Elk nadeel heb se voordeel

Het vieze C-beestje blijft halsstarrig onderwerp van de dag op het journaal. Het gaat (te?) langzaam de goede kant uit met de besmettingen, er wordt gewag gemaakt van een vaccin, meerdere zelfs, maar liever wacht ik ‘geduldig’ af, de tijd zorgt voor de goede raad en we zien wel wat de toekomst in zijn verrassend petto heeft.

Toch vallen er – ik geef toe, énkel voor mij persoonlijk! Een mens mag al eens egocentrisch zijn- een paar aangename kantjes te bespeuren.

Zoon en schone dochter vertrokken niet op onbestemd avontuur naar het andere eind van de wereld. Hopelijk krijgen ze de smaak te pakken van het gezellige nest in het bos. En komt voor één keer van uitstel afstel. Ik vind het gewoon super leuk hen in de buurt te weten, ook al blijven er nog 100 kms te overbruggen. Een peulschil in vergelijking met de gevreesde 24 vlieguren.

Schaar, lijm, papier en verf, meer is niet nodig om ons huis op te fleuren. Je op vakantie wanen in eigen woonst, heerlijk!, kamer(tje)s krijgen een nieuwe speelse look, na vele jaren van sobere tinten. Ik kies en keur, manlief plakt en knutselt, het resultaat stijgt -telkens opnieuw- boven alle verwachting uit.
Happy colours in onze eigen bubbel.

De kleinzonen zijn net beatletjes. Kappers blijven gesloten, haren groeien tot stevige bossen, ik loop niet zo hoog op met brossige kopjes, maar dit had je uiteraard al door.

In november heb ik gestapt naar Oostende en terug, mijn App als stille getuige, niet altijd evident voor mij. We genoten ook nog vier 50km – fietsdagen, enkel het terras ontbrak, maar we hebben vooral een fijne neus voor ijs- en smoutebollenkramen.

De 2021-wensen zijn geschreven. Kaarten maken is een leuke hobby, adressen schrijven kent hier te vaak eindeloos uitstel. Dus vat ik de koe bij de horens op deze koude, grijze, vrij(e)dag en een stapeltje eigen creatie ligt klaar voor verzending. Wie graag post ontvangt, gelieve je adres door te geven.

Morgen testen we een creatief experiment uit, de goedheiligman zal digitaal onze living binnendringen, vele blije kindersnoetjes incluis.

Deze morgen weerkaatste onze kale boom prachtig in het hoekraam. Een afsluit-fotootje waard.

Zomaar een maandag

Ik ga bij de apotheek een doktersvoorschrift inwisselen.
Hij woont amper één km hiervandaan.

Bij het binnen komen ontdek ik dat het bewuste voorschrift geduldig thuis nog op me wacht…
Hij woont amper één km hiervandaan. Geen probleem.

Mét het voorschrift vertrek ik opnieuw.
Hij woont amper één km hiervandaan.

Daar toegekomen blijk ik geld, noch bankkaart op zak te hebben. Terug dus.
Hij woont amper één km hiervandaan.

Met voorschrift én geld keer ik opnieuw richting apotheek.
Hij woont amper één km hiervandaan.
En met het piepkleine doosje terug naar huis.
Hij woont amper één km hiervandaan.

Lekker graag ontvangen.

Opa en oma baard likkebaarden.

Deze avond geeft Martine Tanghe, nieuwslezer-anker-icoon, een laatste journaal op TV1.
Ze is net 65 geworden en gaat op pensioen.
Al 42 jaar werkt ze op de nieuwsdienst. En ze doet het uitstekend, ik zal haar écht missen.
Ik ben nog geen dag tegen mijn zin komen werken“, wie kan dit beweren?
Ze spreekt perfect de moedertaal met warme stem en voor haar verzorgd taalgebruik ontving ze meerdere prijzen.
Haar leven ging niet over rozen, moeder kreeg borstkanker, Martine ook en verdween een jaar van het scherm, haar man stierf vorig jaar op korte termijn.
Ook op het scherm toonde ze empathie, daar waar het kon en mocht.
En last but not least, ik zat mijn eerste jaar met haar op kot.
Ik met een BV 🙂 .
Een fijn meisje met vooral een sterke wil.
Nu bereiken we samen ‘de leeftijd’. En zo is de cirkel rond, en vind ik een vlot excuus voor het startverhaal hierboven.

Straks om 19 uur weet je waar ik zit, in de luie zetel voor het scherm. Ze laat een leegte na, zoveel is zeker. Wie volgt?


Donkerte heeft ook lichte toetsen (Meghan Remy)

Bij het ochtendgloren – het klinkt poëtischer dan het is, want ik ben verre van een ochtendmens – beslissen we die toetsen op te zoeken, de zon straalt, de lucht blauwt beloftevol.

Op amper twee kilometer van het huis van de zoon (een toilet in de buurt is handig in deze barre tijden), ligt een prachtig natuurreservaat, 230 hectare groot.
De Bourgoyen op een boogscheut van Gent, je houdt het bijna niet voor mogelijk!, dankt zijn naam aan de Hertogen van Bourgondië uit een ver verleden. ‘Berg’ als zandwegel op hoogte en ‘ooie’ van laag drassig grasland ontdek je, met wat creativiteit, in de sierlijke naam.

Verschillende ingangen en uitgestippelde wandelwegen zorgen voor een rijke variëteit aan mogelijkheden. Wij kiezen de langste route, ongeveer zes km, kleinzoon sputtert even tegen, ‘zoooo laaaaang’, kleindochter vertelt en geniet. Samen wijzen ze ons de staproute, doelbewust de wegwijzers negeren is dus onze boodschap.

Vogels, ganzen, steltlopers, minstens 8 verschillende soorten eenden verrassen vanuit de vogelkijkhut. Een paar bezoekers hebben zich reeds gezellig geïnstalleerd, waaronder drie verrekijkers en een immense lens. De ruimte is groot, we turen, ‘kijk, een vos’ en ‘zie de uil in de verte’….. Ai neen, we zijn onze verrekijker (weeral) vergeten, een must uiteraard, en doorgeven is nu geen echt goed idee.

Een biodrankje of Gageleer op het terras met prachtig zicht op de weidse vlakte zit er nu niet in.
Een stille zucht én groot gemis….. het is wat het is….. dikke, dikke helaas.
Gageleer is een donkerblond bier, gemaakt volgens een oeroud bio-natuurrecept, met pittige reuk en smaak van de gagel, die groeit in moerassig gebied en gecontroleerd wordt geplukt ten voordele van de natuur.
We wandelen verder, de zalige zon en blauwe lucht maken de omgeving extra mooi, extra groen, extra fijn.

De weg leidt ons langs vele meersen, restanten van -in de winter- geregeld ondergelopen grasvlaktes. Houten vlonders houden onze voeten droog en het enthousiasme erin.

Toch wel jammer dat te-veel mensen blijkbaar de weg vonden naar dit prachtige gebied. Eerlijk?, ik zal blij zijn als de winkels terug openen en we niet met zijn allen naar ‘dezelfde stilte’ op zoek moeten gaan.


Welkom Sint

En ja, ter vervanging van mijn twee aparte foto’s die je hier nu extra werk bezorgen, had ik een veel mooier beeld van het geheel kunnen plukken van het internet.
Neem dus graag de bovenste, fantaseer de onderste ernaast, en klaar is Kees.
Het moest en zou een eigen maaksel worden van het kleurrijke geheel, te groot om van dichtbij te fotograferen.

En ja, ik had mezelf op het 1-meter-verhoog kunnen sjouwen voor het ideale beeld, maar teveel schoolgaande jeugd rondom belemmerde me om dit schouwtoneel op te voeren met bovendien een grote kans op mislukking en bijhorende lachsalvo’s. Op veilig spelen was dé boodschap.

Dus laat je creatief brein vooral zijn fantasievolle gang gaan.

Het kleurentapijt ligt nog tot 6 december op het stationsplein van mijn én Zijn thuisstad. Wat een eer. De Wase Vijverwinkel uit het bloedeigen dorp kan, door Corona of wat dacht je, geen bloementapijten leggen in het buitenland. Voor bloemen is het hier wat laat op het jaar, dus werden natuurlijk gekleurde houtjes gebruikt, die op bloemblaadjes lijken.
Drie tapijtleggers en een tiental vrijwilligers hebben twee volle dagen gewerkt aan 120 m² prachtige kunst, het resultaat mag er écht zijn.
Uitnodigend, vrolijk, warm welkom voor Hem, voor mij, voor groot en klein.

Coronaproof in buitenlucht én op afstand“, wat.haat.ik.die.woorden!

Wie toch liever het geheel wil bewonderen, googelen staat je vrij. Maar een bijhorende link vertikt mijn koppige ik.

Klavertjes vier

Maken vijf kleine klavertjes-vier een groots geheel?
Neen, verre van, maar ze maken het wel ietsje groter.
En blijven bij.
Zelf plukte ik er deze week vijf.

  • Op zondagochtend word ik wakker met Christine Van Broeckhoven, professor Moleculaire Biologie en Genetica. Officieel op pensioen, maar ze blijft een grote steen bijdragen aan het onderzoek van Alzheimer. Zelf noemt ze zich verslaafd aan het werk, een nuchtere vrouw vol idealen. Voor vriendschappen is geen tijd, ze weet nog niet of ze het mist. Haar droom blijft de ziekte onder de knie krijgen, te weinig geld in combinatie met moeilijk te vatten hersens maakt een oplossing voorlopig onvindbaar. Vrijuit – “héérlijk” vind ik het als mensen eerlijk zwakke kanten durven tonen, en hebben we die niet allemaal?- spreekt ze over de zware depressie die haar onverwacht in zijn klauwen kreeg, en soms nog op de loer ligt. De uitdagingen van het werk hielpen haar vooruit.
    Voor Alzheimer bestaat geen medicijn, zo weinig mogelijk stoel-zitten, veel beweging in open lucht, gezond eten, je hersenen blijven uitdagen met een vreemde taal (neen, geen kruiswoordraadsels, voegt ze er vrolijk aan toe) kunnen kleine hulpjes zijn.
    Gretig geef ik gevolg aan die tweede tip, ik ga op wandel in de MOTregen en kom KLETSnat thuis, want hier veroorzaken vele kleine beetjes toch een groots geheel. Nat tot op het bot. Jas onder de haardroger, haren aan de wasdraad en schoenen in de droogkast. Mijn hersenen kregen een frisse duik.

  • Het wintertafereel staat klaar, het gezelligste hoekje in huis is weer druk bewoond door witte ventjes, uiltjes, sneeuwmutsjes en warme sjaaltjes, klaar voor de kerst, enkel de bollen moeten er nog in. Hoogtepunt (letterlijk én figuurlijk) is het prachtig witte takkenstelsel, vijf jaar geleden cadeau gekregen van lieve vriendin op mijn pensioen.
    De traditiegetrouwe sneeuwman is met glaskrijt getekend op het zijraam, hij nodigt koning winter uit, beseft alleen nog niet dat motregen daar niet echt bij hoort…..

  • Collega-vriendin klopt op het terrasraam, verdiept in de krant schrik ik me een bult. Ze wacht me op met een grote doos lekkere gebakjes én een fijne babbel, die zo’n deugd doet, nu onze maandelijkse afspraakjes met bijhorende lunch vervallen, al veel te lang….


  • Elke avond genieten we twee afleveringen van de schitterende mini-Netflixserie Queens gambit.
    ‘Een meesterlijke vertelling en een esthetische parel’.
    Het verhaal in een notendop. We spreken eind jaren ’50. Beth belandt op 9-jarige leeftijd in het weeshuis, waar ze zich in de kelder ontpopt tot een schaakwonder. Om de kinderen rustig te houden, krijgen ze dagelijks een portie kalmeringsmiddelen, waarbij het meisje hallucinaties krijgt op het plafond over geniale schaakzetten. Ze wint overaltijd, maar de roes zorgt tegelijkertijd voor verslaving. Hoewel een heel klassiek thema, spelen Beth en haar gekwelde pleegmoeder schit-ter-end.
    Rustige, spannende, boeiende, meeslepende TV. Geen flashy beelden, stilte en de tikkende klok spreken vaak boekdelen. Een dageinde om naar uit te kijken!

  • Een grote boswandeling staat op het programma met Beer. Beer is een hond. Beer en zijn baasjes. Zijn baasjes zijn zoon en schone dochter. Baasje gebruikt de wandelapp ‘Mapy’ om onooglijk kleine wandelpaadjes uit te dokteren in onze directe omgeving, waar ik het bestaan niet van wist. Een mens is nooit te oud om te leren, het eerste puntje hier indachtig.
    Als er aansluitend een dessertenbuffet wacht kan de dag niet stuk. De regen houdt zich koest, net als de hond, die nochtans immens geniet. Hij is een Friese waterhond, maar verkiest veruit het bos.
Beer

Vandaag……

……ga ik ‘officieel’ op pensioen.
……kan ik met een ‘senioren’ticket goedkoper met de trein reizen, zij het met mondmasker én in deze tijden sterk af te raden.
……hoor ik officieel tot de risicogroep van het Coronabeestje, althans volgens de media en virologen. Wat een dagje meer kan betekenen in een mensenleven.
…….zie ik een kast vol kaartjes en leuke wensen.
…… zoek ik uit honderd klavertjes hét klavertje vier.
……krijg ik een prachtig orchideetje in een glazen pot, vriendin stond totaal onverwacht aan de deur, het was heerlijk verrassend.
……zorgt manlief voor een lekkere high-tea, enkel de thee waren ze vergeten mee te geven.
……ontvang ik vrolijke filmpjes van zingende kleinkindjes.
……verwennen de kinderen me met een kleurrijk boeket en een prachtig statige tuinvogel.
……worden me nog wensen beloofd, de post houdt ze graag nog even voor me opzij 🙂
……krijg ik 57 berichtjes van ex-collega’s, die de lieve-vrouwkes missen, mijn snoeptraktaat van vele jaren vroeger. Ik reageer op elk schrijven, het kost me een klein uurtje. Maar pensioen betekent tijd. Toch?
……brand ik voor mezelf, lekker egoïstisch, een kaarsje in het mooie herfst-klei-blad, creatie van kleindochter.
……toosten we met vrienden een glaasje champagne op ons veilig terras. Het klinken gebeurt op anderhalve meter, geruisloos dus.
……worden veel lunchkes en hapjes afgesproken in veiliger tijden. Van planning gesproken.
……krijg ik een warm hart, en dat doet verdomd (sorry) deugd, want gemakkelijk is het nu zeker niet altijd, en dan heb ik het niet over mijn jaartje of dagje ouder.

Terwijl ik dit schrijf gaat de deurbel. Ik open benieuwd. Een grooooote ruiker bloomon gaat in de vaas, maar…..er is geen afzender bij…… dank aan de onbekende gulle gever.

Lang leve 56, vergeef me mijn dyscalculie!

De geschiedenis en het nu

Soldatenkerkhof Tyne Cot

De poort naar de Britse militaire begraafplaats staat open en bezorgt ons een indrukwekkend verstillende blik.

12 000 witte zerken als eerbetoon voor veel te jong gestorven mannen en mooie rode bloemen getuigen van een wreed verleden in de bloederige slag om Passendale, die net 100 dagen duurde.
Britten speken over het dal van het lijden (Passion Dale).

En toch staat de poort naar de vrijheid én de blauwe hemel voor ons terug open. Ook al voelen we ons deze dagen soms gevangen……

Fietsend doorheen de Westhoek, ontmoeten we groene weidse rust en de zachtwarme novemberzon.
Waar blijft de hete koffie?

Moeder en zoon in discussie. Overwegen we nog een bezoek aan het Duitse Cemetery in Langemark of kiezen we voor de (beloofde) ondergaande zon?

Duits kerkhof in Langemark

We komen er niet uit. Een compromis dringt zich op. En wat voor één!
Het wordt een beladen, maar prachtige dag, over verleden en heden, over toekomst en herkomst, over oud en koud, over natuurlijke rijkdom en Amerikaans dom, over walsen op de cosinus x + 1.

Een warme welkom van het enthousiaste kleine grut wacht ons op.

Over mijn einde

Eigenlijk ben ik niet echt een lijstjesdame, hoewel ik ze met interesse lees bij een ander, om de persoon achter het scherm beter te leren kennen en begrijpen. Toch heeft Anne me hier kunnen ‘bekoren’, een woord met een vreemde bijklank bij dit onderwerp.
De grijze, natte, sombere, donkere  1-novemberdag overtuigt. Bovendien ben ik dood-s-bang.
 Dit schrijven betekent dus echt wel een serieuze overwinning op mezelf.
Maar….ik neem de pen ter hand….

  1. Wil je begraven worden of gecremeerd?

    Doe maar crematie, daar ik sterk claustrofobisch ben. Ooit zag ik een film waarbij de man levend begraven wordt, dat heeft er hier flink in gehakt. Opgesloten in een kist zonder bewegingsruimte geduldig je echte overlijden afwachten? Mijn reinste nachtmerrie.
    Dan liever de korte hevige ‘pijn’ die toch op zijn minst voor zekerheid zorgt.

    Manlief wil graag zijn lichaam aan de wetenschap geven, waar ik het dan weer iets moeilijker mee heb. Duimen dus dat ik eerst ga.

  2. Als je kiest om begraven te worden, hoe ziet je kist eruit? Als je kiest om gecremeerd te worden, waar mag je as naar toe?

    Een witte houten kist met glazen deksel (je weet wel, minder claustrofobisch, dan kan ik nog gluren) waarop iedereen in bonte kleuren en vele lettertypes nog een laatste woord voor me mag schrijven. Zoals in het TV-programma ‘de kist’. Een kindertekening. Een mural, of  kistal?
    Maar…..het gaat hier om mijn as. Op mijn nachtkastje staat een klein vrolijk, kleurrijk doosje met de as van mijn beide ouders in vermengd. Het geeft vaak troost. Een klein beetje ik bij de kinderen op een mooi, lief plaatsje zou me deugd doen, de rest mag naar de strooiweide of elders, speelt geen rol meer. Iedereen mag kiezen waar hij zich goed bij voelt, het is niet langer aan mij…..

  3. Welk liedje mogen ze afspelen op je begrafenis?

    “Hallelujah” van Leonard Cohen. Hoewel de inhoud van het lied helemaal niet strookt met waar het hier over gaat. Met zijn diepe warme stem zingt de man met de hoed (zo genoot ik hem bij zijn laatste optreden)  intens,  krachtig,  ontroerend mooi.
    “Ave Maria” door een prachtige, niet te zwaarwichtige (opera is niet  mijn ding)  vrouwenstem. Of een kinderkoor.

  4. Wil je een herdenking in een kerk of in een andere setting?

    In een sfeervol zaaltje met enkel goede vrienden en familie, verre nichten of neven waar je in geen tijden meer van gehoord hebt hoeven echt niet. Veel kaarsjes, lichtjes,  bloemen en mooie meubeltjes. Ik denk dat dit niet kan? Nog niet? De wetgeving is streng. Een kerk is me te koel, kil en koud, synoniemen benadrukken enkel. Daarenboven geloof ik niet (meer), ondanks mijn katholieke opvoeding en vele pogingen van mijn moeder om me tot de jaren van verstand te brengen. Een zaal in een crematorium is ongezellig. Ik ben een sfeerbeest.

  5. Wat wil je dat ze over je zeggen bij de herdenking?

    Dat ik iets  betekend heb, geen grote steen verlegd, maar een fijn spoortje nalaat, zou heel fijn zijn. In het verleden, nu en later.

  6. Wat zou je zelf willen zeggen, mocht je kunnen?

    Hoe intens graag ik jullie heb gezien!!
    Dat ik jullie, kinderen, kleinkinderen, vrienden graag een vergeet-me-nietje meegeef.
    Mijn belangrijke tip bij nummer 8.

  7. Heb je een testament?

    Neen.
     
    Maar ik heb nog wel wat mooie idealen
    Goed van snit, hoewel ze uit de mode zijn
    Wie ze hebben wil, die mag ze komen halen” (Boudewijn de Groot)

  8. Mocht je een gedenksteen willen plaatsen, wat mocht er dan opstaan?

    Carpe diem want tempus fugit.

  9. Hoe ziet de koffietafel eruit?

    Taart, warme dranken, een glaasje zoete witte wijn of rosé. Ik ben/was een zoetekoek.
    Bloemen in alle kleuren en geuren.
    Hopelijk veel levendige kindjes van de kleinkinderen, dan duurt het nog even lekker lang.

  10. Ben je bang voor de dood?

    Simpelweg, ik ben DOOD-s-bang!

Geen foto’s deze keer, ik ben nog niet zo ver.

Gent toen en nu

Ik durf me soms eens de vraag stellen of ik in een vorig leven misschien begijn ben geweest?  In die hoven voel ik me thuis, waar de stilte hoorbaar is, de rust voelbaar en eenvoud primeert. Hoewel de hedendaagse soberheid sterk in twijfel kan worden getrokken als ik op het stille, rustige, eenvoudige huurhuisje bots voor net geen 2000 euro per maand. Geen spek naar onzen bek.
“Dansen is onze regel niet, begijntjes en kwezelkes dansen niet”, het lied klinkt overtuigend, mijn verleden speelde zich toch niet echt af in die wereld.

Fietsen worden op de auto geladen, we rijden richting onze provinciehoofdstad, Gent dus.
Manlief mist het gidsen, na vier jaar studie-ijver mag hij zich officieel gids noemen, kan hij als gediplomeerde aan de slag, en……komt er –Coronagewijs- totaal geen aanbod meer.  Ik offer me dus met plezier op om die eenzame aandachtige toehoorder te spelen.

De dag begint grijs en koud, het mondkapje beschermt mijn bevroren neus, ‘elk nadeel heb zijn voordeel’. Dapper spartelen zonnestralen zich  een weg doorheen het deprimerende donker. Een nieuwe functie wordt aan het het chirurgische lapje toebedeeld, neus beschermen tegen mogelijke UV-stralen.

De gids verrast me in het voormalige Elisabethhof, eind de 13e eeuw opgericht, de begijnen werden door het stadsbestuur verplicht te verhuizen naar het neogotische groot begijnhof in Sint-Amandsberg. Een acht hectare enorm domein, waar de huizen grauwer ogen, of is het te wijten aan de zon die tijdelijk verstoppertje speelt achter de wolken?

Het derde en klein begijnhof blijkt een pareltje achterin de troosteloze straat. Ossenbloedkleurige huizen stralen een oase aan rust en vriendelijkheid uit. Daar wil ik best wel wonen.

Fraai plaatje in Klein Begijnhof

We fietsen en stoppen even bij het huis van Alijn, waar  de romantische binnenhof charmeert met de grote Japanse kerselaars  en het stokoude, maar heel charmante Caféke. We schuiven aan bij de houten tafels, een drankje om op te warmen is buiten de waard gerekend, we wachten vruchteloos, waard noch kat duikt op, we spreken nog op de voorlaatste dag van het  niet-horeca-verbod én het cafédeurtje staat nochtans wagenwijd open. Dan maar elders op zoek naar warm genot voor de maag.

Binnenhof Alijn.

Op de terugweg verrassen me de nieuwe dokken. De buurt van de vroegere oude dokken (hoe kon het ook anders?) wordt gemoderniseerd en verjongd. Vele nieuwe appartementen duiken op, het penthouse bovenop de rode aandachtstrekker  is net verkocht voor een simpele 2 000 000 Euro, inclusief boom op terras. Jammer, we zijn net te laat…..

De vele blauwe kranen getuigen van een groots havenverleden.

Aan de beweegbare fietsbrug, waar veel statige oudere woonboten aangemeerd liggen, nodigt het gezellige fietscafé-terras met lekker originele biotaart ons uit voor een verdiende stop.
De vrij lage brug gaat soepel op en neer als boten eronderdoor varen én fietsers erover rijden, zo wordt me verteld, we houden onze tweewielers in de aanslag om erover te wippen en het up-down-spektakel te beleven, maar de boten blijven in coronamood,  geen enkele besluit uit te varen. Jammer, maar helaas, weer avontuur gemist

Doknoord toont een prachtige combinatie van industriële elementen uit de vroegere fabriek en de ultramoderne vernieuwing tot een (leeg) koopcentrum. Mensen hebben er duidelijk de weg heen nog niet ontdekt.

Design in de oude directeurswoning. Van luxe naar luxe.