Als leven lijden wordt

Ik loop verloren in de vele berichten, ben volledig opgeslorpt, volg de media tot in de kleinste details.

Het proces van Tine Nys.
Ik leef mee, wellicht te intens, maar ik kan niet anders.
Tien jaar geleden kreeg zij “de” euthanasie,  waar mijn bloedeigen zus heel lang heeft naar gestreefd. Haar werd het niet gegund, waardoor ze uiteindelijk verplicht werd tot een gruwelijke, jarenlang durende zelfdoding. Het klinkt contradictorisch, maar zij moest beleven hoe een zelfdoding twee volle jaren kan blijven aanslepen.
Wij, de ouders, de zus, de broer, ondergingen mee, en haar zo hopeloos weten, was ontzèttend pijnlijk.
Oude wonden worden nu terug open gereten, niet dat ze ooit volledig genazen, maar de tijd hielp de scherpe randjes slijten.

Net zoals Tine zat mijn zus middenin de pubertijd toen ze het heel moeilijk kreeg, ze ontdekte dat de wereld anders in elkaar zat dan ze had gehoopt, ze begreep maar niet waarom en hoe , ze was een intelligent meisje, een strevertje, ze wilde vooral goed doen voor haar omgeving, ambities waren soms te hoog gegrepen, de ontgoocheling was dan groot, want enig perfectionisme was haar niet vreemd.
Alles heeft ze uitgeprobeerd, medicatie, een hele resem dokters, nog meer psychologen en psychiaters, tot opname toe.
Haar doodswens werd er alleen maar sterker door.
Zonder reden, ze wilde hier simpelweg niet langer zijn.
Niemand leek haar te begrijpen, niemand kon helpen, van euthanasie was toen nog geen sprake.
Aarzelend vroeg ze me de nodige pillen, ik wist niet hoe èn kon het ook niet…. , wilde er voor haar zijn….

In de krant lees ik: ‘Tenslotte is dit ook een beetje het proces van de psychiatrie. Tine Nys is jarenlang behandeld geweest, intensief en adequaat. Toch bleef haar lijden duren…..
Psychiaters en psychologen buitelden over elkaar heen om te zeggen dat Tine borderline had en geen autisme, of autisme en geen borderline, of een beetje van allebei. Maar een therapie die aansloeg, hebben ze haar niet of niet meer kunnen bieden. Dat is het echte drama van heel dit verhaal”.
Ook bij mijn zus volgde nooit een echte diagnose, en leek iedereen elkaar tegen te spreken. En datzelfde verhaal hoor ik nog geregeld  in mijn omgeving.
Een moeilijke materie, dat brein.

Helaas, er lopen meerdere Tines rond. Ik lees in DS-magazine het droevige verhaal van Eva, het loopt parallel met dat van mijn zus. Allen waren ze ‘getekende vrouwen met veel capaciteiten‘……. ‘Ze wilde gelukkig zijn. Helaas de perfectionistische vorm van geluk, waarvan je weet dat die onbereikbaar is’
………
Als er al gezocht werd naar een verklaring, dan was het binnen het gezin. We werden op het matje geroepen, zo voelde het‘. Ook wij, broers en twee zussen moesten in gesprek gaan, samen met onze ouders, die het zo goed meenden. Wij genoten een veilige, warme thuis, en toch…. en toch….
Een blijvend schuldgevoel achtervolgde, als een schaduw, mijn ouders de rest van hun leven.

De vader van Eva ‘Ik voelde me vooral slecht omdat we als ouders zo weinig betrokken waren bij de opnames. We werden gedoogd. tegelijk raakten we ontgoocheld in onze verwachting dat al die artsen en therapeuten haar zouden helpen. Therapie is mooi op papier, wat stelt het in praktijk voor? Er is te weinig tijd en te weinig personeel voor individuele begeleiding, iets waar Eva nood aan had
Dit konden de woorden van mijn ouders zijn geweest…..

Nu staan hier drie dokters terecht voor gifmoord in het assisenproces, op plaatsen waar andere moordenaars en zware criminelen hen ooit voorgingen.
Dokters die Tine uit het lijden hebben verlost, wellicht doordacht en empathisch.
Indien mijn zus die dokters indertijd had gevonden, was haar lijdensweg minder gruwelijk geweest, net zoals die van ons.

Ik probeer te oordelen, noch te veroordelen, ik ken noch Tine, noch Eva, maar mijn zus mocht ik 27 jaar kennen, met ups en downs. Ondanks alles, hoorde je haar zelden klagen, haar véél te grote empathie en streven naar het perfecte geluk werden letterlijk haar dooddoeners, en dit zonder enige hulp van buitenaf, ze deed het (twee keer) moederziel alleen….

Ik heb veel respect voor prof Wim Distelmans.  “Ik ben erg kwaad, ik probeer me in te beelden hoe die artsen zich nu moeten voelen

Ik apprecieer heel erg jullie reacties, maar ga wellicht niet terug reageren.
Bij dit delicaat onderwerp hoort volledige vrijheid van meningsuiting.

 

Er hangt….

mist
….. veel mist in deze dagen
verdriet, gemis, in vlagen
het pijnlijke afscheid her-beleven
tussen herinnering en verlies zweven
de bron van thuis ontwricht
mijn keel knijpt bitter dicht
en dan heel onverwacht
overwint liefde dubbelzacht
fijn om er voor mij te zijn geweest
een veilige warmte die teer geneest
de mist trekt op heel diep in mij
dankbaar her-denk ik blij
ik zal in hun voetsporen treden
affectie delen uit m’n verleden
buiten blijft de mist halsstarrig hangen
maar onbevangen
bewandel ik tevreden gangen

De gele dag

wp-15791846252927971697301177542793.jpg

Een mislukking, die foto, de trein raast voorbij het landschap, of is het omgekeerd?, en de rammelende coupéruimte weerkaatst in het glas. Zelf ontdek ik er enige symboliek in.

Het belooft een rustige dag te worden, vier treinen, evenveel perrons, waar ik volkomen zen vitamine D opsnuif op een bankje in de zon. Dagblad bij de hand, ik lees elke letter (of toch bijna), smartphone zorgt voor andere (al dan niet) boeiende nieuwsjes.
Ik blijf op de hoogte, van de grote en kleine wereld.

Tot ik besef – 15 minuten voor aankomst- dat ik al die tijd vergat op te kijken naar voorbij(g)razende  beelden, reizigers die in- en uitstappen, de conducteur die me wakker schudt. Mijn blik richt zich naar buiten , ik besluit krant en telefoon te verbannen naar de handtas, na  nog snel een laatste fotootje te plukken, voor publicatie vatbaar, ondanks zijn nietigheid, maar de trein , die raasde verder.

Tussen het rijden door geniet ik anderhalf uur intens van de  kleinzoon.  Zijn kwebbeltje staat nooit stil, hij kijkt verwonderd rond en deelt spontaan wat hij ziet, hij voelt zich verrukt, alléén met oma, en ook mijn hart maakt een sprongetje.
“Oma, J is de oudste, L is de wildste en ik, ik ben de flinkste’ (Hij heeft het hier over de drie broertjes)
“Oma, ik vind jou de liefste van de hele wereld. (smelt-smelt) Mag ik nog eens met de trein mee naar jouw huis?”
“Oma vandaag is blauwe dag, ik wist niet dat jij zou komen, normaal kom jij op gele dag. Ga jij nu altijd ook op blauwe dag komen?’ ‘Neen ventje, dit is uitzonderlijk’, woonde je maar wat dichterbij, dan kregen alle dagen een extra kleur…..
Genieten met grote G!

Maar school en terugrit wachten, niemand heeft er echt zin in, ook de honden protesteren luid als ik ze terug richting hok leid. Tja….. mooie liedjes…..

Ik verlies me toch weer in de krant, de levenslessen van acteur en schrijver Rashif El Kaoul moeten nog even onder de loep worden genomen. Hij denkt zoals ik, niet zwart-wit, maar in vele grijstinten, wat hier vaak tot schuldgevoel leidt, want  zelden vertolk ik een uitgesproken mening.
Zo heb ik ongelooflijk veel schuldgevoel, en ik weet niet waarom, wat frustrerend is voor de ander en mezelf. Mijn verlangen om niemand voor de borst te stoten is gewoonlijk groter dan het verlangen om gehoord te worden“.

Hij heeft het ook over de muur die vaak ontstaat als mensen zich tegenover elkaar (en dit van beide kanten) niet kwetsbaar durven of kunnen opstellen. Met broze breekbaarheid heb ik geen probleem, wel met die muur.

En tenslotte vertelt hij nog het verhaal over twee oosterse monniken , een oude en een jonge, die langs de rivier lopen.
Aan de oever staat een mooie, jonge vrouw die naar de overkant wil.
Hoewel dat volgens zijn orde niet mag, zegt de oude monnik “spring maar op mijn rug, ik breng je naar de overkant”.
Na een half uur zegt de jongste monnik “Je had dat beter niet gedaan, het mag niet”. 
En de oude monnik antwoordt “ik heb die vrouw een half uur geleden weer neergezet, maar jij draagt haar nog altijd met je mee”
Gedachten komen, maar je moet ze ook kunnen laten gaan”

Wijs man!

Vandaag heb ik negen km in de benen, daar moet ik later gegarandeerd voor boeten, maar ze waren het méér dan waard!

 

Kerstopruim

Neen, nog niet, enkel hier en daar in verloren hoeken en kanten. De witte takken met winterse ventjes blijven hier nog even de show stelen, als wollige tegenpool voor het natte, donkere (herfst)weer buiten.

De schouw is ontmanteld, de lichtjeskoord vol kaarten met lieve wensen is voorzichtig verwijderd, alles oogt weer rustiger.

Ik herlees de wensen één voor één, een laatste keer.
Veel gezondheid en tevredenheid is me toebedeeld. Duimen in de lucht. Dit kan toch niet mislukken?
Een groot deel verdwijnt bij het oud papier, een verzamelaar ben ik niet. Ons huis is vol. De mooiste, meest ‘eigen’ wensen houd ik bij, in een aparte doos, voor wie weet -ooit- mijn oude dag??

De aller-aller-persoonlijkste wensen, zo perfect op mijn maat gesneden, stralen een speciaal gevoel op me af, zij blijven enkel in mijn  hart én schuif bewaard.
De zelfgemaakte kaart met ontroerende woorden van de kleindochter krijgt dé ereplaats.

Leuke originele woorden krijgen hier nu een plekje.
Woorden die me ergens hebben geraakt.
Woorden met waarheid in geborgen.
Woorden met veel warmte verstuurd.

 
What if I fall?
Oh but darling,
What if you fly?

Wandel over de wolken naar de zevende hemel”

Zoete zondagen
mysterieuze maandagen
dankbare dinsdagen
wonderbare woensdagen
dromerige donderdagen
vriendelijke vrijdagen
zorgeloze zaterdagen
het hele jaar door

Everything is possible in the new year” (was het maar zo…)

Elke dag belooft me en ik beloof de dag” (Raymond van het Groenewoud)

ik wens je
altijd een weg
altijd wind in de rug
altijd zon
altijd zachte regen
altijd iemand die je nodig heeft
altijd iemand die je overeind houdt
altijd iemand
altijd

tijd
tijd om te maken
tijd om te hebben
om te genieten
te luisteren
te troosten
te tranen
te lachen
te beminnen
om tijd te geven
aan hen
met weinig
tijd

 

 

 

 

zwevend de dag door

De hoed van de man grijp ik van z’n hoofd en zwier hem (de hoed  uiteraard) ver weg. Hij kijkt verbaasd, geen zuchtje wind te bespeuren?
Bij het kraampje grijpt mijn snelle hand een roze donut, deze verdwijnt in happen in  leegte. Mevrouw is boos,  weet niet goed waarom.
Vier meisjes binden de fietsen aan elkaar  en racen  het grote gevaarte vrolijk lachend door de straten. Zachtjes grijp ik het eerste stuur  en laat hen eindeloos rondjes rijden, gillend gieren ze het uit, ‘wat doet die eerste meid toch gek’.
Die rode pet wacht uitnodigend bij een open kraampje, gretig gritsen en graaien  mijn dolle handen, ze belandt fladderend op de kale kruin van de oudere man in strak kostuum, hij lijkt geërgerd, de omgeving schiet in een kramp.

Gewichtloos trek ik me vrij van de zwaartekracht, ik zweef heerlijk en laat geen witte sporen na, de hoogte lokt en lonkt, de blauwe hemel, even overweeg ik vogel tussen de vogels te zijn, maar de mensenwereld blijft aantrekken, grappen en grollen, vrank en vrij.
Ik ben  onzichtbaar, een heimelijk verborgen vliegend wezen.

Iemand die geen fantasie heeft
staat op de aarde
hij heeft geen vleugels;
hij kan niet vliegen.
(Inayat Kahn Indiaas filosoof)

Fantasie is mij niet vreemd. Ik kan dus vliegen. De interpretatie is niet echt correct, maar ik vul ze graag in volgens eigen stramien.

Twee maal dreig ik te ontwaken, twee maal slaag ik erin me terug omhoog te dromen en te vlinderen boven de aarde, kijken zonder gezien te worden, vliegen onder de prachtig blauwe hemel, de hemel heeft me in zijn  macht.

Dan word ik wakker, er is geen ontkomen aan, ontroerd en verrukt, uit deze betoverende droom. Soezend breng ik hem terug voor de geest, ik herinner me de vele details, een geweldig avontuur is mijn wonderlijke vriend bij het ochtendgloren.
De blauwe hemel is er, de aarde trekt aan me, ik ben er echt…..
Mijmerend in  heimwee geniet ik rustig na, de klussen hebben tijd.
Dromen geven vleugels.

Dilemma

Na een fijne, deugddoende én inspiratievolle vriendinnenbabbelkletsnamiddag, besluit ik de laatste vier km te stappen, fiets aan de hand, want die is nu éénmaal mijn trouwe metgezel. Het klinkt sportief, ontspannend, dé ideale beweging na ettelijke zituren.  Vooral broodnodige spierbewegingen na mijn vieze vuile val van gisteren, simpelweg over twee onnozele trapjes, die ik overigens al jaaaaaren ken….

Ik ben over halfweg, het is donker, de straatverlichting wijst behulpzaam de weg naar huis. De witte bestelwagen stopt 50 meter voor me, hij blijft pinken, niemand stapt uit. Gezwind stap ik voorbij, de bestuurder heeft het raam geopend, wacht me duidelijk op en vraagt vriendelijk:
Heb je fietspech, mevrouw? Ik kan je gewoon thuis brengen, fiets in de koffer’.
‘Neen hoor’, antwoord ik even vriendelijk, ‘ ik wil enkel een andere beweging’.
Prima, ik dacht dat je in de problemen zat’
‘Heel lief van jou, superdikke merci! Ik ben aangenaam verrast’
Byebye, veel plezier nog’
‘Dank je nogmaals’
Ik denk ‘weinigen deden het je voor…’

De voeten stappen ijverig  verder, de radertjes gaan terstond in werking.
Wat als ik écht pech had, mijn fiets loodzwaar moest meeslepen?
Zou ik dan zijn ingestapt?
Ik geloof stellig in het goede van  elke mens, sommigen noemen me naïef. Die man leek 100% betrouwbaar en attent.

Ik kom thuis, aangenaam moe, voldaan na een fijne dag, en weet nog steeds niet in hoeverre je op zo’n sympathiek aanbod kan ingaan?
Jammer toch, niet echt durven vertrouwen op de heerlijk uitgestoken helpende hand….

 

Ramses wist het al

Het huis kleurt wit, vele bloemen stralen haar ’s ochtends een fijne dag toe.
De lage kast kaartjes-vol, hier is iets aan de gang, de hele week leeft ze ernaar toe, of toch niet?, weer een jaartje extra op die teller?!
Het roze glaasje en de lekkere hapjes met vriendin hebben haar zalig verwarmd.

20191114_1306483447021230872806610.jpg

Buiten waait een ijzige wind in flinke sprint
De ober is attent en verwent.
De hapjes verrassen en overklassen.
Het eten ruikt heerlijk begeerlijk.
Stemmig herfstlicht zorgt voor sfeer, smaakt naar meer.
Het glaasje rosé duur, puur  maar perfect op temperatuur.
Ze nipt met kleine teugen en verankert in het geheugen.

Het onverwachte mailtje van een stille bloglezer ontroert, haar ogen worden vochtig, complimentjes doen wonderen, kunnen overdonderen.

Toegestuurde fotootjes van de reizende zoon en lief lief in het ruwe, ijskoude, Engelse natuurgebied charmeren, enthousiasmeren, zij nipt de hete thee, geniet mee, warmte daar in ijskoude sneeuw.

De baksteen op de maag blijft baas
dromen over terug naar toen wordt een waas
Dapper slikt ze dat traantje weg
herkauwt en omlijnt de pech
Plots dringt Ramses Shaffy binnen
Ze zal deze storm overwinnen.
Ze gaat mee
recht in de  wilde zee
De tijd zal keren
aanvaarding leren

Als ’t stormt rond je schip
Ga mee, ga mee
Met de storm die je voert naar een wilde zee
Want de macht is te groot
En te klein is jouw boot
En de tijd zal ’t getij weer keren
…………………
Als ’t stormt in je hart
Ga mee, ga mee
Met de storm die je voert naar een wilde zee
Zet het anker niet uit
Red niet je huid
Want de tijd zal ’t getij weer keren
Als ’t stormt in je hoofd
Ga mee, ga mee

En als je prachtige melodie wil genieten, luister hier :