Mijn oudjaarsbrief

Beste ik,

Een nieuwjaarsbrief kan ik niet schrijven
over drugs noch drank noch misdrijven
waarbij ik zou kunnen beloven
deze het komend jaar uit te doven
dus blik ik heel graag even terug
reeds meer dan elf maand achter de rug

De winter was vrij zwaar
ik vond geen warmteregelaar
toen heel onverwacht mijn vader ging
het leek alsof de wereld verging
de hersens verdronken in TGA
enkel anderen vertelden het me na

Toen kwam de lente met wat kleur
haar geur trok me uit die sleur
een tuin die opleeft
een zon die warmte geeft
vele reisjes, kort en lang
brachten het piekeren in schommelgang

En dan die lange hete zomer
dromer, lomer, slomer
mijn fiets reed heel veel kilometer
een ware calorieënvreter
voor een levensgenieter als ik niet echt
wegens téveel aan het zoet gehecht

De herfst met pracht en praal
kwam zonnig in ’t vervolgverhaal
uitstapjes blijven duren
cultureel in avonduren
fijn met sleutelfiguren
me verdiepen in lecturen
terug op de schoolbanken zitten
in moeilijke materie spitten
ontspannend en heerlijk babysitten

Nu zijn de vele lichtjes daar
pakjes en gouden  lintjes liggen klaar
het jaar was licht en zwaar
niet alles lijkt verteerbaar
soms ligt ze daar, die baksteen op de maag
bij één of andere levensvraag
maar steeds lukt het verbrijzelen
de grauwe gedachten gijzelen

Nog even heel fijn vieren
genieten van momenten op scharnieren
en dan kom jij, het nieuwe jaar
zo winterklaar en wonderbaar

Een dikke zoen
van je lieve kapoen
laat vooral niet na
een duit in ’t zakje te doen

(bijna) 1 januari 2019

 

 

 

Advertenties

Oh kom toch eens kijken!

20181109_162804.jpg

Jammer, gedaan met de rust,
op de weide vlak achter onze tuin
komt een nieuwe verkaveling  😦 .
Dorie!

Opgegraven resten van een  Romeinse villa
met stallingen zorgen voor dé verrassing
bij het wroeten in de aarde.
Archeologen strelen stap voor stap,
heel zorgvuldig,
geconcentreerd,
stokoude schatten met heel veel -trage- zorg.

Het Waasland was vrij arm in de jaren 200,
leren we van de gravers,
ze ontdekken dus geen stenen huis,
maar  houten met leem doordrenkte overblijfselen
van een lang vergleden grote villa.
In de ruime put op de foto stond ooit een dikke paal.

Het gebeuren speelt zich af achter onze struiken,
struiken die the end van ons terrein afbakenen
wie weet liggen ook in onze hof nog resten,
en beweeg ik me nu op kostbare kruikjes
en ……. skeletten
om dat ene kiekje te schieten?

Ben ik nu BV?
of wordt ons huis BH?
of zonnen  wij voortaan in een BT?
wordt ‘dienen bouw’ nu stopgezet?
vier keer neen…..

Een tipje van de sluier

inCollage_20181109_172127117.jpg

Meer dan 30 jaar fietste / spoorde / reed ik met de auto het water over, de dreef door en recht het schoolgebouw binnen.

Vandaag neem ik de tweewieler uit de garage en rijd diezelfde route, eerst het brede Scheldewater over. 365 dagen meters in een jaar stroom.
Vervolgens de prachtige dreef door, elk seizoen groeit en bloeit hij/zij (?) anders.
Nu dwarrelen bladeren speels tuimelend en buitelend voor mijn ogen.
Ik kan ze maar niet op foto plakken. Fout van de smartphone uiteraard 🙂

Dan bereik ik het mooie gebouw, mijn tweede thuis gedurende vele jaren, waar ik  een ‘hartig’ stukje  heb achter gelaten.
Telkens opnieuw een blij weerzien, ook al kom ik niet langer het gebouw zelf binnen.
De maandelijkse lunchafspraken gebeuren nu 20 meter verderop, waar het er lekker, leuk, levendig, losjes, leerrijk, ludiek en lief aan toe gaat met ‘een hoopje’ jong-gepensioneerden’ en een groepje ‘aftellers’ (naar het pensioen), 9 in totaal.

Studenten slenteren nonchalant en lachend de school uit, blij dat de lessen er weer even op zitten. Prettig om zien dat ze nog niets veranderd zijn, ook al ken ik ze niet langer bij naam. Het is altijd fijn omgaan met die jongelui, met de spontaniteit, het gibberen, het jonge ‘onbezorgde’ leven wenkt/lacht hen toe. En ik lach nog steeds graag mee.

Nu is het voltooid verleden tijd, ik mis het, en toch ook weer niet.
Er waren ook lessen in moeilijke klassen,  ‘speciale dagen’ met nauwer contact,  reisdagen in een uitgelaten bus, gevoelige onderwerpen om  in stilte aan te kaarten buiten de les, buizen en schitterende proclamaties, tranen en voldoening, paniek en rust, voorbereiden soms tot ’s avonds laat, in de regen op sportdag, vrolijke koffiemomentjes in de (ondertussen verdwenen) zeteltjes in de leraarskamer, het warme groepsgevoel ‘je bent nooit alleen’, soms zinvolle klassenraden en vooral eindeloze vergaderingen…..

Op korte tijd zijn we – nog niet lang geleden- met zijn vijven op pensioen gegaan, heerlijk om horen dat we nog steeds gemist worden ‘in die goede, oude tijd’.

Heimwee voelt nostalgisch, niet pijnlijk.
Er is geweest, en het was goed, de herinneringen stromen mijn hersens nog geregeld binnen, maar het nu is minstens even fijn.

Ik fiets opgeruimd de 15  kilometers gezwind terug richting huis, eerst de dreef met nog meer zwierige blaadjes, dan het water, nog steeds even breed, en altijd weer die zon.

 

Huishistorie

huis

 

Een nieuw huis vult mijn leven
op zijn unieke berg verheven
met uitzicht op  golven en weiden
en gans beneden een heel klein dorp
we werden pubers die zich verspreidden

Een piepklein huisje is de thuis
90 km ver een rijtjeshuis
waar verliefdheid hoogtij vierde
en het leven met kleur versierde
waar w’even kinderloos genoten
en de zorgen buitensloten

Toen zoontje 1 zich kenbaar maakte
verschoven we een kilometer verder
waar ik de nachten waakte
er kwam meer leven in het huis
en extra werk incluis

En weer werd ’t huis te klein
voor zoveel leven, zoveel zijn
een kilometer verder
ontstaat een nieuw project
met grote tuin en lichteffect
een groot zelf-bouw-traject

Een laatste keer nog schuiven w’op
ruim 4 kilometer verder wacht de droom
niet ver van Berkenboom
daar wonen we nog steeds
het huis is veel te groot
nu jongens zijn verspreid
volgens ’t klokje van voorbije tijd
rust, groen en geborgenheid
hier heerst geen tik-snelheid

Waar de volgende thuis zich zal bevinden
de toekomst en zijn wervelwinden
zullen ons wellicht verrassen
daar is geen kruid tegen gewassen

Ik hap naar adem

Gesloten en kleine ruimtes vermijd ik steevast.
Vele jaren lang, of was het gans mijn leven?
Daar neemt de doodsangst het van me over, gaat mijn hart in complete overdrive en overheerst een beangstigende  hyperventilatie.

Drie jaar geleden stap ik de ruim 1,5m² lift binnen, die me naar de zolderverdieping brengt waar zoonlief een toneelvoorstelling speelt. Ik aarzel, maar lastige spieren protesteren en  vele trappen schrikken af.
Ik overman me, is dit niet de juiste therapie?, maar net voor ik de vooruit-knop wil drukken, dringen last-minute  vijf  mensen de benauwde ruimte binnen, ik voel me één van de haringen in die ton.
Vrolijk negeren ze het bordje ‘max 4 personen’, zeggen ‘lekker warm bij elkaar‘ en ‘ dat stoere liftje overleeft het wel, nu wij nog‘ en andere ‘grappige’ woorden.
Ik krimp in elkaar, wil me hieruit verlossen, maar de deur sluit en de lift zoeft lang-zaam richting omhoog. Tot……
Hier hangen we dan, gezellig bij elkaar, we kunnen alvast niet omvallen” en “oh zo grappig, we zorgen zelf voor een toneelspel“….
Ik begin te huilen, te hyperventileren, te panikeren, te zweten, te happen naar lucht.
Mijn man is dokter, je bent veilig“, meen ik ergens nog te verstaan.
Ik sluit de ogen, en probeer hopeloos weidse grasvelden te visualiseren, de tranen blijven stromen, ik blijf happen.
Twintig minuten duurt de kwelling, plots voel ik beweging, zwijmelend strompel ik naar buiten, niet meer tot in de zaal.
Ik hap naar lucht, de frisse lucht.
Dit was mijn hel!
Nu stap ik eindeloze trappen naar boven, sluit nooit meer een vreemde toilet af waar geen ontglip-ruimte  is en kies overaltijd het ruime sop.

Sinds 23 juni zitten 12 voetballers en hun coach vast in een grot in Thailand.
Geen licht, geen eten, drie km diep.
Ik hap naar adem.
Op 2 juli worden ze gelokaliseerd,  verzwakt, maar met de glimlach (althans voor de foto), de moessonregens hebben hen opgesloten in de grot, hun grot, de afgesloten ruimte.
Ik hap naar adem.
Hulp duikt overal op, grote hoed af voor de hulpverleners en duikers, die het eigen leven riskeren. Voor één reddingswerker werd het fataal. De anderen doen moedig verder. Het wordt een race tegen de tijd, tegen de regen, tegen de algemene verzwakking.
Ik hap naar adem.
Vier jongeren zijn ondertussen gered, de anderen moeten nog een extra  dag afwachten. Het zuurstofgehalte is onvoldoende. Ze blijven af-gesloten van de buitenwereld, op-gesloten in hun grot, waar geen daglicht komt.
Ik hap naar adem.
Ik visualiseer vooral niet hoe zij al die tijd vertwijfeld wachtten en wachten, hoe vreselijk ouders zich hierbij voelen, hoe de – hopelijk laatste- lange nacht voorbij moet schuiven, hoe de angst voor die laatste reddende actie hen in de ban houdt.
En hoe moet de coach verder met zijn leven? Met zijn schuldgevoel? Met zijn angst?
Ik hap naar adem.

2-0

De Belgen  spelen hun spel,  voetbalgekte is in het land, én in het zonnige vakantiehuis. Supporters   zijn hier net toegekomen.
Ik voel de spanning stijgen, ze starten alvast kei-goed, het enthousiasme stijgt  exponentieel. Wordt het echt een ‘historische dag’?
Ook twee kleine ventjes kijken geamuseerd en verwonderd naar de  kreten van de grote mensen.

Zelf kan ik noch spanning, noch gekte aan, ik kijk dus ‘rustig’ vanop een kleine afstand, en gluur tussendoor boven de laptop uit….

Ondertussen geniet ik een luide schreeuw, de eerste kreet op deze historische dag….

Ik blijf gluren, ik hoor over ‘het hete standje’.

Terwijl gans België in de ban van de sport verdrinkt, schrijf en probeer ik de concentratie vast te houden.
Lukt niet echt, sorry voor de verwarde blog, doorspekt met bal’plezier’.

De zeedagen lopen ten einde, het weer is onze beste vriend geweest, we houden  een warm, fijn vakantiegevoel vast, samen met groot en klein, in  ‘onze’ witte vierkantshoeve op een groene polderplek, slechts tien minuutjes fietsen van de (b)lauwe zee.

Ik duikel even nostalgisch het verleden in, dertig jaar voorbij….
Er was (te)veel drukte en stress, combinatie van school- en huis-werk, drie kleine ventjes, spanningen rond gezondheid, ik probeerde vooral te genieten, maar vaak hielden haast en spoed me in de wurggreep, stevige onrust nam het dan van me over, ik was  een van her naar der huppelend stresskonijn, een tikkeltje (?) perfectionisme bleef een te vaste compagnon….

Nu mag ik oma zijn, gezondheid blijft soms brokkelen, maar ik doe heel sterk aan ‘carpe diem’, elke dag opnieuw. Ik geniet é-norm van de kleine kroost,  heb écht tijd voor hen,  kan rustig Panini-stickers plakken zonder stress voor  het (geduldig?) wachtende werk,  kan liedjes neuriën, boekjes lezen, spelletjes spelen, geitjes en hondjes aaien en blijf me verwonderen over de fantasiewereld van die kleintjes, de grappige uitspraken, de  pogingen tot kromme woordjes, over hoe ze als kind in  Alice in Wonderland mogen  staan. Héérlijk!

Ondertussen hoor ik een indringende kreet van vier opspringende mannen, wordt het dan toch de historische dag?

De rust is er, rust in de bloedstollende match en  in mijn dagen, ik laat  elke spanning op veilige afstand, en vind het enkel-nog-genieten superfijn.
Gaan leeftijd en wijsheid dat toch gedeeltelijk hand in hand?

De tweede helft ga ik proberen te overleven….. 🙂

Ik post deze avond, als de waarheid een feit is en de spanning uit huis.

 

Warme duik

56 jaar geleden
een duik in het verleden
vakantie staat weer voor de deur
en als volleerde kleuter
ruik ik reis- en zomergeur

50 jaar geleden
ik ken al heel wat schoolwijsheden
en weer vlamt daar die mooie zomer
een twijfelende puber
wat slomer en een dromer

44 jaar geleden
de volwassen wereld  ingetreden
die eerste verliefdheid
en keuzes dringen op
daar is ze dan studententijd

40 jaar geleden
die prachtige tijd is weggegleden 
studentikoze blij- en vrijheid
soms zorgen om een slecht examen
het wordt voltooid verleden tijd
ik stap een nieuwe wereld binnen
op de onderste sport beginnen
langs de andere kant van de lessenaar
sta ik als getallen-kunstenaar

40.5 jaar geleden
in ’s mans voetsporen getreden
vaarwel aan ’t vrijgezellenleven
100 km verder weg
met de liefde van mijn leven

36 jaar geleden
volop de mama-wereld ingetreden
drie zoontjes op een rij
zorgen voor weinig slaap én vrolijkheid
en brengen meer dan leven in de brouwerij

9 jaar geleden
het oma-schap komt aangereden
een kleine dochter, lief en teer
4 kleine zoons op rij
5 kindjes die ik adoreer

3 jaar geleden
nieuwe plannen om te smeden
niets moet, alles mag
pure vrijheid lonkt
morgen komt er weer een dag
daar is ze terug
die fijne zomer
en in mij de stille dromer
over loslaten en voorbij
in karamelle rijmerij

 

Stil-staan bij de haast.

Ik moet niet vergeten te zwaaien als ik mezelf voorbij loop”. (Loesje)

En toch ben ik het vaak, te vaak vergeten……

Er is een leven na de haast, zoals er een leven voor was. Kinderen hebben geen haast, kinderen tellen nog de erwtjes in hun bord. 58.
(schrijft Guinevere Claeys vandaag in de krant)
Mijn kindertijd was er één van grote ont-haast-ing, luilekker en gezellig door spelletjes dartelen, het denk- en doe-werk werd voor mij gedaan, mijn ouders troostten het kinderlijk verdriet  , we volgden de schuifaf richting warme zwembad, de schommel richting felblauwe hemel, de auto richting verre reis en de paden richting schaduwrijk bos. De tijd vloog vrolijk voorbij.
Ik telde nog  rustig de mandarijnen (vooral de dag voor de heilig man langs kwam). 23.

Haar kar is leger dan de mijne. Maar de dame voor mij in de lange wachtrij kijkt om, en zegt : ‘u mag voorgaan als u wil’. 
……….
‘Ik weet dat het niet nodig is’, zegt ze, en toch komt ze zich achter mij positioneren. ‘Ik heb zelf al lang geen haast meer’. 
………

Mijn eigen haast heb ik niet zien aankomen. Hij was er plots, en ik heb hem meteen gehoorzaamd. Zelfs geloofd. ” (G. C.)

Het volgzame kind in mij zorgde ervoor dat ook ik diezelfde haast heb gekend, (te) vele jaren lang. Elke dag vouwde met de glimlach hetzelfde stramien voor me open : tegen de tijd in hollen om de kinderen – gekleed en gevoed-  in de klas te krijgen, rennen naar de eigen school, me afjakkeren om de leerstof rond te krijgen, terug draven naar diezelfde kinderen, nadenken om een gezonde maaltijd op tafel te snel-toveren, racen naar de winkel, en nog vlug tussendoor de was en de plas en de kuis en de kapper en de muziekschool en de voetbal en de hof en de bedrituelen en het avondlijk schoolwerk en…..
Ik heb er last van gehad, ik vergat te wuiven, jammer genoeg kende ik Loesje toen nog niet. Mensen rondom waarschuwden me , maar ik wist natuurlijk beter, de haast moest mijn beste vriend zijn én blijven om alles op punt te krijgen….
Ik herken diezelfde energie (klinkt positiever dan gejaagdheid) in de jonge gezinnen van onze kinderen. Ze zoeken – vaak vruchteloos- naar een spoortje me-time. Het is de levensfase die dit vraagt, eist, gebiedt, verwacht, voorschrijft.
Of toch niet?

“Ik reken af en dank de dame nog eens. Ze glimlacht moederlijk, op de band heeft ze tien bakjes aardbeien staan. ‘Voor de confituur’, zegt ze” (G.C.)

Ik kan nog veel leren over ont-haast-ing, de hurry zit nog wat ingebakken, deze werd ooit een tweede natuur. Maar ik leer bij, rustige stap voor trage stap, ik leer tijd nemen en maken, ik leer wuiven, en ooit, ooit zal ik confituur maken!

 

 

ode aan de meiden

er waren eens vier meiden
die de wereld mochten verblijden
of blijven we beter bescheiden
grappen, grollen en tussendoor ook school lopen
als peuter, kleuter en bakvis veel streken verkopen

samen hebben we veertien kinderen
die drukte hielp tijdelijk contact verhinderen
sinds vele jaren hebben w’elkaar terug gevonden
door babbels, uitjes en lekkernijen verbonden

een levenswijsheid voor vier
zet telkens weer de deur op een kier
om verse geschiedenis te verzinnen
en goochelen met plussen en minnen

er zijn nu vier grote meiden
die nieuws blijven verspreiden
en doorheen de jaargetijden
warme gezelligheid bereiden