Gastblog van manlief

Ondertussen is ‘manlief’ terug thuis. Drie dagen fietsen met zoonlief nopen tot enige reflectie, voor wie erin geïnteresseerd is? Best beginnen bij enige ontnuchtering voor deze 61-jarige met stramme spieren die helemaal niet meer opgewassen is tegen het tempo en de afstanden die zoonlief met gemak aanhield. ‘Zeg pa, ’t gaat niet meer zoals vroeger hé’, waarna hij mijmerde over tochten in de Vlaamse en andere Ardennen. Maar zich ook herinnerde dat de pa toen ook al ‘bloed in de mond’ had, sic! Het begon nochtans behoorlijk, bedoeling was om de eerste dag 60 à 70 km te doen: van Rotterdam over Delft naar Leiden. Ontnuchterend voor hem was de vaststelling dat hij – globetrotter tout court – zich niets meer van Rotterdam herinnerde. Hier lag een uitgelezen kans voor de pa om zijn prille gidskennis boven te halen. Hotel New York – zoon, dat je dat niet kent – was de vertrekplaats voor de landverhuizers. De Erasmusbrug: 196 m hoog en 300 m lang, waarbij pa even buiten de waard gerekend had. Zoonlief haalde de smartphone boven om te checken: 136 m hoog en 800 m lang. Vergeef het me, zoonlief, ik wist niet dat deze gidsbeurt vandaag voor te bereiden was. Op dus naar de Markthal voor een welverdiende koffie op deze uiterst gezellige (multiculturele) plaats. Maar eerst zoonlief even (20 minuten, langer mag niet – strenge pa, nietwaar) de kans geven om de kubuswoning te bezoeken. Dat kost slechts 3 EUR en wat belangrijker is: de gids had – tenminste wat dat betreft – toch gelijk. Zo vertrokken we uiteindelijk – na 3 uren bezoektijd in plaats van het voorziene 1 uur – toch uit Rotterdam. Langs de haven waar toch nog enig oponthoud was: een gezellig marktje bij gelegenheid van de Havendagen (een aanrader voor volgend jaar, heel veel animatie en interessante zaken te bezoeken), zoonlief kocht er 2 zeeroversvlaggetjes voor achterop de fiets. De volgende dagen zou hij er veel aandacht mee trekken. Opzet geslaagd, minstens bij het bange kindje op de fiets van die mama: ‘Kijk, een zeerover!’, waarna het duidelijk getraumatiseerd haar hoofdje achter mama’s rug verborg.
Eindelijk in Delft, een mooi stadje – typisch Hollands – met watertjes in de binnenstad. Duidelijk is dat zoonlief er ook van geniet. Niet alleen van het landschap – groene weiden doorspekt met water – maar ook van de Hollandse sfeer. Sommigen zouden het kneuterigheid noemen, echter niet voor dit gezelschap. Een lekker appelgebak met slagroom en koffie laat ons even vergeten dat de hevige wind mogelijk een onweer aankondigt. Wat zou het, we hebben nog slechts 30 km te rijden vandaag.
Als we aanzetten is er van onweer geen sprake meer. Een sober zonnetje maakt de weiden nog groener en wij fietsen heerlijk langs het mooie kanaal richting Leiden. Deze route gaan rakelings naast Den Haag, de vele aanlegsteigers en bootjes maken het pittoreske beeld van Holland aan het water expliciet. Heerlijk wonen moet het hier zijn. Door al die schoonheid doen we hier en daar nog een knooppunt meer aan, we kunnen er niet genoeg van krijgen. Daardoor is het arriveren in Leiden minder geslaagd, de dag is al te ver gezet. De honger knaagt en pa ziet al erg uit naar de douche, het biertje en het avondmaal. Hopelijk krijgen we dat nog in ’t hotel, want we hebben niet gereserveerd voor dat eten: een foutje – dat zal zoonlief later op de avond – bij ’t betalen van de rekening – grif toegeven. Terloops, verrassend is dat wij allebei blijken te houden van een lekker maal, eerder had ik daarover een vermanende vinger van de zoon verwacht. Hij is dat comfort – noem het gerust verwennerij – helemaal niet gewoon. Hoe een mens zich gemakkelijk aanpast, verwonderlijk toch 🙂
Over de nacht in Leiden valt niet veel te zeggen, ik sliep heerlijk en teisterende mijn zoon met enig hemeltergend gesnurk. Maar in de ochtend kon hij er mee lachen: ‘Nu begrijp ik mama helemaal’.
Waarna we aanvielen op het exquis ontbijt. Hier ligt nu eens alles, uitgedrukt in de woorden van de zoon. Zonder scrupules deed hij zich tegoed, helemaal gelijk heeft hij – mijn gedacht.
Of het te maken had met dat copieuze ontbijt is maar de vraag. Het fietsen vlotte niet naar behoren. De voorziene afstand – 90 km in ’t verschiet – had blijkbaar een verlammende werking op mijn oude spieren. Het landschap was nochtans aan te raden: eerst door een plassengebied (met fietsveer) en dan nog ettelijke kilometers door ongerepte duinen om aan te komen in Haarlem, typisch Hollands maar wij misten al de binnenwatertjes. En behoorlijk druk daar in dat stadje: geen autoverkeer maar des te meer fietsers waardoor voortdurende aandacht op de weg nodig was om recht te blijven. Later op de avond zou dat ook in Amsterdam het geval zijn. Alvast een tip: mijd Amsterdam op zaterdag, dat is niet te doen.
Keikapot was ik toen we het hotel bereikten, gelegen op 10 km na het stadscentrum. Onderweg het aanbod van zoonlief afgeslagen om avondeten te doen in het Westerpark, dat zag ik toen al niet meer zitten. Nochtans is dat zeker een aanrader, meteen een belofte voor de toekomst: hier komen we nog eens terug. Wie gaat dan mee?
De hotelbuurt leek niet veel zaaks, blijkbaar was onze concentratie toen al weg. We avondmaalden – alweer gezellig – deze keer in een uiterst moderne nieuwe zaak naast het hotel. We zaten er helemaal alleen, toch stoorde dat er niet. Zoals steeds was de bediening uiterst correct en vriendelijk. Het eten idem dito – zoveel vlees heb ik op een bord nog niet gezien. Het tweede tripeltje later op de avond liet ik aan mij voorbijgaan. Tot jolijt van zoonlief, die nacht heb ik nauwelijks gesnurkt. Hij blijkbaar wel … maar natuurlijk wil hij dat niet toegeven!
De derde dag begint zoals aangekondigd met veel regen en nog meer wind. Gelukkig – wat een toeval, chance moet je verdienen – ligt naast ons hotel het treinstation Bijlmermeer. Wat zijn wij gelukkig daar de Sprinter – zo noemt die trein – te kunnen nemen richting Rotterdam. We zien wel waar we uitstappen, dat laten we van het weer afhangen. Eerst dwalen we nog even in hotelbuurt rond, daar ligt de Amsterdam Arena (voetbalplein Ajax) en dat lokt aan voor een bezoek. Na enige gepalaver (zoonlief is een twijfelaar, dat is gekend) besluiten we om de 16 EUR toegangsgeld (gidsbeurt inbegrepen) aan te spreken. Helaas, helaas, helaas zit de groep van 10.30 uur al vol. We moeten anderhalf uur wachten voor de volgende beurt. Meteen schuiven we deze attractie door naar een volgende gelegenheid om deze aan te raden buurt aan te doen. Hier komen we – bij leven en welzijn – nog terug, zeker weten! Met heel de familie, dat zou leuk zijn 🙂
Zoonlief is een durver en een doorzetter. Ooit meldde een meester in de lagere school dit aan zijn ouders. Vandaag levert hij een sterk staaltje van zijn capaciteit: zonder ticket stapt hij onvervaard op deze Nederlandse trein. Als werknemer bij de Belgische spoorwegen zou de Nederlandse conducteur hem wel gratis laten rijden, dat was de gok. Wat was ik blij niet in zijn buurt te zitten op die trein! De conducteur is echt wel een strenge kerel, geen doetje – zeker weten. Zoonlief speelt het stout – inwendig heel zenuwachtig – en toont zijn badge van Infrabel, de man aarzelt even – iedereen in de coupé hield z’n adem in – en zegt dan dat ‘het goed is’. Een doorzetter dus en besparingsoperatie gelukt, nu kunnen we onderweg nog iets deftig eten, hoera.
Al na 30 kilometer stappen we uit die trein. Om te fietsen – daarvoor zijn we hier gekomen – eerst van Woerden naar Gouda. Dat stadje hebben we nauwelijks gezien. We stranden op de middag op een terrasje aan een van de heerlijke watertjes boven Gouda, een plassengebied om u tegen te zeggen. Heerlijk geluncht daar, een kroket met mosterd en nog wat groentjes – meer moet dat niet zijn.
Op dat terras rijst dan het lumineuze idee (niet voor niets voel ik me de gids – ook al moet ik veel mijn meerdere erkennen in zoonlief) om niet rechtstreeks naar Rotterdam te fietsen. Van een van de vorige fietstochtjes (met vrouwlief Love) herinner ik me Kinderdijk en nog specifieker dat de ‘waterbus’ daar over de Maas de toeristen naar Rotterdam brengt. Het was een berekende gok: zou de waterbus vandaag varen … we arriveerden om 15.55 uur in Kinderdijk, even zoonlief op de vele molens – Werelderfgoed, veel buitenlandse toeristen – wijzen en dan vaststellen dat de waterbus om 16.03 uur afvaart. De volgende tocht is pas twee uren later. Maar we halen het – ondertussen heeft het al een hele bui geregend – en vliegen de Maas op. Spectaculair in deze weersomstandigheden, deze boot trekt op als een vliegtuig. ‘Nog even en straks gaat ie de lucht in’, zegt zoonlief nuchter. Hij kan het weten, door mijn vliegangst kan ik zijn deskundige kennis niet delen.
Twintig minuten later arriveert ‘de bus’ aan de Erasmusbrug. En toch nog een beetje tijd om echt Hotel New York aan te doen, zonder reservatie geraken we toch binnen.
Zo komt deze driedaagse fietstocht aan een mooi einde. Mooi was heel de tocht, een fijne ervaring. Voor mij is alles goed meegevallen: goed gezelschap – we kwamen goed overeen – mooie fietsroutes, aan te raden hotels en zeer goed gegeten. Nogmaals, meer moet dat voor mij niet zijn.
Hoe vond jij het, zoonlief?

2 reacties op ‘Gastblog van manlief

  1. Hey, zoonlief vond het zeer fijn!!! Ik zou natuurlijk ver kunnen uitweiden, maar het zou nooit even prozaïsch zijn als het verslag van de papa. In elk geval zijn de herinneringen er daarom niet minder mooi om.
    En ja, de leeftijd laat zich misschien voelen, maar ik zal toch blij zijn als ik na mijn 60e nog zo vlot over de 80 kilometer rijd op een dag. 🙂
    Merci voor het gezelschap!
    Zoonlief

    Geliked door 1 persoon

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s