Over huisjes en kruisjes

Het zijn hier drukke regeldagen. Mijn hoofd tolt en buitelt, help, ik mag niets vergeten. Overal slingeren lijstjes op kleine gele briefjes. To do’s worden doorstreept, oef!, andere blijven plakken.

Na drie frustrerende telefoontjes in de ochtend, moet ik even woede afblazen, manlief luistert geduldig, zucht even mee, dat doet deugd. Maar zo werkt onze maatschappij nu eenmaal.
Ik beslis deze dag vijf to do’s af te handelen.
En nu ik hier schrijf, ben ik fier, ik mag er zes schrappen, het kan dus altijd beter.

Ik heb het vandaag verdiend, dat ijsje en dat bankje, even een rustpauze vooraleer terug richting huis te rijden.
Zij komt vlak naast me zitten, dat bank(je) is minstens twee meter lang?
Een alarmbelletje in mijn persoonlijke ruimte rinkelt in overdrive.
Mag ik?, vraagt ze vriendelijk.
Uiteraard, zeg ik net zo vriendelijk, terwijl ik denk…..oh neen…..ik zoek ruimte en stilte….
De aankopen staan  tussen ons in.
Ze telefoneert, tikt de geschreven nummertjes vanop het papiertje geduldig in, de taxi mag haar komen halen. Ik hoor een warme stem.
Ze is 84, maar nog kwik en fit, in het hoofd, de benen stribbelen al eens tegen, maar dat hoort erbij.
Ze trekt mijn aandacht, die hartelijke stem. Ik luister geboeid.
Een heel levensverhaal vertelt ze gedurende het half uurtje wachttijd.

Over haar enige zoon die zes weken na zijn huwelijk is gestorven, de fotoreportage was nog in de maak. Amper 21 mocht hij worden…
Over haar man die hier niet verder mee kon leven, hij beroofde zichzelf een jaar later van het leven. Hij heeft nog gezegd ‘bak mij een eitje, dan kom ik ontbijten’. Hij is nooit meer beneden gekomen…..
Ze bleef alleen, eenzaam achter, zes lange jaren.

Tot ze haar tweede man en beste vriend leerde kennen. Tien jaar lang vinden twee gekwetste zielen troost, steun en  blijheid bij elkaar.
Tot ook hij weg moet gaan, slokdarmkanker velt hem, en haar. Ze verzorgt hem thuis tot de allerlaatste dag. Hij heeft gezegd ‘leer vooral genieten zonder mij’.
Het herinneringsprentje heeft ze in haar handtas, ik mag lezen en voel nattigheid in de ogen bij aangrijpende woorden, haar verhaal, zijn verhaal.

Ze is 66, en moederziel alleen, eenzaam, verlaten.
Maar ze heeft heerlijke vrienden om zich heen, ze zijn er altijd voor haar.
Ondanks alles blijft ze een levensgenieter, ze is terecht fier op zichzelf.

De eigen begrafenis, want er is niemand meer ….., is geregeld, tot de teksten en muziek toe. Mooi zal het worden! Ze glimlacht gelukkig.
Een koffiemaaltijd (traditie hier in België) wil ze heel kordaat niet.
Volgend jaar wordt ze 85, en dan geeft ze een grote brunch voor haar beste vrienden, want ze wil er zèlf vooral bij zijn, mee lachen en mee genieten.

Elk huisje heeft zijn kruisje, maar het ene is van stro en het andere van lood.

De taxi komt er aan, ze vraagt of ze me een zoen mag geven. Ik knik, vergeet mijn vrije ruimte, en krijg  een hele dikke, intense knuffel.

Elke dag opnieuw proberen
Of je rijk bent of berooid
Gelukkig zijn dat moet je leren
Er zijn er zat die leren ’t nooit. 
(Toon Hermans)

 

Elke dag opnieuw proberen

of je rijk bent of berooid

gelukkig zijn, dat moet je leren

er zijn er zat die leren ’t nooit.

Elke dag opnieuw proberen

of je rijk bent of berooid

gelukkig zijn, dat moet je leren

er zijn er zat die leren ’t nooit.

Advertenties

Een sprookje in het bos

Elk jaar trouw beloof ik plechtig dat we volgend jaar terugkomen. Zoals altijd houden we ons aan het gesproken woord.
Tot drie septembermaanden terug schreef ik een Duinrell-logje.

Toch even schrikken, schrijf ik écht al zo lang?, vliegt de tijd zo snel?, ben ik reeds al die jaren een vrije gepensioneerde of senior ? of …., neen ik ben gewoon een springlevende oma met  een  dynamische opabaard en  nog swingender schatten van kleinkinderen, die ‘recht’ hebben op kwieke uitjes.
Vooral als daar rustbankjes staan voor soms vermoeide spieren en pijnlijke gewrichten, of…. zitten we daar niet gewoon  te genieten van de joelende kroost?

We gritsen zon, warmte, drie kleine jongens en vooral veel vrolijke vitaliteit mee, richting ons kleine huisje in Wassenaar. Elk huisje heeft een eigen tuintje, de kamertjes zijn piep, we struikelen voortdurend over elkaars en onze voeten, maar het is er gezellig en close, middenin de bossen. En…. we kunnen er rechtstaan.

20190914_0927421246894343080179695.jpg
Idyllisch bos

Soms wordt het bestempeld  als een ouderwets park, Duinrell , maar wij vinden het T.O.P en authentiek, gezellig en spannend en verrassend, open-minded, elke keer opnieuw.
Oma zoeft  en zweeft doorheen de lucht, ze beschermt gillende kindersnoetjes, een  vol hoofd wordt leeg.
Wat?, ouder worden?, ik??

Opabaard is rustiger, of ….. banger? De kleinste man blijft hem trouw, hij vindt het soms ‘een beetje eng’.  Ook de  reus in het sprookjesbos, met een grote boog stapt hij er omheen, het vuistje geklemd in mijn  hand.
‘Wat als hij zijn ogen opent?’ Hij slaapt en….. snurkt luid.
Het (gestolen?) manneke pis vindt hij dan weer zalig, de flinke straal mag zijn haren wassen.
Zand, rotsen en bossen trekken zijn aandacht, daar speelt en geniet hij eindeloos.
Ieder zijn meug. Alles mag en kan en lukt en voelt fijn aan.

20190914_1018322434174683979221341.jpg
het wassende water in Wassenaar

De zon maakt het leuke plaatje compleet. De kinderen hollen van her naar der, een traantje bij een valpartij, snel opgedroogd, want alles lonkt en lokt.

“Dit is de allerleukste dag van mijn leven”

“Als ik later voetballer ben, en jullie leven nog, mag je komen kijken” Beloofd, we doen ons best!

“Oma, kunnen we hier niet eeuwig blijven wonen?”

“Wij slapen in het dunne kamertje” (een kamer ter grootte van het stapelbed)

“De tandarts zegt dat ik mijn tandjes beter moet poetsen, maar oma….. krijg ik dan  éérst een suikerspin?”

“Zie opa, dat kindje smijt een papiertje op de grond, dat is toch niet goed voor onze wereld?” waarop “krijg ik ook een snoepje in een papiertje?’

“Mijn piemeltje kriebelt op die kikkerbaan”……”maar ik vind dat leuk” Ik knik bevestigend 🙂

“Oh ik zie de Eiffeltoren”
Vergissen we ons?
Zijn wij niet in Nederland?
Maar de elektriciteitspaal is echt wel hoog, ik knik bevestigend.

Een knuffel hier, een dikke zoen daar,  tot ziens, ze moeten het nog leren ‘aan alles komt een einde’ en ‘mooie sprookjes blijven niet duren’.

 If I’m honest I have to tell you I still read fairy-tales and I like them best of all.” (A Hepburn)

 

 

 

 

Zomaar een dag….

Wakker worden, de droom nog vers in de geest, nog even nagenieten en grondig proberen te reconstrueren. Hij vervaagt stilaan, maar ik grijp vast, en probeer te begrijpen waar beelden  vandaan komen? Steeds vaker kan ik duidelijke verbanden leggen met mijn dagen, mijn voelen en doorleven. Ik maak er een sport van, elke ochtend weer opnieuw, begrijpen én her-beleven. Mijn dag en denken wordt erin weerspiegeld, in de droom ben ik de echte ik, ik herken de blijheid, de angsten en mijn tastbare rondom.
Oefening baart kunst, ik word een échte dromenvanger.

De fiets, m’n beste maatje, heeft het begeven, het stuur buigt ongenadig en troont me de dieperik in , hij moet terug naar het moederland. De hersteller vertelt enkele moeilijke woorden, ik kijk bedenkelijk, maar hij verzekert me dat hij dé oplossing zal vinden. Met dank aan hét fietsland bij uitstek. Mijn maatje logeert er nu enkele dagen, tot hij terug be-stuur-baar is, ik wacht geduldig en reken dus voorlopig op de voeten.

We reizen 100 km verder, waar zoon een buitenhuisje heeft. Klein, maar fijn, middenin het bos, verscholen in de stilte, tussen groen en een ochtendlijk fluitconcert.
Het regent, het is er kil, koel, vooral cool. Manlief gaat zich warm  werken met hordeuren en raamlijsten. Hout is zijn ding.
Mijn plan om lekker lui in de bomenhof te genieten van zetel en boek druipt af, het nat is spelbreker, ik krijg koud.

Twintig km verder wil ik me verplaatsen, het geplande maatje gaf forfait (je weet wel, op logement), dus kies ik voor trein en voeten. Drie treinen worden het, meer dan twee volle uren eer ik op bestemming geraak. Ik reis amper 19 minuten door het golvend mooie landschap, de rest wordt wachttijd in stations, op perron, of even in de winkelstraat. Maar ik heb immers tijd toch?!

Een fijn welkom wacht bij m’n broer, schoonzus en vrolijke kleinzoon. Lipton en zelf-gemaakte advocaat smaken heerlijk en warmen en drogen op. We babbelen vlot de namiddag en avond vol, over ditjes en datjes, over meevallers en tegenslagen.
Echte familie blijft verrassen en zorgt telkens opnieuw voor een fijn samenkomen.
Het kruipertje steelt graag de show en onze tijd, het wakkere ventje geeft en krijgt een voortdurende glimlach, soms met schater, heel even met een pruillipje, dat hoort erbij na zoveel energievertoon.

20190719_2137297467103492418252043.jpg

Trouw komt manlief me oppikken, hij is moe gewerkt, we eten nog gezellig samen, gewoon voeten onder de mooi gedekte tafel schuiven.
Voor een niet-kook-fan als ik belooft dat dubbel genieten én smaken.

Zomaar een dag……

Laat me zingen van de regen en de zonneschijn

Door-en-door-nat komen we thuis na een fietsbezoekje aan de schoonmama.
Even later straalt én droogt de warme zon. Welkom in  België.

De terrasdeuren kunnen weer wagenwijd open, een extra trui vangt de vochtige kilte met veel graagte op. Fietsen onder donker dreigende wolken met een sporadische zonnestraal  is mooi, het ruikt naar avontuurlijke spanning, een spannend avontuur, komen we  drooghuids op de bestemming?, of wordt tijd uitgetrokken voor de regenkledij?, die veilig opgeborgen in de fietszak huist.
Bij schoonmama dus.
Ze is 89 en komt trouw elke dag buiten, haar vriendenbezoekjes heeft ze nodig, broodnodig, een dag het huis niet uitkomen is een dag niet geleefd. Ze vertelt graag en graaft in haar volle verleden, luisteren  is niet haar sterkste punt, nooit geweest, maar ze leeft én geniet nu, van heel veel babbels, sloten koffie en een “snackske” tussendoor.
Onderweg zijn is een must, vooral niet vast roesten in de serviceflat, tussen ‘al die ouwe mensen’.

Ze slaapt al een paar nachten niet goed, ze piekert en denkt, niet over wat komen kan, maar over wat nu is, en wat nu ongemakkelijk voelt. De schoonzoon met kanker en chemo en veel slechte dagen,  de zoon met dezelfde k-ziekte en gelukkig betere vooruitzichten. Oud worden is fijn, maar geeft ook extra zorg als kinderen  de sukkelstraat instappen.
Maar ze blijft positief, de tijd geeft altijd de juiste raad, en over vijf jaar komt wellicht alles oké.
Geen haar op haar hoofd stelt zich vragen bij haar 94 jaren dan …..

Kan het beter?

Sociale contacten zijn een prima wapen tegen eenzaamheid en ouder worden. De kranten staan er vol van,  zelf ben ik er rotsvast van overtuigd.
Ik zie het, overal.

Gisteren praatten we zes volle uren moeiteloos rond, met vieren rond de tafel, een leuk vriendenkliekje. “Oei, is het al zo laat?”
De lunch, het roze wijntje, een koffie, de witte dame, nog een koffie of thee, een hartvormig spekje zorgen voor de innerlijke mens die de gesprekken tastbaar onderhoudt.

Reizen en genieten, kleine en grote kinderen, toevallige liefde en zoektocht ernaar, ouder worden en ontkennen, zelfvertrouwen en het gebrek eraan, uitbundig blij samenleven en stilte, de wereld en onze nietigheid, natuur en beweging, verlangen en tevredenheid, thuiskomen en wegtrekken, alles doorspekt met humor en een fijn verhaal.
Verrassend ontdekken hoe we vaak totaal anders denken, leven en reageren, en toch zijn we allen gewoon mens.

“De mens is een sociaal dier, hij is niet gemaakt om alleen te leven”. Aristoteles wist het al, vele eeuwen geleden. Als homo universalis verenigde hij toen reeds wetenschappen, wiskunde en een prachtige filosofie.

De eigen kruiwagen, vol bloemen en vele on-kruiden die zich vrolijk overal tussenin  nestelen en stapelen, dapper vooruit duwen, kan prachtig zijn.
Wat te bewijzen is (klassieke woorden uit mijn goeie oude tijd…..) met dit prachtig stukje kant.

20190901_1053371968725235563874491.jpg
De PiKante kruiwagen

Een laatste blik in het kanten huisje

20190901_1248552709149098241046470.jpg

Ondertussen heb ik ontdekt hoe ik reacties kan uitschakelen, nooit te oud om te leren.
Dus doe ik dat voor een keertje.
Oefening baart kunst 🙂

Jullie fijne reacties genoot ik al in mijn vorig logje.
Ik geniet énorm van actie geeft reactie. Dank allen!

Ik sta hier IN het huisje, omgeven met Cortenstaalse kant en een groene buitenblik. Het wilde bloemenveld vlak voor de bomenrij is prachtig. Ik schrijf het er gewoon bij, want blijkbaar moeilijk zichtbaar  op de foto.
En toch vind ik – voor één keer- deze simpele (smartphone)foto sfeervol geslaagd.

Hoe kantig fijn
kan leven zijn

PiKANT

Reeds twee maanden wachten ze geduldig in de lade, de toegangskaarten voor Pikant in Moorsel (Aalst). Vandaag lijkt het er de ideale dag voor, mooi weer, niet te heet, een ‘verloren’ zondag, zonder zenuwen omdat alles morgen weer herbegint, want dit doet het voor ons niet langer.

Na ‘Vossen,  expeditie in het land van Reynaert’ komt deze tentoonstelling er met dank aan (steenrijke) ondernemers, Jan de Nul en Fernand Huts. De laatste kent er wat van!
Ze delen graag. Wij ontvangen graag.

De tentoonstelling situeert zich in de orangerie van het renaissancistisch, imposant waterkasteel in Moorsel. Jammer dat het kasteel zelf zijn deuren niet opent, want het slot weerkaatst veelbelovende zonnestralen in het fonkelende water.

 

Reeds bij het binnenkomen wenkt de wilde bloemenweide in een adembenemend decor, hier word ik écht blij van, mijn dag kan niet meer stuk.
Langs de lange oprijlaan ontdekken we kunstige kant  in en over romantische bruggen.

20190901_1250245626284887670689534.jpg

Oortjes gidsen ons doorheen het gebouw en de vele verhalen.

Wist je dat het in een ver verleden meer dan een uur duurde om ‘de molensteenkraag’ rond je nek te draaien. Hard van stijfsel, dat vreselijk prikt, waar je niet in kan bewegen, laat staan je hoofd opzij draaien, robotterig stap je door de dagen,  langere lepels zijn nodig om de soep op te slurpen….

Kant doorheen de eeuwen heen, kant doorheen het leven heen, van doopjurken over trouwjurken naar rouwjurken.

Jongens en meisjes pronken op schilderijen met kanten rokjes, blijkbaar werd zo het verschonen voor de jongens eenvoudiger. De ‘attributen’ die ze in de handen houden verschillen, meisjes krijgen ‘zachte objecten en rammelaars’, jongens hebben zwepen en ‘sterke objecten’ want zij moeten pure macht uitstralen, ik zie enkel kinderlijke tederheid….

De pikante lingerie, waar manlief probleemloos even voyeur mag spelen 🙂 , bekoort.
En neen, ik doe geen poging om de foto lichter te maken!

20190901_1151104664270600183358091.jpg

De kantindustrie gaat verloren, er wordt nu spotgoedkoop gebreid in China, niet op de traditionele wijze uiteraard.

In de kerk zien we moderne, authentieke kantklossers aan het werk, ze beweren dat het veel rust brengt,  niets voor mij, ik zou er enkel gespannen van worden, vrees ik.

De vijftiende-eeuwse Sint-Gudula-kapel toont hedendaagse, ultra moderne kant . De lichtinval zorgt voor een mooi kleurspektakel.

Bij http://www.pikant.vlaanderen wordt ook een fietstocht in de omgeving voorgesteld. Wij zouden wij niet zijn als onze fietsen niet mee de auto zijn opgeladen.
De route valt soms wat tegen (of zijn we teveel gewoon?), is soms heel mooi.
Op en af, pikant tripje.

d’Oude Brouwerij in Affligem (waar vroeger de Benedictijnen het gekende bier brouwden) zorgt voor een gezellige tussenstop.
Een biertje kan  lood in de benen geven, we houden het dus bij een witte dame, die suiker-vol voor nieuwe energie zorgt. Een fijne rustlocatie overigens.

Een gepeperde, pittige, prikkelende, hartige, kortom pikante dag!

 

 

Break Bij Beekse Bergen

De nacht is hier het huis binnen geslopen, buiten is het aardedonker en fris, er hangt een vochtige nevel over de tuin. In de verte hoor ik vaag treingeraas, krekels houden me a point, verder heerst enkel een oorverdovende stilte.
Ik houd van die stilte, die rust, vooral nu, ja, want een lichte agitatie heeft me deze dagen in haar ban.
Enig overleg met mijn ik helpt me doorgronden dat het een vorm van  melancholie en heimwee betreft naar een vorig leven, een leven waarin hét nu allemaal terug begon, met veel spanning, maar vooral ook veel zin.
Spanning om het nieuwe lesrooster,  kersverse pupillen,  vakantieverhalen van en met collega’s, fris meubilair in de leraarskamer, lokalen die nog naar verse verf ruiken….

Jaren mocht ik het beleven, nu is het voorbij, definitief, goed, maar toch blijft het  in me vergrendeld, de sleutel verlies ik wellicht en hopelijk nooit meer, de vele berichtjes van (ex)collega’s houden me op de hoogte, van reilen en zeilen, in ooit een tweede thuis.

De dag was fijn, leerrijk, verrassend, zonnig en niet te heet!, mooi en in heerlijk gezelschap. Kleindochter en kleinzoon genieten mee in de Beekse Bergen.
Een  groot dierenpark, waar ruimte en (relatieve) vrijheid is voor iedereen, mens en dier.
Met bus, boot en vooral te voet wandelen we doorheen de bossen, Afrika, Europa en  zonnewarmte. Ont-spannen ten top.

Mijn smartphone neemt fotootjes, ze zijn vaag of verkleurd, en verdwijnen regelrecht de vuilbak in.
En toch zag ik prachtige beelden….in het brein verankerd.

Eentje vis ik er nog uit, als je goed kijkt, zie je de leeuwinnen gezellig samen zonnen op het dak van de wagen. En of ze gelijk hebben! Ze brengen rust, wég onrust.
En de rust geeft be/verwonderaars.

20190829_1517127770166290460267727.jpg

Ik en ik en ik en….

Hij wordt vier.
Vier jaar al, het kleine ventje.
Het feestje is voor hem en zijn diertjes. Genieten doet hij volop, de kroon op het kinderlijke hoofdje. Met cadeautjes, liedjes, verhalen en eens heel leuk zot doen. Onbezorgd, dat overheerst.
Als je vier wordt,  is leven gewoon fijn.

Buiten zoeken we de schaduwplekjes op, de zon straalt ongenadig, het heerlijke buffet met zelfgemaakt brood, veel fruit, groenten, honing van de eigen bijen en kazen nodigt uit om je vrij te voelen en uitgebreid te smaken.

Babbels, discussies,  verhalen rollen heen en weer, de sfeer is warm  vrolijk en ongedwongen.
Woorden over nieuwe verliefdheid, zacht als de dauw op het groene gras.
Over twijfelende liefde, aarzelend en onzeker.
Over heftige diagnose en bikkelharde chemo.
Over….

Woorden en zinnen rommelen door mijn hoofd, blijven nazinderen, en met een brein vol chaos kom ik die avond thuis.
Gevoelens van dankbaarheid, dubio, blij- en droefheid, onzekerheid, geruststelling, liefde, ontspannen en gespannen zijn, afwachting, (on)bezorgdheid, vragen en antwoorden, fierheid buitelen intensief door het hoofd.

En toch is daar de nacht, die rust kan én moet brengen in lijf en leden. Ik besluit nog even door het dagblad te snuisteren, niets zo heerlijk als oersaaie lectuur voor het slapen gaan.
Maar dat is buiten de krant gerekend. Marjan Donner houdt me in haar greep met een boeiend artikel over haar ‘Zelfverwoestingsboek’. Zij wil vooral het individu bevrijden.
Ze bekijkt het vanuit een andere hoek, en die verrast.

Al die overgelukkige, breedlachende mensen in perfecte situaties, nooit eenzaam, nooit diep in de schulden, altijd blij in hun pukkelvrije lijven. Wie gelooft er in dat sprookje, dat onder meer de reclame steeds opnieuw aan ons opdringt? Niemand, zou je zeggen, maar toch doen we iedere dag weinig anders dan juist die illusie van gezond, glad, fit, productief, positief of zen nastreven. Marian Donner is er klaar mee, zo blijkt uit haar pamflet Zelfverwoestingsboek, dat de bedoeling heeft de in de ratrace voortzwoegende en -ploeterende mens eens even stevig door elkaar te schudden: denk toch eens na, het leven heeft zo veel meer te bieden!”   (https://www.tzum.info/2019/07/recensie-marian-donner-zelfverwoestingsboek/)

Zelfzorg en het blijven goed doen, overaltijd, noemt ze de nieuwe wetten,we worden overladen met tips en beste raad. Mensen die het ver hebben geschopt, die het wel altijd redden en allemaal ideaal doen, hebben vaak gewoon ‘chance’.
De ander krijgt zo niet direct het gevoel van  falende loser.
Waarin we mensen zijn? Vooral in het falen, we sterven, we worden verkeerd begrepen, communicatie loopt vaak mank, we bereiken onze doelen niet.
Ze stelt de keurige maakbaarheid van de mens in vraag.
Zijn we te streng voor onszelf?
Mogen we oorzaken zoeken in de maatschappij, ipv in onze eigen kleine geest en lichaam?
We leven te vaak in de statistieken, in meerdere algoritmes, vaak in schaamte en schuldgevoel.
Zij wil vrijheid voor het individu.

Haar woorden in de krant : “Het gaat tegenwoordig vaak over je ware ik, of het vinden van je innerlijke kind, of je kern laten stralen. Alsof je maar één persoon bent met een set op elkaar afgestemde eigenschappen. …..Ik denk dat iedereen veel verschillende kanten en tegenstrijdige eigenschappen heeft, dat die kern niet bestaat. Als je wel in zo’n ware ik gelooft, dan valt die dus ook te verbeteren. Dat is het idee waar de zelfhulpindustrie zich mee voedt ‘word eindelijk jezelf’…… Maar er is geen zelf, geen kern. Als je het zo bekijkt, is het ook minder erg om slechte kanten te hebben of te falen. Dat doet niets aan je goede kanten, dus hoef je ook minder schaamte- of schuldgevoelens te hebben…..
Het leven is rommelig, de liefde is rommelig. We proberen onszelf heel de tijd in grafieken te vangen…..
Systematisch onrecht moet bestreden worden, stel prioriteiten‘.

Wat een bevrijding, ik hoef mezelf niet te kennen, ik hoef niet éénduidig te zijn, ik ben vele ikken samen, kan het heerlijker?, ik hoef dus niet op zoek naar mezelf en moet niet altijd begrijpen en idealen nastreven. En toch mogen die er zijn, ze schrijft vooral niet aanvallend, “wees vergevingsgezind voor jezelf”. Ook voor de ander.
Laat je niet steeds op de kop zitten door de wereld die zegt dat alles wat niet goed gaat aan jou ligt

Ik besef, dit schrijven hier is veel te lang, maar die ene ik slaagde er gewoonweg niet in dit boeiend onderwerp korter te verwoorden….