere sferen’, maar Beer, de hond, onze logee en een bezoekje van de kleinkindjes hielden me met de voeten op de aarde en maakten veel goed. De grote terrastafel in de stralende lentezon werd voorzien van een lekkere lunch, Beer en de kinderen speelden -zorgeloos en uitbundig -verstoppertje en voetbal tussen struiken en op het gras.
Lente maakt blij en soms overmoedig.

“Every flower is a soul blossoming in nature.”
― Gérard de Nerval

Hij bloeit uitbundig

Blij…..en toch…..

Zaterdagochtend, de zon schijnt doorheen de vuile ramen, of waagt toch een poging. Ik besef, ik heb veel te veel te lang gewacht, maar de zin ontbrak, ofwel was het te koud, te nat, te druk, te stil, te lastig, altijd wel een te te vinden……
Ik besluit de koe bij de vieze horens te pakken, de Kärcher in de hand probeer ik streeploze baantjes te trekken. Elke tip is hier welkom, want het lukt me zelden.

De GSM rinkelt, of ik het vaccin van Pfizer diezelfde avond nog wil meep(r)ikken, ik werd simpelweg heerlijk uit de reservelijst geplukt. Het hart maakt zowaar een sprongetje, is dit niet hét bericht waar ik reeds een heel jaar geduldig op wacht?
Kwart voor acht, niet te laat? Neen hoor, ik ben nog fit ende gezond. Ook het tweede vaccinatiemoment wordt vast gelegd. Dit klinkt niet langer als een sprookje. Mijn eerste stap naar nieuwe vrijheid wordt dankbaar aanvaard.
We fietsen de dag door, ramen krijgen uitstel, wie maalt daar nu nog om? De tocht leidt naar de polders van Kruibeke, links de brede Schelde met zicht op Antwerpen, rechts het grootste overstromingsgebied van Vlaanderen met slikken en schorren, water- en weidevogels. Groepen fotografen halen er hun hart en foto’s op. En dan ontdekken dat de boerderij met lekkere eigen-bak-wafels en hoeve-ijs ons uitnodigt voor een rustig plekje in de zon én op een bank, we aarzelen geen seconde. Hoe beloftevol kan een dag zijn!
De hele tijd leef ik een waas van opluchting en blijheid, want hier en nu is mooi, daar en straks krijg ik mijn prik. Nooit verwacht dat een mens zo verlangend kan uitkijken naar een scherpe naald….

Stipt om 19.20u schuif ik buiten aan in het rij van drie mede-kandidaten. Beter te vroeg dan te laat, manliefs tip.
Braaf houden we onderling afstand, stippen wijzen weg en stapgrootte. Om kwart voor 8 staan we nog steeds daar, een man meldt dat een onverwacht probleem opdook, waarvoor ijverig een oplossing wordt gezocht en zal gevonden worden. Zware fietsbenen maken het wachten moeilijk, na enige aarzeling en een goedkeurende blik van de vrijwilliger ga ik toch even zitten op die eenzame stoel. Het wordt koud, de zon verdwijnt. De verantwoordelijke komt eindelijk buiten, hij heeft nog juist drie prikken klaar en…. goed geteld, we zijn met vier. Iedereen kijkt iedereen aan, muisstil. En ja, ik ben het laatst toegekomen en ja, met veel excuses en een vage afspraak voor eind volgende week fiets ik, ontgoocheld en ontmoedigd en nog meerdere onten, terug richting huis, waar manlief – genezen en wel- me opwacht om samen onze eerste prik te vieren met de prachtige Netflixreeks Bir Baskadir met krulletje onder de s ( het lukt me niet de juiste toets te vinden)…..
Heel langzaam kom ik in de Turkse sfeer, waar het verschil tussen de vele culturen prachtig wordt aangereikt.

De dag, die zonnig begint, eindigt toch niet geheel in mineur, met dank aan schitterende acteurs.

even (s)lenteren

De sneeuwweek laat zijn sporen na, jammer genoeg geen witte meer….. Dit is de geplande wandelweg, Ik kan kiezen, 5 km terugkeren of er dwars doorheen, er is geen ontkomen aan, de keuze is snel gemaakt, zzzzap, zzzzzap, de schoenen – gelukkig ben ik geen hoge-hakken-type- krijgen achteraf een flinke oplapbeurt. Met een hele tube schoensmeer zijn ze weer toonbaar.


Maar dit fijne lente-intermezzo is ook graag meegenomen. ik weet het, een beetje te vroeg, maar dat maakt het genieten er niet minder om, én ondertussen schuift de winter op en staan we op minder dan een maand van het prachtig ontluikende, meest kleurrijke seizoen van het jaar. De lente waar ik in het verleden telkens naar aftelde, omdat het nieuw actiever leven beloofde…. Nu blijft de vraag in hoeverre we onze steeds opschuivende vrijheid (stap voor stap, maand per maand…) terug kunnen genieten. Geregeld overvalt een moe-deloosheid me, nieuwsberichten worden geskipt, het gaat allemaal zo e.l.l.e.n.d.i.g traag. Plannen maken is moeilijk. Onze voucher richting Zeeland is reeds drie maal vernieuwd, telkens met meer opleg. Dat dit binnenkort de vierde keer gebeurt zit er heel dik in.
De vaccins die even dé oplossing en hét lichtpunt leken, bereiken ons met mondjesmaat. Daar waar landen erin slagen miljoenen mensen te beschermen, pakken wij uit met minder dan 4 %.
Ik zie opbeurende kleur in de hof, de nieuwe bolletjes doen wat van hen verwacht wordt, ik volg ze op, millimeter per millimeter, en ben trots op mijn dappere maatjes.

De fietsen staan klaar, vele kms erbij straks op de teller!, we maken er een mooie dag van. Onze net uitgepluisde route passeert een ijsboederij, hoe toevallig kan genieten zijn! En nog meer toevallig is dat ook vrienden de weg daarheen wellicht zullen vinden. Dat ons bij ijskoude smaakjes in de warme zon een fijne (tja, rechtstaande…) babbel wacht.

Een ruiker tere bloemen in huis als bewijs van….

Wintertrip, topidee!

Onderweg kom ik de buurvrouw tegen, we doen een korte bijbabbel, want het is koud, mijn zonnebril ligt ergens verstopt in het overvolle valiesje, dat ik luid kletterend over de stenen laat rollen. Je hoort me van ver aankomen, een hele reis heb ik achter de rug. Ik ben onderweg naar huis vanuit het plaatselijke station, de anderhalf uur durende treinrit met drie overstappen en veel zeulen en zwoegen met zwaar koffergewicht zit erop.
Klaar om manlief te begroeten.
Oh ben je er alleen op uitgetrokken?
‘Ja en het was écht genieten’
Gans alleen?
‘Ja, zo vreemd? Het appartementje met zeezicht stond leeg, het was te nemen of te laten, gratis belangeloos voor niets, manlief had andere klussen te klaren, en ik had zin in niets moet, alles mag.’
Verveel je je niet, zo heel alleen? Geen last van eenzaamheid?’
‘Eenzaam?? Verre van. Alleen alleen’

Wandelen en wandelen en wandelen. Langs de vloedlijn, wilde golven belemmeren bevriezing, rillend in de ijzig koude Noorderwind, enkel de ogen nog vrij, een mens moet toch zien waar hij loopt, de combinatie van sjaal en mondkapje doen wonderen (even verwijderd voor de selfie met bevroren vingers, niet handig!), tussendoor opwarmen bij een kopje warme chocomelk en een goed boek in het appartementje met zeezicht én heerlijk hete radiatoren, een wafel met slagroom genieten bij een kraampje, in de boekenwinkel snuisteren, ook even mijn  temperatuur op aanvaardbaar niveau brengen, op ijsplekken schuiven in ribbels bevroren zoutwater, tegen de wind in schermen en snakken naar adem, en ’s avonds  met vuurrode wangen de film ‘A Sun’ (aanrader op Netflix!) genieten.

Om half acht ’s morgens loop ik terug naast, gedeeltelijk in het opspattend water, niet evident voor een langslaper, ik zie de zon opkomen tussen de grote appartementsgebouwen door, eigenlijk haat ik de hoogbouw van de Belgische kust, maar het appartementje op 8 hoog zorgt voor een uniek vergezicht, dus zwijg ik maar in alle talen.

Ijskoude, zonnige, ontspannen dagen krikken mijn humeur op. Manlief kan er vooral wel bij varen. Winter aan zee, een heel speciale belevenis. Alle zorgen smelten als sneeuw voor de zon…..

Zondagmiddag

Schoonmama komt op de ‘zondagse koffie’. Na vele maanden ‘opgesloten’ in de flat, wil ze graag ons huis nog eens binnen. Ze glundert, kijkt benieuwd en gespannen rond, vindt alles schitterend, blijkbaar kozen wij voor een totaal andere look, ze klinkt overtuigend. We laten haar genieten van vele ontdekkingen, die sinds jaren ongewijzigd zijn gebleven, op de sneeuwwitte tuin na, die was ooit groen. Een mens kan maar gelukkig zijn in the old new world.

De taartjes smaken, op suiker letten lijkt even verleden tijd, want ‘zondigen mag, meer nog moet al eens’, zegt de dokter en hij is slim.

Rond vijf uur voelen we onrust, ze wil naar huis. Vanwaar die plotse haast? Geen kat wacht haar op in de stille flat, hier kan ze babbelen, ze doet dat graag en veel. Vaak dezelfde verhalen, maar dat nemen we er voor lief bij. Ze is en blijft alert. Ze kaffert op de politiek en het stomme virus dat haar van de vrijheid berooft.

Tot ze zelf het besluit neemt en resoluut recht komt (voor zover het nog vlot lukt), ze wil nu direct én onmiddellijk naar huis worden gevoerd, want straks gaat het donkeren en die man blijft niet eeuwig wakker, ze gunt hem graag wat zondagse rust, hij heeft daar recht op!, stel je voor dat hij ons in de steek laat en er geen zin meer in heeft.
Niet begrijpend kijken we elkaar en haar verwonderd aan. Over wie heeft ze het in hemelsnaam?
Maar ze houdt vol, steeds luider, steeds heviger, steeds meer gedecideerd, we moeten vooral niet profiteren van zijn goedheid! Punt!

Op onze expliciete vraag antwoordt ze doodnuchter (er zat geen warmmakertje in de koffie) ‘awel, die man die we eerst moeten telefoneren in de auto om ons te helpen met de weg in het donker, hij blijft niet eindeloos wakker, speciaal voor ons, hij zal nu ondertussen ook wel moe zijn…’.

We vertrekken, ze maant ons dringend aan de man te bellen, de GPS geeft gelukkig gehoor. Oef, hij is er nog. Snel zijn nu, stel je voor dat hij ons laat zitten vooraleer ze thuis geraakt. Want ook voor hem is het zondag en hij wil graag bij zijn familie zijn. Dat begrijpen we uiteraard.

Technologie en 90 jaar, geen ideale combinatie meer….

Niet ‘mist’evreden met Toon Hermans.

Ja, er moeten mensen zijn
met tranen als zilveren kralen
Die stralen in het donker
En de morgen groeten
Als het daglicht binnenkomt op kousenvoeten

Voor één keer hoor ik bij die mensen, die fotootjes maken terwijl het ochtendzonlicht schittert op witte rijmsporen. Ik gun mezelf geen tijd om me aan te kleden, en overwin ijzige kou om zoveel rijkdom in beeld te brengen.
Ik kan enkel hopen dat buren achter veilig glas geen beelden schieten van het tafereel dat zich hier afspeelt, de gejaagde dame op blote voeten (en nog meer bloot) die ijverig met apparaat de hof doorkruist.
Stel je voor dat de zon zoveel krakende schoonheid helpt smelten…

bevroren viooltjes

Er moeten mensen zijn die zonnen aansteken
Voordat de wereld verregent
Mensen die zomervliegers oplaten
Als ’t ijzig wintert
En die confetti strooien tussen de sneeuwvlokken
Die mensen moeten er zijn

Een stralende zon overspoelt het wit in de tuin. Vandaag kan ik niet binnen blijven, kijken en beleven is de boodschap.
Het Pajottenland roept, heuvels, vergezichten, zoon en schone dochter als prachtig ‘excuus’.
Te lang geleden dat we elkaar in levende lijve zagen.
Op amper vijf kwartiertjes rijden met de auto, hoe klein kan de wereld zijn.
Zoon gaat de wandeling uitstippelen en vraagt naar mijn ‘eisen’.
Amper ééntje, vooral héél véél verre einders.

Onderweg daarheen overvallen onverwacht dichte mistbanken ons, we zien geen steek, de mistlamp moet dringend aan, maar…. het knopje lijkt spoorloos?! We zoeken….. nog steeds….
Bij aankomst -op de tast- bij het boshuisje, blijft mist hardnekkig volharden. Bemutst en ge-dikke-jast trekken we een mysterieuze omgeving in, ademen pure mystiek, een paar meter verderop is enkel vage duisternis merkbaar, zoon vertelt wat we in zon hadden kunnen genieten (drie werkwoorden op rij, want het was veel!), hoe mooi de verre uitzichten op de top van de heuvel wel zijn, we beelden het ons graag in, met de nodige fantasie ‘zien’ we hoe geen huis de rust hier verstoort en golvende natuur voor panoramische plaatjes zorgt.
Ik had dan ook maar één eis, vooral héél véél verre einders.

Er moeten mensen zijn die op een stoel gaan staan
Om sterren op te hangen in de mist
(Toon Hermans)


Donkerte heeft ook lichte toetsen (Meghan Remy)

Bij het ochtendgloren – het klinkt poëtischer dan het is, want ik ben verre van een ochtendmens – beslissen we die toetsen op te zoeken, de zon straalt, de lucht blauwt beloftevol.

Op amper twee kilometer van het huis van de zoon (een toilet in de buurt is handig in deze barre tijden), ligt een prachtig natuurreservaat, 230 hectare groot.
De Bourgoyen op een boogscheut van Gent, je houdt het bijna niet voor mogelijk!, dankt zijn naam aan de Hertogen van Bourgondië uit een ver verleden. ‘Berg’ als zandwegel op hoogte en ‘ooie’ van laag drassig grasland ontdek je, met wat creativiteit, in de sierlijke naam.

Verschillende ingangen en uitgestippelde wandelwegen zorgen voor een rijke variëteit aan mogelijkheden. Wij kiezen de langste route, ongeveer zes km, kleinzoon sputtert even tegen, ‘zoooo laaaaang’, kleindochter vertelt en geniet. Samen wijzen ze ons de staproute, doelbewust de wegwijzers negeren is dus onze boodschap.

Vogels, ganzen, steltlopers, minstens 8 verschillende soorten eenden verrassen vanuit de vogelkijkhut. Een paar bezoekers hebben zich reeds gezellig geïnstalleerd, waaronder drie verrekijkers en een immense lens. De ruimte is groot, we turen, ‘kijk, een vos’ en ‘zie de uil in de verte’….. Ai neen, we zijn onze verrekijker (weeral) vergeten, een must uiteraard, en doorgeven is nu geen echt goed idee.

Een biodrankje of Gageleer op het terras met prachtig zicht op de weidse vlakte zit er nu niet in.
Een stille zucht én groot gemis….. het is wat het is….. dikke, dikke helaas.
Gageleer is een donkerblond bier, gemaakt volgens een oeroud bio-natuurrecept, met pittige reuk en smaak van de gagel, die groeit in moerassig gebied en gecontroleerd wordt geplukt ten voordele van de natuur.
We wandelen verder, de zalige zon en blauwe lucht maken de omgeving extra mooi, extra groen, extra fijn.

De weg leidt ons langs vele meersen, restanten van -in de winter- geregeld ondergelopen grasvlaktes. Houten vlonders houden onze voeten droog en het enthousiasme erin.

Toch wel jammer dat te-veel mensen blijkbaar de weg vonden naar dit prachtige gebied. Eerlijk?, ik zal blij zijn als de winkels terug openen en we niet met zijn allen naar ‘dezelfde stilte’ op zoek moeten gaan.


Welkom Sint

En ja, ter vervanging van mijn twee aparte foto’s die je hier nu extra werk bezorgen, had ik een veel mooier beeld van het geheel kunnen plukken van het internet.
Neem dus graag de bovenste, fantaseer de onderste ernaast, en klaar is Kees.
Het moest en zou een eigen maaksel worden van het kleurrijke geheel, te groot om van dichtbij te fotograferen.

En ja, ik had mezelf op het 1-meter-verhoog kunnen sjouwen voor het ideale beeld, maar teveel schoolgaande jeugd rondom belemmerde me om dit schouwtoneel op te voeren met bovendien een grote kans op mislukking en bijhorende lachsalvo’s. Op veilig spelen was dé boodschap.

Dus laat je creatief brein vooral zijn fantasievolle gang gaan.

Het kleurentapijt ligt nog tot 6 december op het stationsplein van mijn én Zijn thuisstad. Wat een eer. De Wase Vijverwinkel uit het bloedeigen dorp kan, door Corona of wat dacht je, geen bloementapijten leggen in het buitenland. Voor bloemen is het hier wat laat op het jaar, dus werden natuurlijk gekleurde houtjes gebruikt, die op bloemblaadjes lijken.
Drie tapijtleggers en een tiental vrijwilligers hebben twee volle dagen gewerkt aan 120 m² prachtige kunst, het resultaat mag er écht zijn.
Uitnodigend, vrolijk, warm welkom voor Hem, voor mij, voor groot en klein.

Coronaproof in buitenlucht én op afstand“, wat.haat.ik.die.woorden!

Wie toch liever het geheel wil bewonderen, googelen staat je vrij. Maar een bijhorende link vertikt mijn koppige ik.

Klavertjes vier

Maken vijf kleine klavertjes-vier een groots geheel?
Neen, verre van, maar ze maken het wel ietsje groter.
En blijven bij.
Zelf plukte ik er deze week vijf.

  • Op zondagochtend word ik wakker met Christine Van Broeckhoven, professor Moleculaire Biologie en Genetica. Officieel op pensioen, maar ze blijft een grote steen bijdragen aan het onderzoek van Alzheimer. Zelf noemt ze zich verslaafd aan het werk, een nuchtere vrouw vol idealen. Voor vriendschappen is geen tijd, ze weet nog niet of ze het mist. Haar droom blijft de ziekte onder de knie krijgen, te weinig geld in combinatie met moeilijk te vatten hersens maakt een oplossing voorlopig onvindbaar. Vrijuit – “héérlijk” vind ik het als mensen eerlijk zwakke kanten durven tonen, en hebben we die niet allemaal?- spreekt ze over de zware depressie die haar onverwacht in zijn klauwen kreeg, en soms nog op de loer ligt. De uitdagingen van het werk hielpen haar vooruit.
    Voor Alzheimer bestaat geen medicijn, zo weinig mogelijk stoel-zitten, veel beweging in open lucht, gezond eten, je hersenen blijven uitdagen met een vreemde taal (neen, geen kruiswoordraadsels, voegt ze er vrolijk aan toe) kunnen kleine hulpjes zijn.
    Gretig geef ik gevolg aan die tweede tip, ik ga op wandel in de MOTregen en kom KLETSnat thuis, want hier veroorzaken vele kleine beetjes toch een groots geheel. Nat tot op het bot. Jas onder de haardroger, haren aan de wasdraad en schoenen in de droogkast. Mijn hersenen kregen een frisse duik.

  • Het wintertafereel staat klaar, het gezelligste hoekje in huis is weer druk bewoond door witte ventjes, uiltjes, sneeuwmutsjes en warme sjaaltjes, klaar voor de kerst, enkel de bollen moeten er nog in. Hoogtepunt (letterlijk én figuurlijk) is het prachtig witte takkenstelsel, vijf jaar geleden cadeau gekregen van lieve vriendin op mijn pensioen.
    De traditiegetrouwe sneeuwman is met glaskrijt getekend op het zijraam, hij nodigt koning winter uit, beseft alleen nog niet dat motregen daar niet echt bij hoort…..

  • Collega-vriendin klopt op het terrasraam, verdiept in de krant schrik ik me een bult. Ze wacht me op met een grote doos lekkere gebakjes én een fijne babbel, die zo’n deugd doet, nu onze maandelijkse afspraakjes met bijhorende lunch vervallen, al veel te lang….


  • Elke avond genieten we twee afleveringen van de schitterende mini-Netflixserie Queens gambit.
    ‘Een meesterlijke vertelling en een esthetische parel’.
    Het verhaal in een notendop. We spreken eind jaren ’50. Beth belandt op 9-jarige leeftijd in het weeshuis, waar ze zich in de kelder ontpopt tot een schaakwonder. Om de kinderen rustig te houden, krijgen ze dagelijks een portie kalmeringsmiddelen, waarbij het meisje hallucinaties krijgt op het plafond over geniale schaakzetten. Ze wint overaltijd, maar de roes zorgt tegelijkertijd voor verslaving. Hoewel een heel klassiek thema, spelen Beth en haar gekwelde pleegmoeder schit-ter-end.
    Rustige, spannende, boeiende, meeslepende TV. Geen flashy beelden, stilte en de tikkende klok spreken vaak boekdelen. Een dageinde om naar uit te kijken!

  • Een grote boswandeling staat op het programma met Beer. Beer is een hond. Beer en zijn baasjes. Zijn baasjes zijn zoon en schone dochter. Baasje gebruikt de wandelapp ‘Mapy’ om onooglijk kleine wandelpaadjes uit te dokteren in onze directe omgeving, waar ik het bestaan niet van wist. Een mens is nooit te oud om te leren, het eerste puntje hier indachtig.
    Als er aansluitend een dessertenbuffet wacht kan de dag niet stuk. De regen houdt zich koest, net als de hond, die nochtans immens geniet. Hij is een Friese waterhond, maar verkiest veruit het bos.
Beer