karamellenverzen: ‘het’ moment voor C.

de deur gaat toe

ze is vooral niet moe

klaar voor een heel nieuw leven

met verrassing doorweven

 

‘op rust’ ūüôā of pensioen

het pad kan ik haar tonen

naar dagen die belonen

na de drukte van toen

 

de weg moest ik even zoeken

naar aanvaarden

van andere waarden

in soms verborgen hoeken

 

samen vertellen we

hoe boeiende wegen open gaan

dat tijd noch ster blijft stille staan

 

het hiernumaals

spreidt zijn amen open

biedt ‘verse’ ruimte

om doorheen te lopen

en tijd te kopen

 

een drankje en een hapje

helpen alvast het eerste stapje

we ronden af

met een whatsAppje

 

 

 

 

Advertenties

Happiness is homemade

Vrijdagochtend 6 uur, ik trek voorzichtig richting beneden in een slapend huis, en verlies ¬†plots ……veel water….
Alarmbelletjes gaan rinkelen. Manlief wordt uit bed getrommeld, want zei de dokter niet dat ik dan  onmiddellijk  moet afkomen? We rijden anderhalf uur later , als de pijn me te machtig wordt, een stralende ochtend in, het is ijskoud buiten, maar de lucht is staalblauw, alles ruikt naar lente!

Rond 8 uur kom ik toe in de kliniek, er is geen kamer vrij ¬†voor mij (ik voel me Maria ūüôā ), ik verhuis naar ¬†een bed in de overvolle gang waar verpleegsters geregeld ¬†vragen of de pijn nog houdbaar is.
Ja hoor, klink ik opgewekt, neen hoor, fluister ik tegen manlief.

Eindelijk, de ‘operatie’kamer is vrij, ik ‘mag’ naar binnen, de dokter komt haastig toegelopen. Het is 10 uur. Ik krijg opdracht, ik moet volhouden, ik spartel doorheen het pijnlijkste kwartier van mijn leven. Op dat moment besef ik (gelukkig) nog niet dat er nog twee ¬†‘pijnlijkste kwartieren’ in mijn leven ¬†zullen volgen…..

Manlief wordt onpasselijk bij zoveel pijn, en plots blijf ik ¬†alleen achter met de dokter, de verpleegster gaat met ¬†krijtwitte manlief de kamer uit, ze vreest het ergste, maar hij wil me steunen en er voor me zijn, over’man’t zich, en komt terug naast me staan.
De frisse lucht doet wonderen. Ik voel me met drie.

Een ‘verlossen’de ¬† 15 minuten ¬†later wordt een klein pakje op mijn buik gelegd. Ik besef het nog niet, is dit √©cht, √©cht mijn zoontje??, dat schattige kleine wondertje?
Manlief fluistert vertederd in mijn oor ¬†‘hij is van ons’.
Zoveel blijheid, zoveel liefde, zoveel ontroering, zoveel ongeloof, zoveel emoties…. ik heb mezelf niet langer in de hand en laat de tranen komen. Het pakje verdwijnt en wordt even later, gewassen √®n goedgekeurd, ¬†in mijn armen gelegd.
Ik stroom over van moederliefde, zomaar ontstaan uit dat ene ogenblik van intens geluk.
Ik verhuis naar kamer 230, het armbandje met zijn naam en ons kamernummer  (geplakt in het fotoboek) is hiervan getuige.
Dan krijgen we tijd, tijd om te wennen aan onze gloednieuwe status van papa en mama.
Oma’s en opa’s krijgen telefoontjes vol ontroering, en komen diezelfde dag nog langs. Geen afstand is hen te ver.
Mijn (oude) vader herinnert zich nu nog ¬†de klop op de klasdeur en de directeur die met een big smile binnen stapt, hij weet direct welk fantastisch nieuws hij gaat horen. Het is nog de GSM-loze tijd….
Diezelfde avond worden we omringd door zoveel liefde, zoveel zachtheid, iedereen is ver’wonder’d.

’s Nachts wordt mijn ventje weggehaald, dan kan ik als mama uitrusten, het is de gewoonte in de kliniek, ik spartel niet tegen, nu zou ik het niet meer toelaten, maar ik weet niet beter… The times they are a’changing…..

De volgende ochtend rollen ze  heel vroeg het piepkleine bedje tot bij mij.
Ik voel een intense blijheid, een ongelooflijke fierheid, een heel hard moederlijk gevoel bij me opkomen. Ook een beetje verwarring ‘want hij is nu onze verantwoordelijkheid’ en ‘gaat ons dit lukken?’ en ‘hoe begin je eraan?’
Ik kijk hem aan, ongeloof borrelt op, maar ik blijf kijken, genieten, kijken , genieten… want hij is van ons!!

MUM    is just
WUW    upside down.

De start van een  heel verrijkend nieuw leven.

Dat kleine wondertje wordt vandaag 38 jaar.

MUM     blijft
WUW     upside down.

Ik ben nog altijd diezelfde fiere mama! Dagdagelijks! Van ons eerste lentezoonTJE ūüôā

 

DSCN3779[1]DSCN3782[1]

[dit blogje vervult me opnieuw met tranen, de intensiteit van die beleving komt – bij het neerschrijven- zo diep terug boven….]

 

Mijn schaduw en ik

Als een donkerte stapt zij overal  mee, beheerst  mijn leven en denken, doet angsten en boosheid soms stevig oplaaien.
Maar waar zon is, is ook zij. Soms dringt ze zich heftig en onweerstaanbaar aan mij op, soms is ze enkel op de achtergrond aanwezig, maar nooit is ze uit mijn gedachten.

Mijn blauwe druppels houden haar voor een stuk onder controle. Ik wil haar  als een juk van me afwerpen, maar hondstrouw is ze!

Die schaduw wordt ‘hij’ en ‘kramp’.

Zondag, zo heerlijk, de lente lijkt weer daar. Blij stap ik in de auto, ogenschijnlijk onbezorgd. Ik weet na zoveel jaar HOE ik moet stappen, HOE ik moet zitten, HOE ik moet werken om hem op afstand te houden. Oefening baart kunst en ruim anderhalf jaar kan ik hem redelijk onder controle houden. Opstoten dringen zich soms op, maar ik ben hem te slim af en reageer telkens heel snel en…. wonderlijk juist. Pluim voor mezelf! ūüôā

Maar plots duikt hij op uit het niets. Vergeet ik ¬†mijn ‘HOE’?
Ongenadig slaat hij toe. Voor mij blijft die kramp een hij, hij is zo sterk, zo meedogenloos (een woord dat enkel in een woordenboek zou mogen bestaan), zo vr√©selijk pijnlijk. Hij put me uit, ik kan niet anders dan huilen, snikken, kermen en afwachten, maar hij houdt dapper vol en heeft me volledig in zijn macht. Ik hoop in stilte het bewustzijn te verliezen, deze pijn is niet langer draaglijk, maar hij vraagt vooral zijn tijd. Ik snak naar adem, ik snik, ik fluister ‘help, ik houd dit niet vol’, ik ga een zinloos gevecht aan, ik weet dat de overwinning tijd vraagt, vooral ¬†veel tijd.
Manlief fluistert bemoedigende woorden, weet niet hoe me te helpen, ik vergeet mijn omgeving, en ben nog enkel mijn kramp, mijn hel.

Bange oogjes op de achterzetel in de auto kijken verschrikt toe, oma en tranen… moet oma niet enkel troosten? Eens de extra portie blauwe druppels hun werk hebben gedaan, breng ik die twee paar donkere oogjes weer aan het lachen, zij hoeven dit niet te zien, maar hij laat zich ¬†niet timen….

De fysische overwinning is ondertussen een feit, mentaal sta ik  voor moeilijke dagen, weken, misschien maanden. Ik moet weer aanvaarden dat niet ik de baas ben van mijn lichaam, dat hij onverhoeds  kan opduiken, dat hij mijn meest trouwe metgezel blijft.

Vertrouwen moet weer stapje voor stapje (hoe cynisch, dat stappen…) worden opgebouwd, om angst te overwinnen, angst omdat – ik weet – hij ¬†‘overaltijd’ kan komen, en me tot een wrak kan bombarderen in een minimum van tijd.

Tranen drogen op, de kramp blijft mijn schaduw, géén zon zonder schaduw, ik ga dapper verder met mijn tweede, onsympathieke ik.

loesje-14

Beloofd, het volgende blogje wordt sympathieker, vrolijker, blijer! Maar vooral even eerlijk.

Si & la

Hij schrijft  mooi, ontwapenend eerlijk, aangenaam leesbaar.
In de WE-magazine van de Standaard schrijft hij ¬†over ‘Si & La’.
Bernard Dewulf beheerst het spelen met woorden, met klanken en met gedachten perfect. Duikt daar enige jaloezie op?

Een vorm van  (h)erkenning komt  bij me op. Hij schrijft over dagdagelijkse dingen, die een diepe waarheid bevatten. Een waarheid die we soms doelbewust buiten sluiten om elke confrontatie te  vermijden.

Deze week gaat het ¬†over ‘de donkerte die begint. Te praten. Soms is het maar even, nu is het dus dagen’ De donkerte die in ¬†elk van ons zit, maar tussendoor blijven we “schrijven, gebaren, kijken, lief hebben, ademen , schateren en huilen en er gewoon omheen wonen”. Parels van woorden of woorden als parels.

“Dat heeft toch iedereen, ergens een donkere vlek? We zijn allemaal met een haperende vulpen geschreven.” ¬†Sublieme ¬†zin.

“Daarom ook hebben we onze verbeelding. Waardoor ik ¬†in dat zwarte gat een sneeuwklokje kon worden” ¬†Heerlijk visuele woorden.

“Dan stuur ik ze weleens door naar een vriend met ook zo’n vloeiblad. En dan krijg ik de zijne terug. Gek genoeg helpt dat een beetje” ¬†Herkenbaar, en weer vindt hij de juiste tonen.

Ik herken de donkere vlek op het vloeibad soms ook. Ik hoor (gelukkig) niet bij de heel donkeren, die we liever mijden, “als een soort dieptevrees”.

Maar licht-donkere gedachten, een plotse weemoed, een onverwachte melancholie, een hoop vragen zonder antwoord, een schaduw “out of the blue, zonder agenda, zonder tijdstip, geen aanleiding”….. Ik (her)ken het. Dan doet het deugd om dit artikel te lezen en ¬†te beseffen dat je vooral niet de enige bent. “Soms heel even, soms als een stroomstoot of een duizeling. Waaronder het wit van het sneeuwklokje”.

Vandaag zoek ik het licht op, samen met een vriendin, tijdens een wandeling, in een babbel,  bij een lekkere lunch, en vooral op het bankje achteraf in de zon met zicht op de schittering van het water . Ze is er slechts voor even, de zon, maar ze belooft terug te komen.

Rotterdam en schone familie

Onder begeleiding van een voortreffelijke gids (ode aan manlief!) trekken we, met de schone familie langs zijn kant en onze (tijdelijk kinderloze) kinderen  nog eens richting Rotterdam.

Heel veel regen wordt  beloofd via 101 uitgepluisde  websites. Maar we blijven kurkdroog, tot de late terugweg in de warme auto.

De naam Rotterdam stamt uit de 13e  en verwijst naar een dam in de rivier de Rotte. De historische binnenstad werd in 1940 grotendeels verwoest door een Duits bombardement. Rotterdam staat bekend om zijn vernieuwende architectuur. Zo meldt Wikipedia.

De start is gepland aan de kade met een fullspeedbootje, ¬†medegezel wordt misselijk, de andere vindt het d√© max. Verhalen rond het verleden en heden van de Erasmusbrug, het bombardement en de heropbouw van de hoge stad worden boeiend en ge√ęnthousiasmeerd verteld.
We volgen de enige gracht die Rotterdam rijk is en eten op een exotische plaats de Bazar. Kleurrijke tafels,  vele lampen in alle tinten en soorten,  gerechten  afkomstig uit het Midden-Oosten en Noord-Afrika, de warme sfeer zit er goed in.
De soep uit grote kommen  en de uitgebreide lunch zijn verrassend smaakvol.

De wijntjes zorgen voor (te) lome benen, maar we stappen ‘even’ later toch dapper verder richting centrum. De kubuswoningen, waarin we net niet wegdraaien, de grote overdekte hall, de potloodtoren blijven boeiend, zelfs voor de tweede, of derde, of vierde keer. Nog ¬†een leuk winkeltje ontdekt in de Koopgoot, waar we even tijd en ruimte vergeten en buitenstaanders ¬†ongewild laten verkommeren…

Wandelen langs de lichtjes van de nieuwe Maas, weids, kabbelend water, rust….
En de stille belofte ‘We’ll come back!’

Een laatste avondmaal  in het historische Hotel New York  blijft charmeren. En het eten is er Рpure reclame!- (h)eerlijk!

Dankjewel gids, voor ons ben je alvast volmondig geslaagd!

Ontroerd opgelucht

Ongeduldig zit ik in het zeteltje in de wachtkamer bij de oogarts. Een ruime week lang zwemt een ‘zwart hoefijzer’ lustig mee richting mijn pupil. Sprak de oogarts niet over mogelijk netvliesloslating en zo snel mogelijk ¬†langs komen bij mijn ¬†telefoontje?

Ze doet druppels in het oog, en nog eens, en nog eens, dan mag ik terug naar de zeteltjes om mijn pupil ‘rustig’ te laten groeien. Ik weet ¬†nog niet welk vreselijk vervelend onderzoek me wacht…..

In de wachtkamer zitten ¬†een oudere man (77 blijkt) en zijn nog oudere moeder (93 blijkt ook, maar nog kranig) Terwijl zijn (stief)moeder bij de oogarts is, doen we een ‘gezellige’ babbel. Mijn oog groeit en groeit, mijn zicht krimpt en krimpt, en toch is er plaats voor echte ontroering, als hij vertelt over zijn oude moeder en zijn bezorgdheid om haar. Hoe ze nog enkel hem heeft, hoe ze dapper en positief verder doet, hoe hij als zelfstandige een intens leven achter de rug heeft, hoe hij zijn vrouw na 17 jaar kanker verloor ….op mijn leeftijd.
Moeder-zoon-relatie…. het blijft pakkend.

Eindelijk zit dat nare onderzoek erop, trillend hoor ik dat ¬†het ‘hoefijzer’ zichtbaar is, maar dat van loslating geen sprake is.

Ontroerd opgelucht. Ook al zit de kans erin dat ‘het’ me niet meer loslaat, en dat het enkel kan vergrijzen (net als mijn haar …)….Daar kan ik mee leven.

En ik besef, iedereen heeft zijn eigen levensverhaal…..

 

Kinderquotes

Opgestaan is plaats vergaan, de winterse sneeuwpoppetjes hebben eindelijk de weg terug richting kast gevonden. De witte takken op het kale tuintafeltje wachten geduldig op een nieuwe bekleding, lente- en pasen-lijk .
De inspiratie is voorlopig ¬†nog spoorloos, de tijd dringt niet, de lente luistert niet, hoe ongeduldig ik ook ben…..

Na 6 dagen klein geluk, soms grote ¬†verdrietjes, druk gewemel voor de ogen, korte nachten, jeugdige ideetjes, verrassende uitspraken, klaterende lachebekken, ¬†enthousiast geweld, spannende boekjes, kleurpotloden die met onverwachte creaties ¬†het huis tot kunst omtoveren , speeltuinen, kinderboerderijen, Walt Disney genieters, ‘tien minuutjes babbelen voor het slapen’ met de nodige uitlopers, koken voor een groot gezin, ‘heppy’ gezichtjes bij het samen spelen met de grote mensen, in elk verborgen hoekje onverwachte speeltjes ontdekken, frustraties waarbij soms hemel en aarde vergaan, springen en dansen met kapitein Winokkio, …. swingt deze opruimmachine door haar eerste ‘vrije’ dag.
Chaos in de ruimte zorgt voor onrust in mijn hoofd.
De placemats worden opgeruimd.

dscn3731

dscn3742

De machine wast de opgestapelde kledij √©n ……een dikke opgerolde krant.
Waarom heb ik een vaag vermoeden welk prutske dit op zijn geweten heeft ?
De krant is verweekt in 1001 natte stukjes die zich aan elke vezel hebben vast geklampt. Het wordt een werk van lange adem om alles te ‘ontkranten’.
Mijn vader beseft (nog niet) dat ook hij binnenkort kleren met verrassing terug zal krijgen…..

Vandaag heb ik het huis voor mij alleen, ik heb het soms broodnodig, mijn ‘persoonlijke ruimte’ na drukke dagen. Ik kreeg de genen mee en gaf ze ¬†ook trouw door. Herkenbaar bij de zonen.
Neen, niet aan de kleinkindjes, die kunnen oma en opa niet missen, tot zelfs een toiletbezoek toe met begeleiding.

Confronterend is wel de vermoeidheid en opspelende spieren die me ’s avonds ¬†overvallen, enkel de witte (ondertussen mooi opgekuiste) zetel met dagblad of TV kan me dan ¬†nog bekoren, kersenpittenkussentje binnen handbereik.
30 jaar geleden was er  nog de energie om in die late uurtjes het huis die nodige beurt te geven of het vele schoolwerk aan te pakken.

Jong geweld houdt de leeftijd jong, ik geloof het graag, ook al voelt het niet altijd direct zo aan?

“Ik zie die auto ginder, want ik heb een ver oog”

“Drie-en-twintig…… vier-en-dertig……vijf-en-tientig……” (hij leest al cijfers)

“Als ik nu al moet gaan slapen, mag jij niet naar mijn feestje komen……” (pruil, pruil)

“Als ik nog ¬†veel val in de speeltuin, heb ik geen tandjes meer” (een waarheid als een koe)

Auma….. aupa…….” (zo de hele dag door ūüôā )

“Ik vind oma lief, zelfs als ze geen pok√©mons¬†vindt”

Met kleindochter kan ik al winkelen, ze heeft mijn smaak ūüôā en kiest voor een wit Indisch katoenen bloesje uit de flower-powertime, net zoals mijn trouwkleed indertijd.
Met een strakke broek erbij is ze om door een ringetje te halen.
“Ik ga dat bloesje ook aandoen in school, dan denk ik aan jou, oma” .
“En die broek, oma, die heeft mijn juf ook”
Ze wil mijn trouwkleed bewonderen, de zoldertrap gaat open, ¬†“oh zo mooi”, “later ga ik niet trouwen, want papa en mama doen dat ook niet, maar dat kleed wil ik supergraag aandoen”.
Het wordt voor haar in ere gehouden, beloofd!
Gracieus poseert ze nog snel in haar mini-trouwkleedje.

dscn3738