Die winterdip overleef ik wel…..

…….zolang mijn humeur niet sneller daalt dan de temperatuur. (Loesje)

Kleinzoon zit ondertussen meer dan drie van de laatste vijf schoolweken thuis. Eerst gaat het virus in volle razernij tekeer en de klas online, klein en groot verdwijnen achter het scherm. Vervolgens wordt hij zelf besmet, en verplicht het negatief bericht van een hoge virale positiviteit hem tot binnenshuis gevangenschap én tot meer schermuren. Eindmeet in zicht, na het WE komt de vrijheid, hij is ondertussen goed naturel geboosterd. Tot het bericht binnenstroomt dat nu ook de meester-kapitein op het schip door ziekte geveld is en opnieuw thuis-school-werk in zicht komt. Vervanging wordt niet gevonden, teveel personeel zit thuis, meer niet dan wel met symptomen.
Eindelijk besloten gisteren grote mannen dat het zo niet verder kan, en komen er met minder quarantaineverplichtingen meer vrijheden. Maar de meester, die zal er niet zijn de komende week.
Ouders worden hopeloos, opa-oma-hulp is vooral geen goed idee in deze situatie, mama en papa leren multi-multi-tasken. Eigen werk wordt gecombineerd met een groot oog(je) op de kleinzoon die lessen volgt en werkjes maakt. Ook de zus en moeder en het gezin van de andere zoon krijgen van hetzelfde laken een broek.
Is ontsnapping nog mogelijk? Ik denk het niet… Niemand is echt ziek.
Als de scholen nog langer online open blijven, zullen de ouders nog eerder dé oplossing vinden dan de wetenschappers. Iets in die trend las ik onlangs in de media.

Op woensdag krijg ook ik bericht dat mijn lesgeefster afwezig zal zijn. Teams zet zijn beste beentje voor, we zitten lekker warm (zonder jas én vooral mondkapje en wagenwijd openstaande ramen) en hebben een drankje en koekje bij de hand om een saai moment gezellig in te vullen. Een toost op het beeldscherm. Het kan slechter toch?

De klassieke donderdag’opdracht’ met lekker koken, huiswerkjes begeleiden, spelletjes spelen en ruzies vermijden, verhaaltjes lezen gaat aan ons voorbij. Ter compensatie krijgen we een grijze natte dag met de jaarlijkse bloedcontrole, de cholesterol zal wel weer in een kramp schieten…, en een eigen fantasie spinazielasagne. Manlief verkent onze stad, naast Gent gaat hij ook hier boeiende gidstochten uitstippelen. De vuurproef komt in ’t zicht. Sint-Niklaas heeft minder te bieden dan de hoofdstad met zijn grootse geschiedenis, maar de vele parels aan Art Deco en Art Nouveau geven de stad een schitterend elan. Voor wie het wil en kan zien…..

Winter grijs en grauw
Weet dat ik niet van je hou
Tintel van de kou

Zaterdag

(Te) Vroeg in de ochtend helpt Leonard Cohen ontwaken. Ik ben geen ochtendmens, nooit geweest, het is altijd moeilijk wakker worden, “wat doe ik mezelf toch aan?” vliegt door het versufte brein.
Met een snelle hap yoghurt en verse bosbessen en een stevige aanmaning van manlief dat haast en spoed wél goed zijn, spring ik op de fiets naar het vaccinatiecentrum. Mij wordt een administratieve job aangeboden, iets met registeren en mensen bijkomend vriendelijk uitnodigen tot een kwartiertje bekomtijd.

Zij buigt zich voorover en fluistert zachtjes. Teveel barrières zoals haar zwarte en mijn felblauwe mondmasker (zelf heb ik steeds meer nood aan kleur. Op een marktje in Brugge vond ik mijn favoriete gading) en een meter hoog tussenschot vragen om een drievoudig ‘wablief‘. Ze blijft geduldig en wil vooral bedanken, ze is zooo blij met de booster en de goede organisatie.
Op mijn gemompel dat ik daar niet echt voor iets tussen zit en eenvoudigweg uitvoer, herhaalt ze ‘En toch, en toch’.
En toch maken haar lieve woorden me warm.

Ook hij waardeert de aangeboden hulp bij het up-te-date-brengen van de App. Hij is een digitale analfabeet, zelf ben ik eigenlijk niet veel beter, de kroost hier zou een glimlach niet kunnen weerhouden, maar ik kan het. Echt wel. Geloof me!
En weer maken zijn lieve woorden me warm.

Zij begrijpt me niet, ik haal mijn beste Engels boven of probeer toch, ze knikt en snapt. Of doet alsof? Ze volgt alvast correct de richtlijnen op.

Vriendelijk registreer ik hem op de computer en wijs de weg, de weg naar de stoeltjes en het kwartiertje aangeraden rust vooraleer hij het echte WE kan instappen.
Je denkt toch niet dat ik hier voor mijn plezier ben?” en “Laat me met rust, ik doe mijn ding wel” en “Wat een mens niet moet over hebben voor een beetje vrijheid” brengen me even van de wijs. Hij heeft gelijk, wie niet meegaat wordt beperkt, ik slik wijs-elijk. Mevrouw naast me, eveneens achter het scherm, knipoogt bemoedigend en haalt de schouders op. Niet iedereen is er gelukkig mee…. De volgende persoon wacht glimlachend en ik ga gewoon door.

Lichte rugpijn van het vele werk en vooral lange stilzitten, zelfs voor een drankje was geen tijd, én de zonnige namiddag nodigen uit tot een fikse wandeling in het Kruibeekse overstromingsgebied met gevarieerd landschap van schorren en slikken, elzenbroekbossen en weidevogelgebieden. De logeehond stapt dapper mee, 10 km rond, manlief hinkt, een bloedblaar meldt ‘too much‘. De prachtige ondergaande zon en vele roze sluierwolken wijzen de weg naar huis.
Mijn mannen zijn uitgeput (hond is ook een hij), mij overvalt een tevreden gevoel bij het beeld van de wachtende warme zetel en een Handmaid’s tale-aflevering van het nieuwe seizoen (of 2 of 3…..)

Het prille jaar

Amper zeven dagen oud en hier werd al een groot gamma aan emoties doorlopen. Wellicht leer ik het nooit af, voelen (en) ondergaan. Momenten van geluk, van intens geluk, van ontgoocheling, van angst, van vrolijk blij, van ontmoediging, van koud en warm tegelijk, van boosheid, van genieten en leren (en) aanvaarden, van onbegrip en inzicht, van wijsheid en veel vragen.
Het is duidelijk, 2022 belooft niet anders te worden dan 2021. Waarom zou het ook?

Nieuwjaar is gezellig, met dank aan het warme welkom met voetjes onder tafel in hartelijk gezelschap.
Tweede nieuwjaarsdag kondigt een (eindelijk) blauwe lucht aan. Gewapend met sjaal en jas fietsen we de allereerste marathon van het jaar. De zon strooit gulle stralen, het groene gras en grijze water fonkelen en stemmen opgewekt, dit ruikt naar lente, edoch…. De lunch op een ruime locatie in Stekene, het Zomerhuis heeft zijn naam niet gestolen, in vrolijk gezelschap drijft vlot de vermoeidheid uit de benen en elke bezorgdheid weg. Geen kookplicht maakt de dag helemaal af.

In ‘normale’ tijden logeerden we nu een midweek in Brouwershaven (Zeeland). ‘Omega’ (of is het ‘nog’ Omicron?) steekt er voor de vierde keer een flinke stok voor. Het huis wordt weer in een voucher getransformeerd en vakantiedromen worden veilig (wat betekent dit woord nog?) opgeborgen, diep in de toekomtslade. Een veelheid aan lege dagen doemt onverwacht op. Bij de ontgoocheling helpen zon en zachte temperaturen een handje.

Woensdag trekken we naar Wenduine aan zee. Springtij én hevige wind verrassen met een fascinerend spektakel. Waar de kinderen voordien glijbaantje speelden op de hoge zandkliffen raast en spartelt de storm. Filmpjes kan ik hier niet plaatsen, maar dat het opwindend avontuurlijk was is een feit. Kinderen (niet die van ons) stonden te dicht bij de rand, ik wilde roepen, maar waar ouders toelaten is mijn stem te belerend……, in de krant lees ik dat het écht gevaarlijk kan zijn….. Gelukkig geen kind overboord.

Twee maal dezelfde locatie aan het bruine bruggetje. Eb en springvloed.

Donderdag belooft terug een lentedag te worden. Ondanks plannen voor uitgestelde klusjes en to do’s laten we alles vallen, sprinten we naar de trein die ons vlot (geen evidentie! Hier schrijft een ervaringsdeskundige…) richting Brugge rijdt. Het Minnewater, begijnhof en huizen met trapgevels voelen vertrouwd aan, die Brugge-fan-genen zijn een mooie erfenis van mijn moeder, die ik graag koester. Zij (ver)dwaalde maandelijks in de stille straatjes, zocht graag bank en boek op.
De drukte beperkt zich tot de winkelstraten, iets met solden?
Vroege duisternis nodigt uit tot de feeërieke Wintergoed-wandeling. Via licht en kleur en geluid krijgen we contact met de stad. Sfeervol, poëtisch, alles draait om het woord, magisch, niet overdadig, droog en niet koud.

Wintergloedbeelden