De gele dag

wp-15791846252927971697301177542793.jpg

Een mislukking, die foto, de trein raast voorbij het landschap, of is het omgekeerd?, en de rammelende coupéruimte weerkaatst in het glas. Zelf ontdek ik er enige symboliek in.

Het belooft een rustige dag te worden, vier treinen, evenveel perrons, waar ik volkomen zen vitamine D opsnuif op een bankje in de zon. Dagblad bij de hand, ik lees elke letter (of toch bijna), smartphone zorgt voor andere (al dan niet) boeiende nieuwsjes.
Ik blijf op de hoogte, van de grote en kleine wereld.

Tot ik besef – 15 minuten voor aankomst- dat ik al die tijd vergat op te kijken naar voorbij(g)razende  beelden, reizigers die in- en uitstappen, de conducteur die me wakker schudt. Mijn blik richt zich naar buiten , ik besluit krant en telefoon te verbannen naar de handtas, na  nog snel een laatste fotootje te plukken, voor publicatie vatbaar, ondanks zijn nietigheid, maar de trein , die raasde verder.

Tussen het rijden door geniet ik anderhalf uur intens van de  kleinzoon.  Zijn kwebbeltje staat nooit stil, hij kijkt verwonderd rond en deelt spontaan wat hij ziet, hij voelt zich verrukt, alléén met oma, en ook mijn hart maakt een sprongetje.
“Oma, J is de oudste, L is de wildste en ik, ik ben de flinkste’ (Hij heeft het hier over de drie broertjes)
“Oma, ik vind jou de liefste van de hele wereld. (smelt-smelt) Mag ik nog eens met de trein mee naar jouw huis?”
“Oma vandaag is blauwe dag, ik wist niet dat jij zou komen, normaal kom jij op gele dag. Ga jij nu altijd ook op blauwe dag komen?’ ‘Neen ventje, dit is uitzonderlijk’, woonde je maar wat dichterbij, dan kregen alle dagen een extra kleur…..
Genieten met grote G!

Maar school en terugrit wachten, niemand heeft er echt zin in, ook de honden protesteren luid als ik ze terug richting hok leid. Tja….. mooie liedjes…..

Ik verlies me toch weer in de krant, de levenslessen van acteur en schrijver Rashif El Kaoul moeten nog even onder de loep worden genomen. Hij denkt zoals ik, niet zwart-wit, maar in vele grijstinten, wat hier vaak tot schuldgevoel leidt, want  zelden vertolk ik een uitgesproken mening.
Zo heb ik ongelooflijk veel schuldgevoel, en ik weet niet waarom, wat frustrerend is voor de ander en mezelf. Mijn verlangen om niemand voor de borst te stoten is gewoonlijk groter dan het verlangen om gehoord te worden“.

Hij heeft het ook over de muur die vaak ontstaat als mensen zich tegenover elkaar (en dit van beide kanten) niet kwetsbaar durven of kunnen opstellen. Met broze breekbaarheid heb ik geen probleem, wel met die muur.

En tenslotte vertelt hij nog het verhaal over twee oosterse monniken , een oude en een jonge, die langs de rivier lopen.
Aan de oever staat een mooie, jonge vrouw die naar de overkant wil.
Hoewel dat volgens zijn orde niet mag, zegt de oude monnik “spring maar op mijn rug, ik breng je naar de overkant”.
Na een half uur zegt de jongste monnik “Je had dat beter niet gedaan, het mag niet”. 
En de oude monnik antwoordt “ik heb die vrouw een half uur geleden weer neergezet, maar jij draagt haar nog altijd met je mee”
Gedachten komen, maar je moet ze ook kunnen laten gaan”

Wijs man!

Vandaag heb ik negen km in de benen, daar moet ik later gegarandeerd voor boeten, maar ze waren het méér dan waard!