Niet ‘mist’evreden met Toon Hermans.

Ja, er moeten mensen zijn
met tranen als zilveren kralen
Die stralen in het donker
En de morgen groeten
Als het daglicht binnenkomt op kousenvoeten

Voor één keer hoor ik bij die mensen, die fotootjes maken terwijl het ochtendzonlicht schittert op witte rijmsporen. Ik gun mezelf geen tijd om me aan te kleden, en overwin ijzige kou om zoveel rijkdom in beeld te brengen.
Ik kan enkel hopen dat buren achter veilig glas geen beelden schieten van het tafereel dat zich hier afspeelt, de gejaagde dame op blote voeten (en nog meer bloot) die ijverig met apparaat de hof doorkruist.
Stel je voor dat de zon zoveel krakende schoonheid helpt smelten…

bevroren viooltjes

Er moeten mensen zijn die zonnen aansteken
Voordat de wereld verregent
Mensen die zomervliegers oplaten
Als ’t ijzig wintert
En die confetti strooien tussen de sneeuwvlokken
Die mensen moeten er zijn

Een stralende zon overspoelt het wit in de tuin. Vandaag kan ik niet binnen blijven, kijken en beleven is de boodschap.
Het Pajottenland roept, heuvels, vergezichten, zoon en schone dochter als prachtig ‘excuus’.
Te lang geleden dat we elkaar in levende lijve zagen.
Op amper vijf kwartiertjes rijden met de auto, hoe klein kan de wereld zijn.
Zoon gaat de wandeling uitstippelen en vraagt naar mijn ‘eisen’.
Amper ééntje, vooral héél véél verre einders.

Onderweg daarheen overvallen onverwacht dichte mistbanken ons, we zien geen steek, de mistlamp moet dringend aan, maar…. het knopje lijkt spoorloos?! We zoeken….. nog steeds….
Bij aankomst -op de tast- bij het boshuisje, blijft mist hardnekkig volharden. Bemutst en ge-dikke-jast trekken we een mysterieuze omgeving in, ademen pure mystiek, een paar meter verderop is enkel vage duisternis merkbaar, zoon vertelt wat we in zon hadden kunnen genieten (drie werkwoorden op rij, want het was veel!), hoe mooi de verre uitzichten op de top van de heuvel wel zijn, we beelden het ons graag in, met de nodige fantasie ‘zien’ we hoe geen huis de rust hier verstoort en golvende natuur voor panoramische plaatjes zorgt.
Ik had dan ook maar één eis, vooral héél véél verre einders.

Er moeten mensen zijn die op een stoel gaan staan
Om sterren op te hangen in de mist
(Toon Hermans)


fijne dingetjes

Van het vele werken wordt een mens toch moe
Graag willen we ontspannen, weten nog niet hoe
Over het knutselwerk om de kindermuur te bekleden
Zijn we eigenlijk best wel heel tevreden

Pauze dus dubbeldik verdiend, fietsen in de zon
Warm drankje, conditio sine qua non
Die gluhwein, lekker heet, en zomaar onderweg
Afkoeling bevechten met slagroom als wafelbeleg

Met de dartele logee wandelen we kilometers lang
Als beloning een schitterende zonsondergang
Hij geniet, trekt vrolijk aan de lijn
Ravotten in overdrive, hij krijgt ons niet klein



Elk nadeel heb se voordeel

Het vieze C-beestje blijft halsstarrig onderwerp van de dag op het journaal. Het gaat (te?) langzaam de goede kant uit met de besmettingen, er wordt gewag gemaakt van een vaccin, meerdere zelfs, maar liever wacht ik ‘geduldig’ af, de tijd zorgt voor de goede raad en we zien wel wat de toekomst in zijn verrassend petto heeft.

Toch vallen er – ik geef toe, énkel voor mij persoonlijk! Een mens mag al eens egocentrisch zijn- een paar aangename kantjes te bespeuren.

Zoon en schone dochter vertrokken niet op onbestemd avontuur naar het andere eind van de wereld. Hopelijk krijgen ze de smaak te pakken van het gezellige nest in het bos. En komt voor één keer van uitstel afstel. Ik vind het gewoon super leuk hen in de buurt te weten, ook al blijven er nog 100 kms te overbruggen. Een peulschil in vergelijking met de gevreesde 24 vlieguren.

Schaar, lijm, papier en verf, meer is niet nodig om ons huis op te fleuren. Je op vakantie wanen in eigen woonst, heerlijk!, kamer(tje)s krijgen een nieuwe speelse look, na vele jaren van sobere tinten. Ik kies en keur, manlief plakt en knutselt, het resultaat stijgt -telkens opnieuw- boven alle verwachting uit.
Happy colours in onze eigen bubbel.

De kleinzonen zijn net beatletjes. Kappers blijven gesloten, haren groeien tot stevige bossen, ik loop niet zo hoog op met brossige kopjes, maar dit had je uiteraard al door.

In november heb ik gestapt naar Oostende en terug, mijn App als stille getuige, niet altijd evident voor mij. We genoten ook nog vier 50km – fietsdagen, enkel het terras ontbrak, maar we hebben vooral een fijne neus voor ijs- en smoutebollenkramen.

De 2021-wensen zijn geschreven. Kaarten maken is een leuke hobby, adressen schrijven kent hier te vaak eindeloos uitstel. Dus vat ik de koe bij de horens op deze koude, grijze, vrij(e)dag en een stapeltje eigen creatie ligt klaar voor verzending. Wie graag post ontvangt, gelieve je adres door te geven.

Morgen testen we een creatief experiment uit, de goedheiligman zal digitaal onze living binnendringen, vele blije kindersnoetjes incluis.

Deze morgen weerkaatste onze kale boom prachtig in het hoekraam. Een afsluit-fotootje waard.

Donkerte heeft ook lichte toetsen (Meghan Remy)

Bij het ochtendgloren – het klinkt poëtischer dan het is, want ik ben verre van een ochtendmens – beslissen we die toetsen op te zoeken, de zon straalt, de lucht blauwt beloftevol.

Op amper twee kilometer van het huis van de zoon (een toilet in de buurt is handig in deze barre tijden), ligt een prachtig natuurreservaat, 230 hectare groot.
De Bourgoyen op een boogscheut van Gent, je houdt het bijna niet voor mogelijk!, dankt zijn naam aan de Hertogen van Bourgondië uit een ver verleden. ‘Berg’ als zandwegel op hoogte en ‘ooie’ van laag drassig grasland ontdek je, met wat creativiteit, in de sierlijke naam.

Verschillende ingangen en uitgestippelde wandelwegen zorgen voor een rijke variëteit aan mogelijkheden. Wij kiezen de langste route, ongeveer zes km, kleinzoon sputtert even tegen, ‘zoooo laaaaang’, kleindochter vertelt en geniet. Samen wijzen ze ons de staproute, doelbewust de wegwijzers negeren is dus onze boodschap.

Vogels, ganzen, steltlopers, minstens 8 verschillende soorten eenden verrassen vanuit de vogelkijkhut. Een paar bezoekers hebben zich reeds gezellig geïnstalleerd, waaronder drie verrekijkers en een immense lens. De ruimte is groot, we turen, ‘kijk, een vos’ en ‘zie de uil in de verte’….. Ai neen, we zijn onze verrekijker (weeral) vergeten, een must uiteraard, en doorgeven is nu geen echt goed idee.

Een biodrankje of Gageleer op het terras met prachtig zicht op de weidse vlakte zit er nu niet in.
Een stille zucht én groot gemis….. het is wat het is….. dikke, dikke helaas.
Gageleer is een donkerblond bier, gemaakt volgens een oeroud bio-natuurrecept, met pittige reuk en smaak van de gagel, die groeit in moerassig gebied en gecontroleerd wordt geplukt ten voordele van de natuur.
We wandelen verder, de zalige zon en blauwe lucht maken de omgeving extra mooi, extra groen, extra fijn.

De weg leidt ons langs vele meersen, restanten van -in de winter- geregeld ondergelopen grasvlaktes. Houten vlonders houden onze voeten droog en het enthousiasme erin.

Toch wel jammer dat te-veel mensen blijkbaar de weg vonden naar dit prachtige gebied. Eerlijk?, ik zal blij zijn als de winkels terug openen en we niet met zijn allen naar ‘dezelfde stilte’ op zoek moeten gaan.


De geschiedenis en het nu

Soldatenkerkhof Tyne Cot

De poort naar de Britse militaire begraafplaats staat open en bezorgt ons een indrukwekkend verstillende blik.

12 000 witte zerken als eerbetoon voor veel te jong gestorven mannen en mooie rode bloemen getuigen van een wreed verleden in de bloederige slag om Passendale, die net 100 dagen duurde.
Britten speken over het dal van het lijden (Passion Dale).

En toch staat de poort naar de vrijheid én de blauwe hemel voor ons terug open. Ook al voelen we ons deze dagen soms gevangen……

Fietsend doorheen de Westhoek, ontmoeten we groene weidse rust en de zachtwarme novemberzon.
Waar blijft de hete koffie?

Moeder en zoon in discussie. Overwegen we nog een bezoek aan het Duitse Cemetery in Langemark of kiezen we voor de (beloofde) ondergaande zon?

Duits kerkhof in Langemark

We komen er niet uit. Een compromis dringt zich op. En wat voor één!
Het wordt een beladen, maar prachtige dag, over verleden en heden, over toekomst en herkomst, over oud en koud, over natuurlijke rijkdom en Amerikaans dom, over walsen op de cosinus x + 1.

Een warme welkom van het enthousiaste kleine grut wacht ons op.

Over dipjes en on-dipjes

De ochtendstond heeft een dip in de mond. Grijs-weer-groet als ik de draperieën open. Wind en regen huilen om ter hardst.
Een moe-deloosheid overvalt me, ik ben moe van het eindeloos piekeren over wat wel of niet kan, over waar ik goed of fout bezig ben, over de slechte corona-cijfers en wat ik durf ‘riskeren’, over wie ik nog in huis toe laat en wie niet, ik wankel tussen ja en neen, dat drukt op de stemming.

De nieuwbakken 65-jarige minister Vandenbroucke – die ik overigens erg naar waarde schat- raadt aan om de buiten-gezin-contacten tot drie te beperken, bitter weinig toch…. Gaan we terug naar af?

De regen maakt plaats voor een donker wolkenspel, best wel mooi. Langer binnen blijven zit er niet in, we rijden richting het buitenland! Hulst, op amper 15 km, here we come!
De wallen zijn altijd een heerlijke verademing in de wind, vergezichten op water en bossen langs de ene zijde, het gezellige stadje langs de andere kant.
In onze stambrasserie geniet ik mijn warme chocolademelk met advocaat, lèkker!, maar behoorlijk zwaar. Voor de vijfde keer op rij moet ik toegeven dat ze eigenlijk geen spek naar mijn bek meer is, de maag sputtert, of was het de bijhorende pannenkoek?, want de cholesterol wordt verzorgd vandaag. Stoot een ezel zich ook vijf keer tegen dezelfde steen?

Ondertussen gaat ook de zon overstag, ze straalt, aanvankelijk zachtjes doorheen de wolken, maar steeds uitbundiger, de lucht klaart blauw, nieuwe energie overspoelt mijn lijf, een tweede keer wandel ik over de walletjes want plaatjes kleuren nu anders, levendig.

Breda

We ontdekken Breda met hele brede lanen en prachtige omgeving. Buiten is het snikheet, hoogzomer in september, maar tussen de vele bossen is het aangenaam fietsen.

De ‘lekkere’ bloemen tronen me binnen in de gezellige foodmarkt met mooi interieur. Bierflesjes krijgen dubbel doel, eerst lekker, vervolgens kleurrijk.

Zelf heb ik een zwak voor begijnhoven, er straalt rust en sereniteit. Je even terug wanen in wat voorbij is garandeert een nostalgische sfeer. In België vinden we er nog in vele steden, Nederland heeft er nog amper twee, Amsterdam en Breda. De huizen staan rond de ‘bleekweide’, waar in een ver verleden eigen linnen én voor derden werd gebleekt. Onder invloed van de zon krijgt het linnen een frisse geur en blanke kleur.
Nu is die ruimte omgetoverd tot een door de stad perfect onderhouden kruidentuin, meer dan 300 soorten met bijhorende naam. Het rozenkransje of Antennaria dioica ligt er op zijn heilig plaatsje.
Er wonen nu enkel vrouwen, gescheiden, single, weduwe…..
Op de foto zie je de laatste twee begijnen.
De glazen bol weerkaatst de stilte.

Het is prinsjesdag in Nederland, de halve bevolking kleeft aan het scherm, vandaar de rust in de stad wellicht. We waren ons ‘van geen kwaad’ bewust.

We laveren doorheen het prachtige Mastbos, méér dan een bezoekje waard! de verdere heidebossen, die beschermen tegen de soms ongenadige zon.
We hebben reuze-dorst in Dorst, we vinden er niet direct een rustplekje, tot onverwacht houten zetels opduiken, de overburen van deze schaars bewoonde wereld hebben die er geplaatst voor de vermoeide bezoeker, tafeltje incluis. De joviale bewoners zitten in eigen hof aan de overkant, roepen ons toe ‘geniet het prachtige plekje’, en dat is het!, en ‘de koffie komt er zo aan’, maar die blijft uit.
Een babbel leert ons dat er een connectie is tussen onze stad Sint-Niklaas en Breda, via het oorlogsverleden. Vele vluchtelingen trokken in 1940 tevoet! uit Breda hierheen om in een school onder te duiken, tot Duitse bommen de school volledig vernietigden, veel te veel slachtoffers.
Het monument in de Gasmeterstraat, dat wij nog nooit ontdekten, schande!, als stille getuige.

In de voormalige boswachterij (in Dorst, jawel) botsen we op Beum, een monumentaal pand met mooie tuin, waar lekkere kokosijs en ananas ons wordt aangeboden door mensen met een licht verstandelijke beperking, die moeilijk een plaatsje op de arbeidsmarkt vinden. Het initiatief is meer dan een stop waard.
Het blijft een stille droom om op zo’n locatie vrijwilligerswerk te kunnen doen….

Just a perfect day

De combinatie van beide fotootjes is écht wel broodnodig. Kijk goed je ogen uit! 🙂

Hoofd omhoog, neus in de wind, voeten op de trappers, frisse lucht stroomt binnen, ogen be- en verwonderen.
Stukjes kroost en kleinkroost leiden ons de groene wereld rond Drongen binnen. Er staan 40 kms op het programma, langs Bellem, Lotenhulle en Nevele, maar ‘oma, als papa over 40 spreekt, worden het er altijd meer’, zij krijgt gelijk, we trappen er 47.
Ook die jonge voetjes, dikke pluim van oma én een heerlijk terras en gezellige zeteltjes met ijs, drankje én twee grote trampolines verdiend. Plots lijkt elk spoor van vermoeidheid verdwenen, en springen en buitelen ze er eindeloos op los.

Kleinzoon rijdt altijd op kop, hij heeft onuitputbare wielerbenen, aardje naar zijn vaartje.
Zijn cross tegen oma wint ze niet, batterij noch stevig enthousiasme van mijn kant helpen. Ik zie op mijn schermpje hoe hij vlot de 28 km per uur haalt, uitgeput moet ik bekomen, hij straalt trots en blijheid, geeft geen krimp van vermoeidheid.
Het licht-gewicht speelt in zijn voordeel, monter ik mezelf op. Dan maar weer gaan lijnen?!
Of is het toch gewoon de leeftijd?! Ik houd het op het tweede. Magere troost.

Kleindochter houdt dapper vol, het tempo van het jongere broertje ligt net iets te hoog, geen ramp, oma past zich met veel plezier aan en laat de mannen de kop trekken. Op km 42 lijkt ze te begeven, de donderwolk op haar gezichtje spreekt boekdelen, ‘die papa ook die zich nooit houdt aan zijn belofte, ze zijn al 2 km overtijd’….. Oma geeft graag een duwtje in de rug, met den elektriek is dat een peulenschil, hij trekt graag voor twee, we vliegen vooruit, en komen allen samen bij de eindmeet. Geslaagd!

Oh, it’s such a perfect day
I’m glad I spent it with you
Oh, such a perfect day
You just keep me hanging on
You just keep me hanging on
(Lou Reed)

Dijken trappen

Heerlijk geïnspireerd door de prachtige fietsblog in de Zak van Zuid-Beveland van Matroos Beek, kiezen ook wij een zon-trap-vrij-dag uit.

Als vurige fans van de ANWB fietsgidsen hebben wij alle acht exemplaren in ons bezit (voor geen geld). De boekjes dekken samen volledig Nederland, elk met ongeveer 30 prachtige (de eerste tegenvaller moeten we nog doen?) fietsroutes via het knooppuntennetwerk.
Wij lijken wel een levende reclame, fietsvrienden kopen ze nu aan, na een route met ‘onze kennis’.

De keuze valt, je weet wel, met dank aan Bea, op de Bloemdijkenroute, die wat kort uitvalt (34 km), we breiden ze dus zelf verder uit tot een mooie 50 km.

Snel een parkeerplaats zoeken in ’s Gravenpolder, vlak aan de kerk, de fiets opwippen en vertrekken onder een stralend blauwe hemel. We hebben er echt zin in.
Doorheen rustige polders en kleine dorpjes vinden we een rust-eet-plekje bij Koek en Leut in Nisse, met een beschermd dorpsgezicht op het groene kerkplein en een prachtig oud centrum. De klokken van het mooie kerkje verwelkomen ons feestelijk.
De oude Vaete, de vroegere dierendrinkplaats, is er nog steeds.
Even heel jammer als een stevige motard de rust komt verstoren, tot de man heel erg sympathiek blijkt te zijn, en we de lawaaierige aankomst best wel willen verdragen. Daar gaat het vooroordeel….

I love Zeeland

De vele dijken zijn stille getuigen van de verovering van de mens in de middeleeuwen op de zee.
Kleurrijke bermen verklaren de naam van deze fietsroute.
In Ellewoutsdijk, in het Zeeuws Ellesdiek, bleven -ondanks het oorlogsgeweld- nog oude woningen over, die het dorpje heel sfeervol maken. De stilte is hoorbaar. We luisteren, staan stil, muisstil, genieten pure rust. Geen kat te bespeuren, op die oude grijze na, die even komt flikfooien, blij met een levende ziel. Waar zijn de meer dan 400 inwoners?!

Buiten het dorpje gaat de weg steil omhoog met een weids uitzicht over de schorren en de Westerschelde als beloning. Terneuzen, Vlissingen en Breskens aan de skyline.

Via Oudelande, Baarland en Hoedekenskerke fietsen we de Brilletjesdijk over. De Welen, in het verleden ontstaan door dijkdoorbraken van de zee, liggen er als brillenglazen rustgevend naast elkaar. Bijzondere vogels kan je er spotten.

Geen Zeeland zonder een terras aan het water. “De Landing’, in het meest Zuidelijk punt van zuid-Beveland, wacht ons gastvrij op met het mooiste tafeltje op de eerste rij (wie even geduld heeft, wordt altijd beloond) en een prachtig uitzicht over de Westerschelde en zijn grote (vooral) MSC gevaarten.
We besluiten tot aan het water te stappen, de golfslag te horen. Vanop ons zitje zagen we hoe andere mensen het ons voordeden. Het lijkt veilig. Dat diezelfde mensen hun schoenen hebben uitgedaan was ons ontglipt. We wagen ons steeds verder, tot we bijna volledig wegzakken in het dikke slib, op kousenvoeten keren we snel onze kar. Schaarse graszoden doen dienst als schoen-oppoets, het mag niet baten, het lukt matig, wat.een.viezigheid!
Schuren over de pedalen helpt ook een beetje.
We vermijden de meewarige blikken in onze richting…..

Langeweegje (wat een mooie dorpsnaam) brengt ons terug naar de auto.
Het dagje zee, groen, polders, veel fruitteelt waar de peren in grote houten kisten zomaar voor het grijpen liggen, wij gedragen ons!, de frisse lucht, benen in voortdurende beweging, schaapjes in alle maten en gewichten, knusse dorpjes en heel veel dijken hebben ons meer dan aangenaam verrast.
Samen met de blog van matroos en de boekjes een échte aanrader.

De grote starters H als klein bewijsje dat ik de nieuwe blogoutfit met vallen en opstaan begin te snappen. En de grote L kreeg ik zomaar, gratis voor niets bij, en krijg ik niet meer weg…..
Om dan te ontdekken dat bij lezen op de smartphone de beide grote letters zelfs compleet verdwijnen…. Begrijpe wie kan.