Als leven lijden wordt

Ik loop verloren in de vele berichten, ben volledig opgeslorpt, volg de media tot in de kleinste details.

Het proces van Tine Nys.
Ik leef mee, wellicht te intens, maar ik kan niet anders.
Tien jaar geleden kreeg zij “de” euthanasie,  waar mijn bloedeigen zus heel lang heeft naar gestreefd. Haar werd het niet gegund, waardoor ze uiteindelijk verplicht werd tot een gruwelijke, jarenlang durende zelfdoding. Het klinkt contradictorisch, maar zij moest beleven hoe een zelfdoding twee volle jaren kan blijven aanslepen.
Wij, de ouders, de zus, de broer, ondergingen mee, en haar zo hopeloos weten, was ontzèttend pijnlijk.
Oude wonden worden nu terug open gereten, niet dat ze ooit volledig genazen, maar de tijd hielp de scherpe randjes slijten.

Net zoals Tine zat mijn zus middenin de pubertijd toen ze het heel moeilijk kreeg, ze ontdekte dat de wereld anders in elkaar zat dan ze had gehoopt, ze begreep maar niet waarom en hoe , ze was een intelligent meisje, een strevertje, ze wilde vooral goed doen voor haar omgeving, ambities waren soms te hoog gegrepen, de ontgoocheling was dan groot, want enig perfectionisme was haar niet vreemd.
Alles heeft ze uitgeprobeerd, medicatie, een hele resem dokters, nog meer psychologen en psychiaters, tot opname toe.
Haar doodswens werd er alleen maar sterker door.
Zonder reden, ze wilde hier simpelweg niet langer zijn.
Niemand leek haar te begrijpen, niemand kon helpen, van euthanasie was toen nog geen sprake.
Aarzelend vroeg ze me de nodige pillen, ik wist niet hoe èn kon het ook niet…. , wilde er voor haar zijn….

In de krant lees ik: ‘Tenslotte is dit ook een beetje het proces van de psychiatrie. Tine Nys is jarenlang behandeld geweest, intensief en adequaat. Toch bleef haar lijden duren…..
Psychiaters en psychologen buitelden over elkaar heen om te zeggen dat Tine borderline had en geen autisme, of autisme en geen borderline, of een beetje van allebei. Maar een therapie die aansloeg, hebben ze haar niet of niet meer kunnen bieden. Dat is het echte drama van heel dit verhaal”.
Ook bij mijn zus volgde nooit een echte diagnose, en leek iedereen elkaar tegen te spreken. En datzelfde verhaal hoor ik nog geregeld  in mijn omgeving.
Een moeilijke materie, dat brein.

Helaas, er lopen meerdere Tines rond. Ik lees in DS-magazine het droevige verhaal van Eva, het loopt parallel met dat van mijn zus. Allen waren ze ‘getekende vrouwen met veel capaciteiten‘……. ‘Ze wilde gelukkig zijn. Helaas de perfectionistische vorm van geluk, waarvan je weet dat die onbereikbaar is’
………
Als er al gezocht werd naar een verklaring, dan was het binnen het gezin. We werden op het matje geroepen, zo voelde het‘. Ook wij, broers en twee zussen moesten in gesprek gaan, samen met onze ouders, die het zo goed meenden. Wij genoten een veilige, warme thuis, en toch…. en toch….
Een blijvend schuldgevoel achtervolgde, als een schaduw, mijn ouders de rest van hun leven.

De vader van Eva ‘Ik voelde me vooral slecht omdat we als ouders zo weinig betrokken waren bij de opnames. We werden gedoogd. tegelijk raakten we ontgoocheld in onze verwachting dat al die artsen en therapeuten haar zouden helpen. Therapie is mooi op papier, wat stelt het in praktijk voor? Er is te weinig tijd en te weinig personeel voor individuele begeleiding, iets waar Eva nood aan had
Dit konden de woorden van mijn ouders zijn geweest…..

Nu staan hier drie dokters terecht voor gifmoord in het assisenproces, op plaatsen waar andere moordenaars en zware criminelen hen ooit voorgingen.
Dokters die Tine uit het lijden hebben verlost, wellicht doordacht en empathisch.
Indien mijn zus die dokters indertijd had gevonden, was haar lijdensweg minder gruwelijk geweest, net zoals die van ons.

Ik probeer te oordelen, noch te veroordelen, ik ken noch Tine, noch Eva, maar mijn zus mocht ik 27 jaar kennen, met ups en downs. Ondanks alles, hoorde je haar zelden klagen, haar véél te grote empathie en streven naar het perfecte geluk werden letterlijk haar dooddoeners, en dit zonder enige hulp van buitenaf, ze deed het (twee keer) moederziel alleen….

Ik heb veel respect voor prof Wim Distelmans.  “Ik ben erg kwaad, ik probeer me in te beelden hoe die artsen zich nu moeten voelen

Ik apprecieer heel erg jullie reacties, maar ga wellicht niet terug reageren.
Bij dit delicaat onderwerp hoort volledige vrijheid van meningsuiting.

 

Er hangt….

mist
….. veel mist in deze dagen
verdriet, gemis, in vlagen
het pijnlijke afscheid her-beleven
tussen herinnering en verlies zweven
de bron van thuis ontwricht
mijn keel knijpt bitter dicht
en dan heel onverwacht
overwint liefde dubbelzacht
fijn om er voor mij te zijn geweest
een veilige warmte die teer geneest
de mist trekt op heel diep in mij
dankbaar her-denk ik blij
ik zal in hun voetsporen treden
affectie delen uit m’n verleden
buiten blijft de mist halsstarrig hangen
maar onbevangen
bewandel ik tevreden gangen

lang leve Leuven

De Hoge Hoed  speelt een lied voor mij, of beeld ik het me in en hang ik enkel de narcist uit?

20191116_1711416407366435916363996.jpg

 

Zomaar, langs de kant van de weg, de piano op rollers.
Zijn muziek klinkt betoverend mooi, asociaal wurm ik me naar de frontlinie om hem alléén in beeld te krijgen.  Zijn schouders en rug poseren strak. Hij kijkt niet op of om, verdrinkt in het melodische spel .

In Leuven snuiven we pure nostalgie, naar lang vervlogen tijden, intense jaren van vrijheid, blokstress en  niet-en-wel-ware-liefde ontdekken én smaken. We waanden ons  dé grote wereldverbeteraars, toogdiscussies  leken van kapitaal belang en zolang het geen ochtend werd, voelden we ons niet au sérieux genomen.

Op de Oude Markt ontdek ik prachtige authentieke trapgevels.
Vreemd….nooit gezien vroeger??
Leuven genieten vanuit een andere hoek met wisselende ‘wijzere’ look.

Het Groot Begijnhof dateert uit de dertiende eeuw. Vier eeuwen geleden woonden er nog 400 begijnen, nu kuieren we gezapig  door de  hobbelige kasseiensteegjes (ai, mijn moeilijke voeten…)  en pleintjes, doorkruist door snelstromend water.
In 1962 kocht de universiteit het woonerf op onder voorwaarde dat er dringend  gerestaureerd werd. Tegenwoordig wonen er oud-studenten, professoren, buitenlandse onderzoekers. We horen er bitter weinig Nederlands.
De mini-stad in de stad. Serene rust, eenvoud, een fijn hoogtepunt op onze dag.
Sinds 1998 staat het -verdiend- op de lijst van Werelderfgoed van de Unesco.
Eerlijk? We hebben er geld en verplaatsing voor over hebben om daar een vaste stek te bemachtigen. Maar dromen zijn bedrog…. vaak toch….

20191116_145507396697181876859442.jpg
Begijnhof Leuven, een fotogenieke plek

oma-rmen

De donkere herfstdag nodigt uit tot weemoed. Buiten is alles grijs, grauw en nat. Druppels vallen en blijven vallen, stortbuien en motregen wisselen elkaar gestadig af, ik lees wat, kook wat, was wat, strijk wat, maar beweeg niet wat….
Het is rustig in huis, te rustig en dan duikt onverwacht ‘een dromerig stil  verlangen naar’ op.

20191111_1601326261105867615667412.jpg

Het tegeltje is een fijn cadeautje voor deze oma van de kleinkinderen.

Ik neem de woorden letterlijk, ook ik had een heel bijzondere oma met grijswitte lange haren die ze elke dag trouw opstak in een knotje, de geruite schort voorgebonden, want zo hoorde het, een eeuwige mildheid in haar mooi bruine ogen, de glimlach rond de mond. Ze zag ons graag, heel graag, een fiere madame die zich nooit zonder de nodige lipstick  buiten waagde. ‘Want dan zie je er zo oud en flets uit’.

Als kind gingen we er logeren, ze nam ons  graag mee naar het grote park en Peerdsbos in Brasschaat, haar groene buren. We gaven dieren fris  gras, voorzagen eendjes  van oud brood (was toen nog geen misdaad, dachten we), speelden verstoppertje in het grote bos, waar duistere spoken en lieflijke feeën verdwaalden.

In het kleine huisje, waar vijf kinderen werden groot gebracht, zaten we in het kleinste kamertje rond de Leuvense stoof. Hoe meer haringen in de ton, hoe meer vreugd.
Twee grotere plaatsen vooraan werden omgetoverd tot ‘de mooie kamers’, sporadisch konden we er een blik in werpen, het porselein stond er te blinken, de vleugelpiano wachtte geluidloos, enkel voor de wekelijkse poetsbeurt gingen de kamerdeuren even wagenwijd open.

Er was die enge kelder, waar altijd een lekkere voorraad snoepjes op ons wachtte, suiker stond  vrij hoog in haar vaandel, je werd er sterk van, je kreeg energie én moed om toch de donkere ruimte op de tast in te stappen, een klein lantaarntje in de beverige kinderhand.
Ze bakte tongskes voor ons in goede boter, niets heerlijker dan dat, de vetten bleven een vast begrip in haar woordenboek, en dank zij of ondanks mochten we haar 95 jaren vieren.

Slapen deden wij op de zolderkamer, drie zussen samen in het  tweepersoonsbed, en het was heerlijk (warm). In de winter versierden  rijmbloemen het binnenraam. We vlogen dan het bed uit,  de ijskoude trap af, om ons beneden bij het gezellige vuur – daarvoor stond ze ruim intijds op- aan te kleden, na de kattenwas aan de pompsteen in het keukentje van 1 m². Je kon er draaien, noch keren. Lekker vette spek met eieren stond klaar, haar woorden ‘je moet eten voor de honger die komt’ zijn legendarisch.

Samen met het ouder worden nam ze ons met de bus mee naar ” ’t stad”. Geen groter feest konden we bedenken. De Inno was de vaste stek voor het koffietje en een grote crème glace  met veel crème fraiche, in een ware coupe.
“Niet vertellen aan  de mama,  meisjes”.

Met heimwee denk ik aan die fantastische logeerpartijtjes, nu ben ik zelf oma.
Ik denk ‘wat een luxe hebben we nu’.
Ik weet ‘verwennen mag’.

“Ik vroeg mijn oma tips om elegant oud te worden, maar ze zei dat ze nooit oud is geweest”, lees ik in de fijne Loesjeskalender, die vriendin me zo lief bezorgde.
Voor elke dag in 2020 een knappe waarheid met een groot tikkeltje humor.

Geheugentraining

Er zitten gaatjes
in mijn verstand.
Van het vele piekeren
over onbegrijpelijke dingen,
mezelf nog het meest.

Maar ach, al bij al
is het best wel handig,
zo’n kop vol gaten.
Er kan dan af en toe
een frisse wind doorheen …

(Geert De Kockere)

Ja die gaatjes zitten er, al veel langer, ze worden groter,  soms word ik angstig en ontmoedigd. Dan helpt elke spiegeling met leeftijdsgenoten me dieper de put in. Dringend moet ik hieraan iets verhelpen, dus vertel ik  vriendin M dat ik snel een ‘stom-klinkende’ cursus ‘geheugentraining’ ga volgen, zes donderdagvoormiddagen, 12 lesuren.
Onmiddellijk reageert ze, geen sprake van ‘stom’, ze wil vooral mee.
Lastminute schrijven we ons in. Het is al woensdagavond…….
Nu niet vergeten intijds op te staan!

Les 1.

De eerste les draait rond inzicht,  vrij theoretisch, we leren ons brein van binnen en buiten kennen én waarderen. De lesgever is psycholoog van opleiding en zeer aangenaam, begrijpend mild in de omgang.

Mijn grote angst om tussen enkel 80-jarigen terecht te komen, blijk totaal onterecht. Integendeel, de jongste is amper 40, de oudste 80, de overige 12 deelnemers circuleren tussen 50 en 65, een eerste geruststelling alvast, er is niets vreemd aan de hand met dat brein van mij .

Er zit humor in de groep, heerlijk! We hebben allen de nodige zelfrelativering, iedereen is vooral spontaan en eerlijk, we stoppen ons niet weg achter onze angst en onzekerheid.
Open en bloot kunnen toegeven dat we ‘met een probleem’ kampen, zonder ons daarin de mindere, de vreemde eend in de bijt  te ‘moeten’ voelen, fijn!
Dat belooft.

De basishoudingen voor een gezond geheugen zijn :

Aandacht (voetbaluitslagen kan ik sowieso niet memoriseren, interesseren mij geen bal)
Gemoedsrust (een vrij jonge cursist vertelt met tranen in de ogen dat ze net haar man is verloren, haar geheugen gaat pijlsnel bergaf, ze is in paniek, heel normaal blijkt dus)
Beweging brengt zuurstof in onze grijze massa.

Herinneren lijkt vanzelfsprekend, vergeten valt op…. Maar vergeten is normaal, noodzakelijk zelfs en vooral géén voorbode van dementie,  hoewel vaak een stille angst.

We doen de proef van Rey. De lesgever leest in vrij snel tempo 15 woorden voor, wij noteren wat we  herinneren. Het angstzweet breekt me uit, die confrontatie haat ik.
Onverwacht  scoor ik heel goed met 12 woorden. Maar….. ik heb een truc gebruikt,  breide een verhaal rond deze woorden, en liet die film bij de oefening visueel voor me afspelen. Het werkte wonderwel. De lesgever knikt moedgevend, blijkbaar geen truc, maar vaak een must. Mijn zelfvertrouwen groeit.

Is geheugen leeftijdsgebonden? Gedeeltelijk, we gaan niet achteruit in capaciteit, dit had ik niet verwacht?, wel in tempo.

Is er invloed van ‘stoorzenders’? Ja, heel erg. Emotioneel-gevoelige mensen onthouden  minder, rationele mensen hebben vaak een beter geheugen, omdat hun brein voortdurend gezuiverd wordt van triggers, ze ruimen als het ware op, daar waar  emoties de mens vaak in de eindeloos golvende gedachtenzee laten dobberen.
Dé grootste opluchting die ik hier hoor, ik ben een emotioneel vat, een vat vol (pieker)gedachten en (te) intens (her/be)leven. In stilte overloop ik even familie- en vriendenkring, dit kan kloppen, dat lijkt alvast duidelijk.
Onze harde schijf zit voller, we moeten deleten, maar dit lukt ons (nog?) niet.

We krijgen een vragenlijst ‘alledaagse vergissingen’. Ik begrijp niet altijd waar de connectie juist zit met het thema, maar vul deze eerlijk in.
Achteraf blijkt dat ik inderdaad een (te?) emotie-vol mens ben, dat kan een duidelijke invloed  hebben op mijn harde schijf, want hard en zacht combineren vaak moeizaam.  Weer een excuus extra dus.

Hij spreekt over externe stimuli die doorschuiven naar  het (U)ltra K(ort) T(ermijn)G(eheugen), vervolgens treedt het KTG in werking om daarna te verdwijnen in het L(ang)TG.

Zenuwbanen, neuronen, hippocampus, hersenschors (info voor lange termijn), amygdala, dendrieten, nucleus, axon , neurotransmitters, verbindingen, ik weet er alles van (en ben het ondertussen ook grotendeels vlotjes weer vergeten, dit is dan ook nog maar de eerste les, ik onderga genoodzaakt…), geboeid luister ik naar de warme stem die alles in hapbare brokjes overbrengt.

Her en der hoor ik een zucht van verlichting. We zijn ‘normaal’.

 

Les 2

Ai ik moet ze missen, volgende donderdag, heel jammer,mijn agenda zit vol, sinds maanden reeds. Het belooft een fijne dag te worden, waar herinneringen heerlijk mogen bloeien, en waar elke vorm van frustratie uit den bozen zal zijn. Daar ga ik voor!
Een oude-jonge-vriendinnen-uitstap naar het stadje op de taalgrens waar wij allen ooit – in een ver verleden (zit nog in mijn LTG,  ik luister met aandacht )- school liepen.

Vriendin M zal me op de hoogte houden, want ik wil niets missen, en ben – tot hier toe- heel tevreden met mijn last-minute-beslissing. De confrontatie viel best mee, gelijkgestemden onder elkaar en een begrijpend ‘vakhoofd’.

 

Wordt vervolgd. Nog vier te gaan…..

 

 

 

 

Vieren in stijl

Met de uitnodiging op zak van m’n broer die nu ook als 60-er door het leven ‘mag’ gaan, trekken we richting mijn geboortestad.
Ronse is een klein stadje en  faciliteitengemeente in de prachtige Vlaamse Ardennen, een must voor fietsers op zoek naar uitdagingen én natuurliefhebbers.
Zelf hoor ik enkel tot de tweede categorie.
Ik ben dan ook een 60-er, alsof het vroeger anders was….

Met een gids op stap  betekent wijzer worden. Hij vertelt hoe in 1879 het classicistische station van Brugge van de architect A Payen steen voor steen werd ontmanteld en opnieuw opgebouwd in Ronse, om materiaal- en ontwerpkosten te besparen.
Tijdens mijn studentenjaren stapte ik er wekelijks de trein op, nooit was ik me bewust van  Brugse grondvesten.
Sorry Paul, neen Thomas 🙂
Sorry Lie(f)s 🙂
Nooit te oud om te leren blijkbaar.

Geboren en grotendeels getogen, 15 jaar lang, dan nog verder getogen naar 6 km en een flinke heuvel verder. Ik heb het geweten, mijn fietstochtjes naar school…..

De plek waar we verwacht worden is een  restaurant in een prachtig herenhuiskader. Het terras wacht uitnodigend, het is er schaduwrijk vertoeven.
“We” zijn nog de helft van onze ooit zeskoppige familie, ouders en zus zijn niet meer.
Om die reden heb ik een erf-pronkstukje rond de vinger, de blauwesteentjesring van mijn moeder. Zo voelt het ‘meer samen’ aan.

Bijna 100 km woon ik nu hiervandaan.
Het stadje oogt vriendelijk, een heel verleden zonder man en kinderen stroomt binnen. Ik word warm en koud tegelijk, de gedachten aan zoveel vrolijke, fijne momenten, maar ook verdriet en pijn overrompelen even.
“Le parfum de l’âme, c’est le souvenir.” (G Sand)

Sublieme smaken, ware schilderijtjes rollen over de tongen, die steeds losser komen bij meer frisse wijntjes.
Nu zijn we allen 60-ers, een groot deel leven achter ons, veel ervaringen rijker, we vertellen over blije en droevige momenten, over toen en nu.
Het voelt vertrouwd aan, met broer en zus terug in onze heimat, samen met de partners, die we allen ooit gevolgd zijn naar andere oorden.
We bleven geen van allen onder de kerktoren.
‘Avonturiers’.

Een dikke pluim  voor Maison D, waar Delphine en Didier heerlijke gerechten toveren.
Verfijnde combinaties op het bord prikkelen de smaakpapillen in een  mooi kader in het statige herenhuis.

En neen, geen duit krijg ik voor deze promotie!

20190730_2313303324236887627816095.jpg

 

Dromen zijn bedrog, maar toch…. toch….

Terwijl  de oorlog om de Brexit hevig woedt, vertoeft manlief in Londen, waar hij zijn oude job met nieuwe hobby-uitdagingen prettig combineert.
We leven even samen in SMS en het woord. ‘Eenzaam’ blijf ik achter, genietend van het licht, de ontluikende knopjes, de (voor mij brood-)nodige uitstapjes.
Ik ben graag alleen in het te grote huis, overschotje van een ooit-vijfkoppige bemanning; maar een dag zonder gezellige babbel lukt me -nog altijd- niet…
Een mens is een sociaal dier.

Dag en nacht vormen een doorlopende twee-eenheid, dus ook ’s nachts ben ik hier momenteel de enige stoere huisbewaker, sinds onze dappere kater het definitief opgaf.

Twee nachten heb ik ‘gewaakt’.
Of toch niet?
Eerlijk gezegd mocht ik twee keer op rij een intens warme droomwereld binnen stappen. Drie mensen, diep in mijn ziel verankerd, passeerden ‘leven’dig de revue, hartverwarmend, sterk herkenbaar, zoveel innige liefde was voelbaar, van hen voor mij en omgekeerd.
Verwend door een stralende lentezon mag ik telkens opnieuw blij en vrolijk, heerlijk opgewarmd door prachtige  herinneringen de maartse dag instappen…..

Vanwaar die intens mooie dromen over toen en daar?
Waarom nu pas, na vele jaren nachtelijke stilte?
Hoe komt het dat  ze me allen  nacht na nacht verwelkomen?
Vanwaar die  warme blijheid in ochtendlijke uren? (ik ben geen morgenmens, enig humeurtje is me  niet vreemd, man en kinderen weten en begrijpen)
Een kleine drie weken geleden begon alles met https://omabaard.wordpress.com/2019/03/01/het-vers-valt-niet-ver-van-de-droom/

En dat blijft zo heerlijk  duren!

Geluk is de verleden tijd herlevend door de dromen in een onhoorbare branding van beelden.” (Lucebert)

Rotonde, een stukje ‘over’

Zondagochtend, loom lief lang lekker lui……letterlijk!
Van 8 tot 10 leg ik me comfortabel languit in de zetel om enkel nog te luisteren, neen geen actief gedoe tussendoor, dan vervliegt de concentratie, oh wee als manlief het waagt me te storen, die twee uurtjes zijn voor mij, mezelf en de radio.

Christel Van Dyck en een BV praten dan live – trouw sinds 2014- op Radio 2 over de afslagen van het leven, middenin de rotonde van het bestaan, gezellig met een lekker ontbijt in het vroegere Grand Hotel Bellevue (in de volksmond de Rotonde genoemd), wellness avant la lettre, pal op de dijk van Westende, zicht op de golvende zee.

Gasten praten heerlijk en vooral éérlijk over hun leven, zij stelt de juiste vragen, altijd empathisch en vriendelijk, haar stem klinkt warm. Bij het slot kunnen  gasten  terug blikken, en geregeld hoor ik dat ze achteraf blij verrast zijn om eigen onverwachte openheid.

Ik vind het zalig om even in die geest rond te tuinen, versteld te staan over zoveel openhartigheid.

Deze morgen was Torfs aan de beurt, neen niet Rik, maar de always aimabele Wouter ,  CEO van schoenen Torfs. “Hij kiest met hoofd én hart
Misschien levert hem dit binnenkort een tiende verkiezing op als beste werkgever van België?

Hij inspireert me om even stil te staan bij mijn afslagen in het leven. Neen, ik ben en blijf geen BV,  maar op een eigen kleine, bescheiden manier kiest iedereen zijn eigen weg, spannende zijwegen, onverwachte wandelwegen en hobbelige kiezelpaden.

Geboren in een warm nest, een gezin van zes, in de uithoek van de Vlaamse Ardennen, golvende heuvels. Genieten van natuurpracht werd ons met de paplepel ingegeven.
Het huis met jawel, 20 km vergezicht, staat op de berg en en helpt de vier seizoenen intens smaken.
De afslagen worden nog grotendeels in familiekring beslist, tot ik mijn eigen opleiding, kot en stad kies. Eerst Kortrijk, dan Leuven, heel boeiende, woelige  jaren.
Geregeld zware studiemomenten, maar vooral die heerlijke tijd van vrijheid, ontdekkingen, studentenleven, eerste en latere en échte liefde, elke dag frieten met grote kladden mayonaise, cantus ‘ein prosit’, studentencodex, en studentendoop (toen nog heel onschuldig en…. vooral vies en vuil ),  swingende T-dansants en late uurtjes in vroeg ochtendgloren.
Ik leef en geniet erop los, zonder grote zorgen, soms zonder verantwoordelijkheid, ik geef toe, maar altijd met hart en ziel.

De volgende afslag wordt de beslissende keuze voor het lesgeven, in het begin met vallen en opstaan, twijfel en tranen soms, maar ik vind de juiste stek, de ‘ideale’  school, een tof corps, vrienden voor het leven en nog toffere studenten. Mijn hart en ziel drijven weer boven.
Tussendoor nog ‘even’ de keuze maken voor 3 zonen, alhoewel hier niet alles echt te kiezen valt 🙂 . Ik ben fier op mijn gezin, toen en nu, gisteren en vandaag, daar en hier, op hun keuzes en eigen gekozen afslagen, als een leeuwin vecht ik voor mijn welpen.

Pijnlijk moest ik afscheid nemen van zus en ouders.
Heel moeilijke tijden blijven in mijn hart verankerd.
Wonden, toegebracht door hen, die ons onverschillig zijn, laten geen littekens.” (beter verwoorden dan de  Franse schrijfster De Beausacq lukt me niet)
Littekens zijn de tol die we moeten betalen bij elk afscheid van echte liefde.

Ik leef gulzig, ook nu in de dagen ‘zonder’ (?)  werk, zonder kinderen thuis, maar met zoveel vrolijkheid rondom.

Laat nu de muzikanten komen,
En schenk hun glazen gele wijn;
Zet alle ramen op de tuin wijd open:
We gaan nu lang en innig vrolijk zijn. (G Reve)

“over”

In de blogwereld ben ik nog (te?) vaak een bleuke.
Soms voel ik  schrijfkriebels, soms  blijf ik inspiratieloos bij de pakken  titel zitten.

Digitale vrienden?,  conversaties opbouwen met mensen zonder beeld?, woorden zonder klank?, boeiende verhalen over mensen van vlees en bloed?, [alleen zag je het vlees nog niet 🙂  ] , poëzie, schitterende foto’s en toffe uitdagingen ontdekken in woord en beeld?, een fijn babbeltje met die andere ‘onbekende’??

Dat allemaal hoort bij de blogwereld, een wereld die ik nog niet zo lang ken, met grote ver/bewondering ontdek ik dat sommigen al meer dan 15 jaar bloggen, zelf had ik –tot een goede twee jaar geleden- zelfs nog niet gehoord over ‘het fenomeen’.
Klinkt wel heel on-aards?

Vaak lees ik eerst het item ‘over’, om meer te weten en begrijpen, om naar gelijkaardige verhalen of juist totaal andere interesses te zoeken.
Meegaand  als ik ben, wil ook ik dus graag die ‘over’ op mijn blogcover, alleen…. vind ik die knop nergens, weet niet hoe die een plaatsje te gunnen, en dus…. dus….. besluit ik simpelweg een ‘over’ in mijn categorieënwolk te plaatsen, hoe simpel kan leven zijn!, en hierbij beetje bij beetje  los te laten over mezelf, over mijn verleden, dat ondertussen groter is dan de toekomst, tenzij ik natuurlijk de oudste mens ter wereld mag/ moet worden.

Heb ik dan een speciaal, boeiend levensverhaal? Verre van, ik ben en blijf (graag) doorsnee, en toch vind ik- vreemd genoeg- mezelf belangrijk genoeg om te hopen, dromen, wensen dat ik er nog even, graag langer dan even, mag zijn…

En neen, niet alles was en is koek en ei, rozengeur en maneschijn, ik moe(s)t geregeld water bij de wijn doen, het gras groeide soms groener aan de overkant en vaak stap(te) ik met het goede been uit het verkeerde bed.
Oh ja, vergeten, oefening baart ook kunst !
En… de volhouder wint overaltijd.

Heel vervelend om een zin telkens met ‘ik’ te moeten starten of eindigen of bemiddelen.
Ik ben ik. Ik word zij. De baby, het kind, het pubermeisje, de jong-volwassene, mama en oma.
Ik schrijf over haar leven, haar beslommeringen, haar ervaringen, haar herinneringen. Alleen heeft ‘ik’ geen goed geheugen, en werd bij  ‘ik’ veel verleden diep verstopt in haar grijze hersenmassa.
Maar toch, hier en daar, dichtbij en ver weg, duiken soms nog souvernirkes op uit dat ver voorbije.
En vooraleer ze compleet de mist in dreigen te gaan, probeer ik ze hier te ‘vereeuwigen’.
Wat schreef ik ook weer over de volhouder en winnen?

Tipjes van de sluier oplichten, hoe doe je dat? Gewoon een sprookjesachtige start.

Er was eens, heel lang geleden, een Lieve meisjesbaby, geboren in een warm, fijn nest. Grote zus was terecht -tja- fier op dat  huilende hoopje mens.
Een zusje en kleine broer (zo werd de familienaam toch nog onverwacht verder gezet, vader krijgt  trots eindelijk een zoon, na drie dochters!) volgen, jaar na jaar.
Het huis was en blijft groot en statig, daar ergens diep verdoken in de Vlaamse Ardennen, pal op de taalgrens.

20190304_112619
Een Lieveke

Zij weet het enkel van horen zeggen, het huis getuigt  in vol ornaat van veel vruchtbaarheid en warme liefde.

Wordt vervolgd…..

Het vers valt niet ver van de droom (**)

Ik werd heel langzaam wakker, ik wreef mijn ogen uit (*)
geen daglicht buiten, noch enig ochtendgeluid
vaagweg heel pril vogelmuziek
overgeleverd aan pure mystiek

Met jou heb ik de nachtdroom doorgebracht
zo heerlijk levendig jezelf, vrolijk en zacht
in geuren en kleuren vertelde je je verhaal
over wat je overkwam, lief loyaal

Heel graag wilde ik met je verder gaan
ik dwong mezelf niét op te staan
en wentelde me weer gezellig in die waan
jij wees me vlot de dromenrichting aan

Je verhaal ging over toen, die angst en pijn
en hoe je nu zo blij mag zijn
je wilde me heel graag nog even spreken
en gaf een rust en vrede teken

Ik werd heel langzaam wakker, ik wreef mijn ogen uit (*)
een blije lach, die slingert nu vooruit
zo hemels,  met jou, die lange nacht
zo prettig, zo heerlijk onverwacht

Mijn dag kan niet meer stuk
ik pluk zovéél geluk
fijn je nog eens zo dicht te mogen treffen
op jou wil ik  graag het vriendenglas heffen

(*) gestolen uit ‘de eerste sneeuw’ van Jan De Wilde

(**) Woorden van Karel Jonckheere (Vlaams schrijver)

Even karamellen over die  droom waarbij ik een vriendin, die bijna 8 jaar geleden -veel te vroeg- overleed,  zo levendig terug ontmoeten mocht.
Ik slaagde er écht in mijn heerlijke droom verder te zetten, gewoon verder de nacht in, haar weerzien maakt mijn dag fijn. 
Héél graag wil ik er hier snel over schrijven, vooraleer het gevoel terug vervaagt, want zo gaat het vaak met dromen…
Hallo dag, hoe stralend kan je zijn!